Provincies mengen zich in busstaking

Sinds gisteren rijden de streekbussen helemaal niet meer. De kille verhouding tussen provincies en de vervoersbedrijven is het gevolg van de privatisering.

Twee actievoerders bij de busremise in Apeldoorn. De busstaking is uitgebreid naar grote delen van het land. De chauffeurs willen meer loon. Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold apeldoorn 2 actievoerders foto rien zilvold Zilvold, Rien

Jaus Müller

Staken mag, maar de burger wordt nu wel erg hard getroffen, vindt gedeputeerde George van Heukelom (SGP) van de provincie Zeeland. „Ik word gebeld door burgers die aan mij vragen hoe ze naar het ziekenhuis moeten komen nu de bussen al twee dagen niet meer rijden.”

Zeeland laat het er niet bij zitten sinds de chauffeurs gisteren besloten het werk voor onbepaalde tijd neer te leggen. Ze eisen meer loon van hun werkgevers. En die worden nu onder druk gezet door de provincies om het conflict te beslechten.

De vervoersbedrijven worden gefinancierd door de provincies. Nu de bussen niet rijden, krijgen de vervoersbedrijven minder geld. In sommige provincies krijgen de maatschappijen geld van de provincie per gereden kilometer. „Ik betaal gewoon niet”, zegt Van Heukelom. In Zeeland lopen de vervoersbedrijven op dagbasis „tienduizenden euro’s” mis, schat de gedeputeerde. Een exact bedrag wordt nog berekend.

Ook bedrijven in andere provincies lopen forse bedragen mis doordat de bussen in de remise blijven staan. „Ze moeten zich maar verantwoorden”, zegt gedeputeerde Job Klaasen (VVD) van de provincie Overijssel. In Groningen loopt de inkomstenderving op tot een half miljoen euro per week en de provincie Noord-Brabant gaat uit van „een half miljoen tot een miljoen euro per week”, aldus een woordvoerder.

De harde opstelling van de provincies is het gevolg van de verzakelijkte verhouding tussen de provincies en vervoersbedrijven. In 2000 werd het streekvervoer geprivatiseerd. Provincies deden een openbare aanbesteding op grond van een lijst eisen. Als de bedrijven in aanmerking wilden komen voor het laten rijden van de bussen, moesten ze zich aan die regels houden. „We hebben afspraken gemaakt over de dienstregeling en de punctualiteit”, zegt Van Heukelom. „Aan het eind van een bepaalde periode kijken wij of vervoerders zich aan die eisen hebben voldaan. Hoe langer de staking duurt, hoe minder geld ze krijgen.”

De provincies laten zich niet uit over de arbeidsvoorwaarden van chauffeurs. Ze vinden wel dat vervoersbedrijven een oplossing voor de onvrede onder chauffeurs moeten vinden.

Gedeputeerde Job Klaasen van Overijssel vindt dat er een einddatum moet worden ingesteld voor de staking. „Dit duurt te lang. Dit is slecht voor het imago van het openbaar vervoer. Wij als provincie doen ons best om er meer mensen gebruik van te laten maken. Daar steken we veel geld in. Maar mensen zeggen nu: ‘ik stap wel weer de auto in.’ Dat is net niet wat we willen.”

Klaasen is verontwaardigd over de opstelling van Connexxion, de vervoerder in zijn provincie. „Ik had verwacht dat ze contact met mij zouden opnemen. Maar ik moet alle informatie over de staking uit de krant halen.”

Waren de bussen wel blijven rijden als de regionale vervoerders niet waren geprivatiseerd? Gedeputeerde Van Heukelom: „Ook als het vervoer niet was geprivatiseerd, zouden de chauffeurs kunnen gaan staken. Door de verzakelijkte houding is een flink deel van de overhead verdwenen. Er is een scherpere prijs ontstaan. Dat is juist goed voor de burger.”