Kampen Birma dicht, VN bezorgd

De Verenigde Naties hebben gisteren bezorgd gereageerd op mogelijke acties van het militaire regime in Birma om slachtoffers van de cycloon Nargis uit hun opvangkampen te zetten. Volgens Terje Skavdal, hoofd van het regionale kantoor van de VN-organisatie OCHA voor humanitaire hulp in Bangkok, zou „elke vorm van gedwongen of geforceerde verplaatsing van mensen volstrekt onacceptabel” zijn.

De verklaring volgt op berichten eveneens gisteren dat de junta dakloze families ontruimt uit de vluchtelingenkampen. Skavdal kon die berichten gisteren niet bevestigen.

Een andere VN-functionaris zei eerder die dag dat de junta vluchtelingen dwong de kampen te verlaten en hen „dumpte” in de buurt van hun verwoeste dorpen, zonder enige hulpmiddelen. Acht vluchtelingenkampen in de zwaar getroffen Irrawaddy-delta zijn „volledig verlaten”, volgens Teh Rai Ring van Unicef, het VN-noodfonds voor kinderen.

Volgens lokale hulporganisaties worden 39 opvangkampen in een dorp ten zuiden van de hoofdstad Rangoon momenteel ontruimd op last van de autoriteiten. In Rangoon zouden zeker 400 vluchtelingen een noodcentrum in een kerk hebben verlaten op bevel van de regering.

Hulpverleners zeggen ondertussen nog steeds door het regime gehinderd te worden bij het verlenen van noodhulp. Sommigen wachten nog op visa, het Rode Kruis zou nog geen toestemming hebben gekregen voor 30 hulpverleners om het rampgebied binnen te gaan. Vorige week beloofde juntaleider Than Shwe nog volledige medewerking en het versoepelen van de reisbeperkingen aan secretaris-generaal Ban Ki-moon van de VN.

Circa 2,4 miljoen mensen zijn naar schatting dakloos geraakt nadat cycloon Nargis begin mei over Birma raasde. Volgens het militaire regime zijn er 78.000 doden gevallen en zijn er nog eens 56.000 vermisten. De VN zegt dat de helft van de 2,4 miljoen getroffenen nog geen hulp heeft ontvangen van de regering of lokale of internationale hulporganisaties. (AP, Reuters, BBC)

Nieuws en achtergronden over Birma op nrc.nl/birma