Het spitsenprobleem opgelost

Een openingsnederlaag tegen de Sovjet-Unie leidde in 1988 de Europese titel van Oranje in. Spits Bosman maakte plaats voor spits Van Basten. Die werd uitblinker en topscorer van het toernooi. Beide oud-internationals blikken terug.

20-05-2008: Voetbal: Training Oranje: Katwijk Marco van Basten tijdens de training in Katwijk Aan Zee Fotograaf OrangePictures/Cees van Hoogdalem Hoogdalem, Cees van

In mei 1988 twijfelt John Bosman er nauwelijks aan dat hij de eerste spits is van Oranje. Hij heeft zijn waarde in de voorbereiding op het EK in West-Duitsland bewezen. De deelname hangt lang aan een zijden draad door de ‘sinaasappelbom’ die een inwoner uit Oss tijdens de wedstrijd tegen Cyprus in De Kuip op het veld gooit. Gelukkig is professor Co Greep er nog, de voetbalgekke hoogleraar uit Maastricht. De chirurg verklaart voor de tuchtcommissie van de UEFA dat de Cypriotische doelman Andreas Charitou zich behoorlijk heeft aangesteld. De straf (0-3 nederlaag in plaats van 8-0 zege) wordt omgezet in het overspelen van het duel. Bosman heeft in het eerste duel vijf keer gescoord. Doelpunten die hij nog steeds meerekent op zijn erelijst. „Want de KNVB heeft ze ook geaccepteerd”, meent Bosman twintig jaar later. In de reprise tegen Cyprus in het Ajax-stadion scoort hij drie keer (uitslag 4-0).

Het vertrouwen van bondscoach Rinus Michels in Bosman is op deze wijze gegroeid. In het laatste oefenduel tegen Roemenië krijgt hij de voorkeur boven Wim Kieft. Maar op het laatste moment heeft Marco van Basten zich aangesloten bij Oranje. De huidige bondscoach weet nog goed hoe dat seizoen is verlopen. In het najaar van 1987 gaat hij onder het mes voor zijn enkel. „Pas in april speelde ik voor het eerst weer mee met Milan. Ik ben nog kampioen geworden, maar had nauwelijks wedstrijdritme toen ik bij Oranje kwam”, aldus Van Basten.

De spits heeft een blauw oog en gezwollen jukbeenderen. „Opgelopen in een oefenduel tegen Real. Gebroken jukbeen. Direct na aankomst in Amsterdam ben ik eraan geopereerd.”

Van Basten kon al snel weer meetrainen. De oefenwedstrijd tegen Roemenië, waarin hij linksbuiten is, wordt een grote teleurstelling. Op de parkeerplaats van het Olympisch Stadion komt hij na afloop zijn beschermheer en oud-trainer Johan Cruijff tegen. „Ik dacht op dat moment: ‘heeft het wel zin om in die rol mee te gaan naar het EK’”, vertelt Van Basten nu. „Ik wilde me niet laten piepelen. Cruijff zei ook tegen me: ‘Je moet je afvragen of het verstandig is’. Dat bedoelde hij oprecht, meer niet. Jij, als grote voetballer laat je toch niet gebruiken? Maar ik heb nooit overwogen niet te gaan. Mijn insteek was: ik ga mee om te trainen en zorg dat ik half juli weer fit ben voor Milan. In Duitsland ging dat al meteen de goede kant op. In de trainingspartijtjes werd ik steeds in het tweede team ingedeeld met spelers als Troost en Koevermans. Wij wonnen meestal van het A-team.”

Bosman voelt dan al een beetje nattigheid. „Je zag dat Marco steeds fitter werd. Hij vroeg om extra trainingen. Tegen de Sovjet-Unie, in de eerste groepswedstrijd, mocht hij invallen. Liepen we elkaar voorin in de weg.”

Bij Ajax vormden Bosman en Van Basten een paar jaar eerder juist een koningskoppel. Na de winterstop van het seizoen ’85-’86 zette coach Cruijff Van Basten op het middenveld, want hij moest zich „veelzijdig ontwikkelen”. Ook toen trotseerde hij de opvatting van zijn leermeester. Bosman: „Marco zei: ‘ik ben spits’. En hij kwam weer voorin te staan. We kregen veel voorzetten van de vleugels. Voor het doel pakte Marco de eerste paal en ik de tweede. In het tweede seizoen van Cruijff maakte ik er 23 en Marco 31.”

In Oranje heeft Bosman (dertig interlands, 17 doelpunten) steeds concurrentie gehad van de vaak geblesseerde, maar meer getalenteerde Van Basten. „Mijn hele loopbaan heb ik gehoord: als Marco fit is, staat hij in de spits. Ik wist dat Marco meer kon dan ik. Maar ik had heus zelfvertrouwen. Ik was sterk in de lucht, kon goed kaatsen. Maar Marco had ook nog een actie. Hij wilde de nummer één zijn. Die drive miste ik. Ik had tot mijn zeventiende nooit prof willen worden. Ik voetbalde alleen om met mijn vriendjes te kunnen spelen. Marco was professioneler. Hij kreeg altijd de meeste aandacht. Vond ik prima. Ook in het veld trok hij vaak twee verdedigers naar zich toe. Daar kon ik dan van profiteren. Het was vaak een wedstrijdje: wie maakt de meeste doelpunten.”

Na de 1-0 nederlaag in het eerste EK-groepsduel tegen de Sovjet-Unie gooit Michels het elftal om. Het systeem wordt 4-4-2. Erwin Koeman vervangt John van ’t Schip die linksbuiten was, Van Basten houdt Bosman buiten het team. Die mag tegen Engeland zelfs niet invallen. Van Basten scoort drie keer (3-1) en brengt Oranje terug in de race. „Die wedstrijd was echt een bevrijding”, aldus Van Basten. „Na al het blessureleed brak voor mij de lucht open. Daarvoor was alles mistig en regenachtig geweest. Er zat veel spanning op, we moesten winnen. Ik voelde me nerveus vooraf. Zelfs een vakman als Michels was een beetje in paniek. Hij had alles van tevoren zo goed doordacht. Het team zou hij niet meer veranderen. Deed hij toch op drie, vier plaatsen. Ik snap hem nu wel, je ziet het op alle niveaus dat trainers zich bedenken.”

Bosman krijgt geen uitleg van Michels. De huidige scout en spitsentrainer van AZ neemt er genoegen mee. „Een coach kan daar niet aan beginnen. Nadat Van Basten drie keer had gescoord, wist ik dat het voor mij voorbij was. Ik heb nog vijf minuten gespeeld tegen Ierland. Veel mensen zeiden later tegen me dat ik met mijn vuist op tafel had moeten slaan. Zit niet in mijn karakter. Ik had steun aan Van ’t Schip die in hetzelfde schuitje zat. We zeiden: we kunnen er wel chagrijnig van worden, maar het is misschien beter er nog een leuke tijd van te maken. Van ’t Schips vervanger Erwin Koeman was meegegaan als schoenenpoetser en speelde vervolgens een fantastisch toernooi. Kieft had net de Europa Cup 1 gewonnen en baalde ook.”

Bosman kan geen kritiek over zijn lippen krijgen op de in 2005 overleden Michels. „Hij was ervaren en had heel veel charisma. Met één opmerking kreeg hij de hele groep in een deuk van ’t lachen.” Van Basten vindt Cruijff de beste trainer onder wie hij heeft gespeeld. „Hij was tactisch ongelooflijk goed onderlegd. Michels was meer een man van een goede organisatie. Hij heeft professionalisme bijgebracht. Zoals goed eten en vroeg naar bed gaan. Hij zou mij voor het EK op scherp hebben gezet met die reserverol. Allemaal geromantiseerd. Zo kun je heel mooie boeken schrijven.”

Na de ontsnapping tegen de Ieren (doelpunt Kieft in de 82ste minuut) volgt in Hamburg de clash tegen het gastland. Van Basten onderscheidt zich door het winnende doelpunt te maken. Er leven bij de spelers geen sentimenten uit het verleden, zoals wel eens wordt gesuggereerd. Hoewel Ronald Koeman zijn achterwerk afveegt met het shirt van Olaf Thon. Bosman: „We vonden die Duitsers, zoals Lothar Matthäus, gewoon enge mannen met hun maniertjes. Ze wonnen ook altijd. Er was vooraf sprake van koude oorlogvoering. Ik lag bij Gullit op de kamer en midden in de nacht ging de telefoon, omdat een Duitse journalist Ruud wilde spreken.” En Van Basten: „Ik heb geen nationalistische gevoelens gehad. Ik wilde gewoon winnen. Matthäus was inderdaad een speler die weinig sympathie genoot door zijn houding en de manier waarop hij theater maakte. Verder vormde het bereiken van de finale een bevestiging ten opzichte van de generatie van ’74 dat wij ook aardig konden voetballen.”

In de finale tegen de Sovjet-Unie (2-0) maakt Van Basten in de 54ste minuut een weergaloze goal. Een voorzet van links van Arnold Mühren neemt hij in één keer op zijn schoen en krult de bal met een fraaie boog om doelman Rinat Dassajev heen. „Je doet het in een flits. Ik probeerde het maar. Op dat moment was het me gegund. Het zou logischer zijn geweest als ik de bal eerst had aangenomen. Onlangs discussieerde ik met Frank Rijkaard nog over dat doelpunt. Ik zei: ‘Je hebt er veel geluk bij nodig’. ‘Nee’, vond hij, ‘het feit dat je het probeert, is belangrijk’. Je bent dagelijks bezig met afwerken op doel om dit soort doelpunten een keer te kunnen maken. En dan kan er zoiets ontstaan. Het gekke was dat ik door die enkel helemaal niet zoveel had afgewerkt op de trainingen. Ik schoot in een bocht, omdat het gewricht een beetje vastzat.”

De thuiskomst maakt veel indruk op Bosman. „Toen pas merkten we wat we hadden losgemaakt. We landden op Eindhoven en moesten met de bus naar Amsterdam. Die reed over de snelweg vijftig, zestig kilometer per uur door een haag van mensen.” Het bezoek aan het Koninklijk Huis laat Bosman aan zich voorbij gaan. „Ik ging die zondagavond na de huldiging liever op vakantie naar Ibiza, want ik had maar twee weken. Het reisbureau zag me op het Museumplein staan en dacht: die komt niet meer. Was m’n plaats in het vliegtuig bezet. Ze hebben toen mensen uit het toestel gehaald.”

Van Basten gaat twintig jaar na dato weer naar een EK. Hij vindt niet dat de selectie van toen uit grotere persoonlijkheden bestond. „Als de huidige generatie het EK zou winnen, worden hun persoonlijkheden twee keer zo groot. Zo word je een ster. Trouwens, spelers als Van Persie, Sneijder, De Zeeuw, Van Nistelrooy en Van der Sar zijn al kerels, hoor!”