Land zonder bergen

Maoïsten die de macht grijpen. De Verenigde Staten die ermee in gesprek gaan. Nee, nee, de wereld is niet meer wat hij is geweest.

De aardverschuiving afgelopen week in Nepal is in meerdere opzichten revolutionair. Zo was het twee jaar geleden ondenkbaar dat een moorddadige volksbeweging in staat zou zijn tot serieuze politiek. En wie had kunnen geloven dat de zelfbenoemde hoeders van de democratie met maoïsten tot een vergelijk zouden kunnen komen?

Nu klinkt de term maoïst ook wel spannender dan hij is. De Peruaanse terreurbeweging Lichtend Pad noemt zichzelf ook zo, maar het enige wat zij met het maoïsme gemeen heeft, is dat zij langdurig strijd levert. Een bloedige, dat wel, maar zo zijn er wel meer.

Mao Zedong verzon zijn strategie voor een Volksoorlog in de jaren dertig toen hij strijd leverde met het toenmalige Chinese regime en later met Japan. Een eindeloze guerrilla vanuit de Chinese binnenlanden die een veel sterkere vijand naar plaatsen moest lokken waar zij het kwetsbaarst was. Het ultieme doel was natuurlijk de oprichting van de communistische éénpartijstaat.

De Nepalese maoïsten hebben ook een lange guerrilla achter de rug en met meer dan 13.000 doden aan eigen en andere kant, genoeg bloed aan hun handen. Maar daar houdt de vergelijking op. De ‘maoïsten’ van Nepal hebben hun wapens inmiddels ingeleverd, zijn deel van het democratisch proces en daarmee acceptabele gesprekspartners van de Verenigde Staten geworden.

Gezien die ontwikkeling is dat ook niet zo vreemd. Het is voor een democratische land misschien wel vreemder om bevriend te zijn met een constitutionele monarchie zoals de onze. Goed, onze monarch heeft dan een zeer beperkte macht en eigent zich geen rechten toe zoals (ex-)collega Gyanendra. Maar naast al het drama in een verafgelegen land, waar wordt afgerekend met archaïsche tradities, oogt de instandhouding van het eigen koningshuis extra dwaas. In Nepal betaalt een gevallen vorst belasting en wordt zijn beeltenis op alle munten vervangen: door die van een berg.

Wij hebben geen bergen.

Floris-Jan van Luyn