Ik heb hem vermoord

Arnon Grunberg is in Irak. Deel 14 van een serie.

In de ‘Stryker’ rijden wij terug van de nachtelijke patrouille naar onze basis Joint Security Station Saba al-Bor. Ik zit naast vertaler Sam. Toen hij zestien was, speelde hij voor het olympisch voetbalteam van Irak.

‘Wat stond je?’, vraag ik.

‘Aanval,’ zegt hij.

De vering van de Stryker is niet best, daarom wordt ons aanbevolen onze helmen op te houden.

‘Waarom ben je niet doorgegaan met voetballen?’

‘Ik kreeg het druk met andere dingen’, zegt Sam.

‘Waarmee dan precies?’

‘Mijn vader werd vermoord.’

Ik neem een fles water uit de koelbak.

‘Was het etnisch geweld?’, informeer ik.

‘Nee’, zegt Sam. ‘Mijn vader was een sjiiet en hij werd vermoord door een sjiiet. Een dief.’

Ik knik. Volgens een artikel in The New Republic is de volgende oorlog in Irak die tussen sjiieten en sjiieten.

‘En toen?’, vraag ik.

‘De moordenaar van mijn vader woonde bij ons in de buurt. Ik ben naar hem toegegaan en ik heb hem vermoord.’

Ik neem een slok water en vraag Sam of hij ook wil, maar hij wil niet.

‘Maar je was zestien,’ zeg ik. ‘Had niet beter iemand anders dat kunnen doen? Een oudere broer? Of een oom?’

‘Ik heb wel een oudere broer, maar die woonde ergens anders. Hij was ook niet zo betrokken bij de familie.’

Ik knik. ‘En de buurt, wat zeiden de mensen in de buurt ervan?’

‘Die wisten waarom ik hem vermoord had.’

Weer knik ik.

‘En je moeder?’ vraag ik.

‘Die is ook gestorven.’

‘Vermoord?’

‘Nee, gewoon gestorven,’ zegt Sam. Ik weet dat Sam, inmiddels 18, onlangs getrouwd is.

‘Dus je ouders waren niet op je huwelijk?’, vraag ik overbodig.

Hij schudt zijn hoofd.

‘Waar heb je je vrouw eigenlijk ontmoet?’, wil ik weten.

‘Ze was mijn buurvrouw’, zegt Sam.

‘Houd je van haar?’

‘Ze was mijn buurvouw’, zegt Sam.

‘Maar houd je van haar?’, vraag ik nog eens. Hij lijkt de vraag niet te begrijpen.

‘Ze was mijn buurvrouw’, herhaalt hij.

Dan zegt hij: ‘Je zult me wel slecht vinden.’

‘Oh nee, ‘zeg ik. ‘Helemaal niet.’ Ik sla een arm om hem heen. ‘Zo gaan die dingen.’

We zijn op onze basis aangekomen. Het is ver na middenacht, maar enkele militairen zijn nog bezig in de geïmproviseerde fitnessruimte.

Ik pak het tijdschrift Men’s Health dat rondslingert en begin een artikel te lezen waarin staat wat ik moet doen om gezond te blijven.