PvdA moet uit de kramp komen en meer nadruk leggen op binden en verheffen

De Partij van de Arbeid stelt zich te angstig op en dreigt in een conservatieve reflex te schieten. Maar samenwerking met de SP voorlopig toch maar niet. Vijftien suggesties om de verlamming te doorbreken.

Illustratie Lizzy Nieuwenhuis nieuwenhuis, lizzy
Frans Timmermans

Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken, met name belast met Europese samenwerking. Van 1998 tot 2007 Tweede-Kamerlid voor de PvdA.

In heel Europa heeft de rode familie het moeilijk en is zij in het defensief. Dat geldt zeker voor de PvdA, die zich als een aangeslagen bokser gedraagt. Zonde van de tijd. Er ligt een enorme uitdaging, want liberale en conservatieve recepten zijn uitgewerkt en de PvdA moet het verschil gaan maken. Maar dan moet de partij er wel voor zorgen dat angst – in partij én samenleving – snel plaatsmaakt voor hoop.

Angst verdwijnt pas als je je demonen in de ogen durft te kijken. Demonen die zich laven aan een paar omstandigheden.

In de eerste plaats heeft het verdwijnen van het communisme een einde gemaakt aan een ideologisch krachtenveld tussen ongebreideld kapitalisme en onvrij communisme, waarbinnen sociaal-democraten konden werken aan een op waarden gebaseerde samenleving met bestaanszekerheid voor iedereen.

In de tweede plaats leidt de globalisering in combinatie met de dreiging van het moslimterrorisme in de hele samenleving tot angst en onzekerheid over maatschappij en identiteit.

Deze twee punten versterken, ten derde, de door de individualisering toch al aanwezige tendens om zich terug te trekken in de privéwereld. Het publieke domein is afgekalfd tot een service provider als er iets in die privé wereld hapert. De burger is een consument geworden. En de overheid behandelt hem als klant. Maar de verzorgingsstaat floreert pas als de dienstverlening excelleert én de burger participeert, het één kan niet zonder het ander.

Een van de intrigerendste zaken in de huidige Nederlandse samenleving is het grote contrast tussen private tevredenheid en publieke ergernis. Zo tevreden als Nederlanders zijn met hun privésituatie, zo ontevreden zijn zij over de publieke ruimte.

De PvdA is geboren uit vooruitgangsdenken en heeft daarmee ontzettend veel bereikt. Maar nu voor het eerst sinds de oorlog vrees voor achteruitgang sterker is dan hoop op vooruitgang, dreigt de PvdA in een conservatieve reflex te schieten. Dat is een doodlopende weg die schijnveiligheid oplevert en verstikking van solidariteit en emancipatie, onze belangrijkste instrumenten voor de verheffing van de zwaksten. De PvdA moet haar missie een moderne invulling geven als zij de ambitie heeft een brede volkspartij te blijven. Vijftien punten voor de discussie:

1. Geef iedereen hoop en vertrouwen.

Volgens een studie van de Duitse SPD kent de huidige samenleving grofweg een driedeling. Eenderde van de bevolking maakt het uitstekend. Optimisme viert hoogtij, men kan alles zelf wel, de overheid is er vooral om ervoor te zorgen dat men geen last heeft van elkaar en van de anderen. Een ander derde heeft zich als het ware losgekoppeld van de collectiviteit, die men als vijandig ziet. Men haakt af en stimuleert de kinderen niet eens te proberen aan te haken. Tussen deze twee groepen in zit een middenklasse, het laatste derde, die de toekomst met zorg tegemoet ziet. De opbrengsten van de nieuwe economie zijn zeer ongelijk verdeeld. Met kapitaal wordt veel meer geld verdiend dan met arbeid. Wie zijn lot aan een bedrijf verbindt, loopt veel meer risico’s dan wie zijn zekerheid kan kopen met kapitaal. De toegenomen onzekerheid weegt voor werknemers zwaarder dan de groei van het aantal banen.

De meeste mensen verwachten dat het in de toekomst alleen maar minder wordt. Daarom is behoudzucht het parool. Dit leidt ertoe dat men niet langer een voorbeeld neemt aan diegenen in de samenleving die zich hebben weten te verbeteren, maar angstig de blik richt op diegenen die hebben afgehaakt. Men is bang door die groep als het ware te worden besmet. Dat leidt tot maatschappelijke verstarring, uitholling van solidariteit, en de impuls om degenen met wie het niet goed gaat – steeds vaker nieuwkomers – als melaatsen te behandelen.

De kerntaak van de sociaal-democratie is en blijft de emancipatie van mensen in de meest kwetsbare posities. Daar is solidariteit voor nodig. Die komt er pas als de samenleving hoop omarmt, vertrouwen in de toekomst hervindt en voor verandering kiest. Dan kan binding plaatsvinden en is verheffing bereikbaar voor iedereen.

2. Kies voor bezonnen modernisering

De globalisering kent kansen en bedreigingen. Wie zich blind staart op de bedreigingen, grijpt de kansen niet waar onze verzorgingsstaat van afhankelijk is. Wie de bedreigingen ontkent, voedt de tegenstellingen in de samenleving. Progressief links moet maatschappelijke processen niet langer zo fatalistisch benaderen als in de afgelopen twee decennia. De neoliberale cocktail van minder overheid, minder belastingen in minder progressieve stelsels en privatisering van publieke taken, is zo goed als uitgewerkt. Bezonnen modernisering vraagt om een duidelijkere regierol van de overheid, om herstel van evenwicht tussen arbeid en kapitaal, en om een herwaardering van de verzorgingsstaat.

3. Kies voor een overheid die let op economische en sociale vooruitgang

Voor een breuk met de achterhaalde neoliberale agenda is coherent en doortastend overheidsoptreden nodig, waarin de driehoek overheid, arbeidsmarkt, verzorgingsstaat een centrale rol speelt – zoals steeds in de geschiedenis van de sociaal-democratie. De verhouding tussen economische en sociale vooruitgang moet harmonieuzer worden. Wat die harmonie bedreigt, moet bestreden worden – en niet alleen verbaal. Excessieve beloningen in het bedrijfsleven, enorme bonussen voor falende bestuurders, het buitenspel zetten van belanghebbenden ten gunste van het belang van de aandeelhouders – het zijn ontwikkelingen die vreten aan de fundamenten van onze sociaal-economische ordening en met overheidsoptreden moeten worden bestreden. Dit is het fundament waarop sociale vooruitgang gebouwd kan worden.

4. Weersta de verleiding van nationalisme

Nationaal en internationaal is de overheid in diskrediet geraakt. Over talloze grenzen heen ontstaan in de samenleving netwerkculturen, waaraan overheden, in Den Haag en in Brussel, zich zouden moeten spiegelen. Want een overheid die niet meer bij de tijd is en niet wordt vertrouwd lokt zelf de holle retoriek van rechtse en linkse populisten uit en kweekt fatalisme bij goedwillende burgers. Een moderne netwerkoverheid, die behendig het juiste Nederlandse of Europese maatschappelijke sturingsinstrument weet in te zetten, kan voorkomen dat mensen de schijnveiligheid van de Hollandse Waterlinie opzoeken.

5. Kies voor dialoog en stel je kwetsbaar op

Nederland heeft nog steeds veel last van de verzuiling. De overgang van de verzuilde naar de individualistische samenleving is zo snel gegaan, dat wij geen methoden van overleg en pacificatie hebben ontwikkeld buiten de bestuursstructuren en de politieke partijen. Nu die enorm aan gezag hebben ingeboet, is de publieke ruimte in politieke zin van betekenis ontdaan. Daar is de samenleving veel meer door verweesd dan door tekortkomingen in het onderwijs of de zorg. Hierin ligt de basis van onze worsteling met de verhouding tussen individu en gemeenschap en ons gepruts met interculturele relaties. Pacificatie en conflictbeslechting tussen mensen hebben wij Nederlanders nooit geleerd, dat lieten wij over aan de leiders van de zuilen. Voor de rest van ons was het adagium toch vooral leven en laten leven. Dat breekt ons nu op.

Bij een op volwaardig burgerschap gebaseerde samenleving hoort respect voor de spelregels van de open dialoog. Maar dat veronderstelt een zelfvertrouwen dat nu ontbreekt. Daardoor zijn wij in een als-ik-iets-vind-dan-is-dat-zo- wat-jij-vindt-interesseert-mij-nietsamenleving beland. In plaats van stevig in de schoenen te blijven staan en radicaal op te komen voor dialoog en nuance, lijken ook de volkspartijen te vallen voor de verleiding van steeds extremere standpunten, steeds minder haalbare beloften, die steeds verder van de realiteit komen te staan en derhalve alleen maar grotere teleurstellingen veroorzaken. Zo maakt de hele politiek niet alleen zichzelf, maar ook de publieke ruimte tot een amusante bijzaak die nauwelijks betekenis heeft voor het dagelijkse leven van mensen, laat staan voor de inkleding van de samenleving. Politici die zorgen bloedserieus nemen zonder ze uit te vergroten, problemen aanpakken zonder gouden bergen te beloven, vertrouwen eerst geven en pas dan vragen, hebben het moeilijk boven het geschreeuw uit te komen. Maar alleen zij brengen een op volwaardig burgerschap gebaseerde samenleving naderbij.

6. Schep eer in goed werk

Het politieke discours wordt versimpeld in een tijd dat de maatschappij steeds complexer wordt en maatschappelijke sturing, de raison d’être van sociaal-democratische politiek, steeds moeilijker. Daarom loopt een aanzienlijk deel van het Nederlandse electoraat van verkiezing naar verkiezing telkenmale weer achter een nieuwe ‘verlosser’ aan. Het gaat daarbij niet langer om een coherent maatschappijbeeld of bewezen vermogens tot besturen en veranderen, het gaat alleen nog maar om een vage perceptie van waar de politicus voor zou staan.

In alle politieke systemen groeit de rol van personen, ten koste van ideologieën. Dat hoeft helemaal niet slecht te zijn als die personen zich eerst moeten waarmaken door binnen een politieke beweging of bij (voor)verkiezingen een coherent programma te presenteren en prestaties te leveren. Maar in het Nederlandse systeem wordt niemand echt getest voordat men aan het grote werk kan beginnen. Velen van ons glijden geruisloos door de partijstructuren. Via coöptatie door politieke kopstukken of gelanceerd door de media kunnen ze naar grote hoogte stijgen, zonder dat ze daarvoor iets hoefden te presteren. Ironisch genoeg geldt dat ook voor Wilders en Verdonk, die bij gebrek aan eigen kracht alleen maar groot konden worden door het systeem waar zij zich nu tegen af zetten in een poging zich er meester van te maken. Ondertussen wordt de cyclus van opkomst, glorie en ondergang van onze verlossers steeds korter. Een politicus heeft zijn vak nog niet eens kunnen leren, of is al over zijn houdbaarheidsdatum heen. Dit raakt de hele politiek, ook de PvdA. Alleen een combinatie van een coherent programma dat de complexiteit van de wereld niet ontkent en vakmensen die vertrouwen krijgen door bewezen kwaliteit, kan partijen helpen deze vicieuze cirkel te doorbreken.

7. Kies voor bestuurlijke vernieuwing

Maatschappelijke verbanden zijn duurzaam veranderd en de politiek komt er niet meer met ‘trust me’, want de burger vraagt voortdurend ‘show me’. Ons bestel moet worden aangepast om deze veranderingen te kunnen verteren. En voor een juiste balans tussen de personen- en partijendemocratie zal ook een politieke herverkaveling nodig zijn. Zeker op links zal synergie moeten ontstaan als wij de ambitie behouden verantwoordelijkheid te dragen. Dat kan worden gestimuleerd door constitutionele aanpassingen als een (gemengd) districtenstelsel en de rechtstreekse verkiezing van de minister-president. Het is ook nodig, want het zal steeds minder uit te leggen zijn dat als mensen worden opgeroepen te kiezen voor Balkenende OF Bos, zij na hun stembusgang als gevolg van het stelsel worden geconfronteerd met Balkenende EN Bos.

8. Maak van ‘Koning’ klant ‘Broeder’ burger

De PvdA moet een nieuwe consensus over burgerschap ontwikkelen. Uitgangspunt daarbij is gedeelde verantwoordelijkheid voor de publieke ruimte van burgers en overheid, waarbij politiek en overheid ophouden de burger als een consument te benaderen, als Koning klant die per definitie gelijk heeft. De collectieve sector ziet zichzelf teveel als voor en te weinig als van de mensen. Het nieuwe burgerschap vraagt om een netwerksamenleving met onvervreemdbare rechten en gedeelde verantwoordelijkheden voor alle burgers. Doel is verbetering van de samenleving door verhoging van de kwaliteit van alle gedeelde voorzieningen. Geen overheid, geen politieke partij kan dat alleen tot stand brengen. Politieke idealen en bestuurlijke plannen kunnen de richting aangeven, de verwezenlijking is alleen maar mogelijk als burgers zich er medeverantwoordelijk voor voelen.

9. Kom op voor rechtsstatelijkheid

In een interculturele, multinationale en dynamische omgeving kan burgerschap alleen maar opbloeien als de publieke ruimte is geordend op basis van algemeen aanvaarde rechtsregels. In de huidige verwarring over het onderscheid tussen het publieke en het private domein hebben burgers vaak de neiging hun privé-opvattingen tot norm voor het publieke domein te verheffen. Iedereen moet zich aan ‘de regels’ houden, maar of ik het doe, maak ik zelf wel uit. Daarom moet de wet consequent tegenover iedereen worden gehandhaafd. Ongelijkheid zal er altijd zijn, maar niet voor de wet. Alleen zo ontstaat evenwicht tussen de verworvenheden van het individualisme en de noodzaak van maatschappelijke binding, alleen zo kunnen nieuwe godsdiensten worden ingebed in een seculiere samenleving, alleen zo ontstaat voor iedere burger een echt vrije keus om te geloven of niet (meer) te geloven. Geloof mag nooit (meer) een excuus zijn voor de ondermijning of relativering van het met bloed, zweet en tranen verworven recht om gelijk te worden behandeld, ongeacht geslacht, (on)geloof, seksuele gerichtheid of handicap.

10. Kies voor de interculturele samenleving

Vrees voor achteruitgang gaat vaak hand in hand met vrees voor de islam. De PvdA vergist zich door hetzij te doen alsof die angst ‘niet netjes’ is, hetzij mee te huilen met de islamofobe wolven in het bos. Oprechte en goedwillende Nederlanders zijn bang geworden voor een ‘vijfde colonne’ in eigen land. Het fundamentalisme vormt een rechtstreekse bedreiging voor onze samenleving. Het terrorisme is sinds 9/11 heel dichtbij. Maar de strijd woedt vooral in het hart van de islam, zoals de Franse islamkenner Gilles Kepel dat noemt, tussen de fundamentalisten en de rest van de islamitische wereld. Bestrijd de eersten, wees bondgenoot van de laatsten. Het gaat, zoals altijd, om binden en verheffen. Mensen respecteren om wie ze zijn en aanspreken op wat ze doen. Zo worden zij volwaardige burgers.En daarom moet de PvdA kiezen voor de lijn van Aboutaleb en Marcouch.

11. Keer terug naar het verheffingsideaal

Door de snelle veranderingen en alle onzekerheid zijn wij vergeten dat uitsluiting, achterstand en uitzichtloosheid de belangrijkste voedingsbodem zijn voor huiselijk geweld, ongezondheid, criminaliteit, radicalisering en machteloze woede tegen de samenleving. Dat was in de mijnstreek van mijn grootouders niet anders dan in de binnensteden van vandaag. Zij hebben een dubbele emancipatiestrijd gevoerd en gewonnen, waardoor ik mijn talenten kon botvieren in het onderwijs, iets wat mijn veel meer getalenteerde opa niet was vergund. Wij moeten bondgenoten zijn van diegenen die nu hetzelfde willen bereiken. Toen en ook nu spelen religie en cultuur daarbij een grote rol, die ook als zodanig moet worden onderkend. Maar de hoofdrol was en is voor sociaal-economische verheffing.

12. It’s education, stupid!

Zoals de ontluikende opbloei van Rotterdam aantoont, valt er een wereld te winnen als we afleren weg te kijken bij problemen en mensen die het nodig hebben nadrukkelijker bij de hand nemen. Daarom kan er geen vrijblijvendheid meer zijn in het onderwijs, bij het leren van Nederlands en bij het aannemen van werk. Kennis opdoen en vaardigheden aanleren, dat zijn de moderne emancipatie-instrumenten. Werk zal er genoeg zijn, de uitdaging is om mensen toe te rusten om de banen ook te vervullen door veel meer nadruk op onderwijs, training en levenslang leren.

13. Zeg nee tegen populisme en ja tegen verantwoordelijkheid

Sociaal-democraten spreken populisten tegen, dat hebben zij altijd gedaan, dat moeten zij altijd blijven doen. Populisme moet worden ontmaskerd als modern opium van het volk, als instrument van politici die niet de moed hebben de complexiteit van de samenleving en de daarmee samenhangende complexiteit van de maatschappelijke ordening onder ogen te zien. Dat lukt nooit vanuit een houding: „If you can’t beat them, join them”. Hier geldt zonder enige twijfel: „If you can’t beat them, we all lose”.

De PvdA verliest mensen aan de populistische lokroep omdat ze zich niet meer door ons vertegenwoordigd voelen, omdat onze aanpak niet meer wordt gezien als een antwoord op hun zorgen. Daarom moet de PvdA laten zien dat een betrokken, directe aanpak resultaten oplevert. Onze wethouders kunnen dat, wij in Den Haag moeten het mede mogelijk maken.

Bij het samen nemen van verantwoordelijkheid en het samen zoeken naar oplossingen horen compromissen. Dat is in de politiek niet anders dan in ieder huisgezin. Een eervol compromis is iets om trots op te zijn, want de gemeenschappelijke winst overstijgt het individuele verlies. Zo en alleen zo kan maatschappelijke binding gedijen. Wie van de PvdA een natuurlijke oppositiepartij wil maken, miskent haar geschiedenis en haar missie.

Conservatief links vlucht in de schijnoplossing van een socialistische Waterlinie tegen de oprukkende globalisering. Heel even geeft het een goed gevoel, heel even zullen benarde burgers deze vluchtheuvel opzoeken. Maar op termijn zal het hun teleurstelling en boosheid alleen maar voeden, omdat zij niet de instrumenten krijgen die het mogelijk maken in zichzelf te investeren en kansen te pakken. De PvdA moet gaan voor de aanval en niet de terugtrekkende verdediging. Daarom is samenwerking met de SP nu onmogelijk.

14. Zoek een progressieve meerderheid

De PvdA moet altijd streven naar een links-progressieve meerderheid, net zoals het CDA altijd zal streven naar een rechts-conservatieve meerderheid. Samenwerking met conservatieven of liberalen is soms noodzakelijk, maar altijd tweede keus. De PvdA moet steeds verdere toenadering zoeken tot links-progressieve partijen als GroenLinks en D66. Lukt het met deze partijen tot een versterkte samenwerking te komen die aantrekkelijk is voor alle progressieve Nederlanders, dan kan worden getracht de SP van haar conservatieve koers af te krijgen. Dat lijkt gelet op de opstelling van die partij nu bijna illusoir, maar een coherenter links-progressief kamp biedt de SP een interessante keuze: zich ertoe bekennen of zich er fors van afkeren. In beide gevallen weet de kiezer waar hij of zij aan toe is.

15. Durf weer te dromen

Binding wordt pas een succes als denkers en kunstenaars schakels zijn van de ketting die voor die binding moet zorgen. De PvdA heeft hen te weinig uitgedaagd en moet nu de ramen opengooien, vrijdenkers de ruimte geven, creativiteit stimuleren. De kern is, om met Camus te spreken, dat wij de essentiële menselijke kwaliteit herontdekken die eruit bestaat de wereld door de ogen van een ander te kunnen zien. Dat is wat kunst vermag en het is een voorwaarde voor dialoog en daarmee voor democratie, solidariteit en emancipatie. Vooral is het een voorwaarde om weer te kunnen dromen.

Binden en verheffen, daar ging het om, daar gaat het om, daar moet het om blijven gaan.