Faillissementen in luchtvaart op komst

Luchtvaartmaatschappijen hebben de betreurenswaardige neiging failliet te gaan. Nu de olieprijs 130 dollar per vat bedraagt, jaagt bijna iedere Amerikaanse luchtvaartmaatschappij er bergen geld doorheen. Als de brandstofprijs hoog blijft en de passagiersaantallen afnemen – wat waarschijnlijk is in een recessie – zullen er waarschijnlijk een paar failliet gaan.

Hoewel vrijwel iedere Amerikaanse luchtvaartmaatschappij zware tijden te wachten staan, lijken de problemen het nijpendst bij United Airlines, Northwest en US Airways. Gezamenlijk zouden deze drie ondernemingen in 2008 wel eens 3,5 miljard dollar kunnen verliezen, aldus onderzoek van Credit Suisse. Dat is een indrukwekkend bedrag, vooral gezien het feit dat hun totale marktwaarde minder dan 3 miljard dollar bedraagt.

Hoe lang houden ze dat nog vol? De grootste variabele is olie. Een daling van de brandstofprijzen zou hun lasten duidelijk omlaag brengen. Maar alle drie de ondernemingen zullen volgens Credit Suisse nog steeds in de rode cijfers blijven als de olieprijs daalt naar 100 dollar per vat. Als de olieprijs niet daalt, hebben de drie maatschappijen waarschijnlijk net genoeg geld om overeind te blijven tot eind volgend jaar, maar niet veel langer.

Dan mogen de zaken er natuurlijk niet slechter op worden. De luchtvaartsector is bijzonder conjunctuurgevoelig. Als de economie achteruitgaat, kunnen de passagiersaantallen en de winstmarges verder inzakken. Het vliegen met nagenoeg lege vliegtuigen is over het algemeen de snelste route naar een faillissement.

En als de creditcardmaatschappijen plotseling zouden besluiten meer opbrengsten uit de ticketverkoop vast te houden – wat ze kunnen doen als bescherming tegen de mogelijkheid dat de betreffende luchtvaartmaatschappij tussen de verkoopdatum van het ticket en de vertrekdatum failliet gaat – zou dat Northwest en US Airways pijn kunnen doen. Concurrent Frontier Airlines schreef zijn recente faillissement toe aan een dergelijke stap van zijn verwerker van creditcardtransacties.

De maatschappijen doen uiteraard wat ze kunnen. Ze kunnen een hogere brandstof- en bagagetoeslag op de prijs leggen. Ze kunnen vliegtuigen die te veel brandstof verbruiken afstoten en bezittingen of landingsrechten verkopen. Dergelijke maatregelen stellen de maatschappijen wellicht in staat een hoge olieprijs langer vol te houden, maar op zichzelf zijn ze waarschijnlijk niet voldoende om te overleven.

Langverwachte fusies lijken de sleutel te zijn tot het voorkomen van een harde landing. Door te fuseren kunnen de maatschappijen veel capaciteit schrappen en mogelijk op sommige routes de prijzen verhogen. Maar als ze er niet in slagen de capaciteit op deze manier terug te dringen, zou de oliemarkt het vuile werk wel eens voor ze kunnen opknappen via een serie faillissementen.

Robert Cyran