Embryopolitiek

Het lijdt geen twijfel dat de PvdA vrijdag in het kabinet een gevoelige nederlaag heeft geleden. Staatssecretaris Bussemaker (Volksgezondheid, PvdA) had vorige week per brief aan de Tweede Kamer bekendgemaakt dat zij de mogelijkheid tot embryoselectie ter voorkoming van ernstige erfelijke aandoeningen op latere leeftijd toelaatbaar acht.

Dit betekende dat zij de mogelijkheid tot Pre-implantatie Genetische Diagnostiek (PGD) wil verruimen. Nu wordt deze techniek alleen gebruikt voor ouders die dragers zijn van ziekten die zich zonder twijfel in het nageslacht zullen openbaren. Bussemaker vindt dat ook mensen die een grote kans lopen op het ontwikkelen van borstkanker of darmkanker van deze mogelijkheid gebruik moeten kunnen maken.

Minister Rouvoet (Jeugd en Gezin, CU) tekende ernstig bezwaar aan met als resultaat dat de staatssecretaris nu zal komen met een „nader standpunt”. De komende tijd zal duidelijk worden of dit ook een ánder standpunt wordt. Bussemaker moet vasthouden aan haar mening, die zij weloverwogen en genuanceerd in haar veertien pagina’s tellende brief heeft uiteengezet.

Van belang is dat er principieel geen verschil is tussen de staande praktijk en het voorstel van Bussemaker. In beide gevallen selecteren artsen na reageerbuisbevruchting geschikte embryo’s om in de baarmoeder te worden ingeplant. Voor de ChristenUnie staat het vernietigen van embryo’s gelijk aan abortus. Maar abortus is toegestaan en het vernietigen van embryo’s onder voorwaarden ook. Het door de ChristenUnie gehanteerde argument dat het voorstel van Bussemaker leidt tot een hellend vlak van eugenetica is een drogredenering. De staatssecretaris bakent juist pijnlijk nauwkeurig af onder welke omstandigheden deze medische techniek wordt toegelaten.

De ChristenUnie gaat makkelijk voorbij aan het feit dat vrouwen die grote kans hebben op het ontwikkelen van erfelijke borstkanker nu genoodzaakt zijn over te gaan tot bijvoorbeeld borstamputaties als preventieve ingreep. De partij heeft er te weinig oog voor dat ouders hun kinderen deze ellende willen besparen. Hetzelfde geldt voor het feit dat in de huidige praktijk vrouwen vaak kiezen voor abortus wanneer zij tijdens de zwangerschap horen dat hun kind drager is van deze ernstige erfelijke aandoening. De rechtlijnigheid van de ChristenUnie mag zich niet ontwikkelen tot een bestuurlijke dwingelandij.

De Tweede Kamer zal zich nu over dit onderwerp buigen: eindelijk een spoeddebat dat ergens over gaat. In deze kwestie zijn compromissen nauwelijks voorstelbaar. Bussemaker heeft maar één keuze: vasthouden aan haar brief, of ongeloofwaardig worden. Voor de ChristenUnie, die kleinste coalitiepartner, geldt hetzelfde.

Een speciale commissie om de zaken nog eens op een rijtje te zetten, biedt geen oplossing. Het CDA heeft zich tot nu toe stilgehouden. Toch is minister Klink (Gezondheidszorg, CDA) verantwoordelijk voor het optreden van zijn staatssecretaris. Eigenlijk is dit een gelegenheid waar de minister-president als verantwoordelijke voor de eenheid van het kabinetsbeleid een hoofdrol zou kunnen spelen.