Zoektocht naar de vrijheid van de dood

Tiziano Terzani: Het einde als begin Gesprekken met mijn zoon over het leven. Opgetekend door Folco Terzani Primavera Pers, 311 blz. € 22,50

Toen de Italiaanse journalist Tiziano Terzani in 2004 te horen kreeg dat hij kanker had, ongeneeslijk, riep hij zijn zoon Folco bij zich. Hij wilde praten, zijn visie op het leven doorgeven. Folco, een documentairemaker, toog naar het familiehuis in Orsigna, in het noorden van Toscane, en sprak drie maanden lang iedere dag met zijn vader, een uurtje, om hem niet te veel te vermoeien. De bandrecorder liep mee, en na Tiziano’s dood heeft Folco de gesprekken verzameld in een boek.

Het einde als begin, in Italië en Duitsland een bestseller, is het verhaal van een avontuurlijk leven. Opgroeien in een arm gezin in Florence, kansen krijgen bij typemachinemaker Olivetti, gefascineerd raken door Azië, en dan de kans om voor Der Spiegel (zijn vrouw is Duitse) correspondent te worden. Vietnam, Laos, Cambodja, het opengaan van China: Terzani vertelt er anekdotisch over, zonder de pretentie van volledigheid.

Maar de aantrekkingskracht van het boek zit niet zozeer in de stoere verhalen over diners met een handgranaat op tafel. Die zijn al eerder verteld, en soms beter, minder fragmentarisch. Wat Het einde als begin bijzonder maakt, is het gedeelte waar Terzani praat over onthechting, over het loslaten van verlangens. Dat appelleert aan de behoefte bij veel lezers aan een nieuw soort spiritualiteit.

Die is bij Terzani niet opgekomen door de fatale diagnose. Eerder had hij al een radicale stap gezet, door een aantal maanden in een hutje in de Himalaya te gaan zitten. Op zoek naar vrijheid, naar wat hij omschreef als de essentie van alles. Zo is een levensfilosofie ontstaan waarin hij zijn ziekte ziet als een geschenk, omdat die hem dwingt na te denken over de dood.

Soms resulteert dat in ronkende zinnen: ‘Nog volmaakter zou het zijn als je goed en kwaad kon integreren, leven en dood. Als je dat niet alleen met je verstand begrijpt, maar ook intuïtief, met je hart, dan heb je de essentie van het universum doorgrond.’

Maar Terzani heeft behartenswaardige dingen te zeggen over het einde van het leven. Hij zegt nieuwsgierig te zijn naar de dood. „We zijn zo bang voor de dood omdat we daarmee alles moeten opgeven wat ons na aan het hart ligt, onze bezittingen, onze verlangens en onze identiteit. Ik heb dat al gedaan.”

Het boek is minder een dialoog dan een opgetekend levensverhaal. Maar hier en daar vertelt Folco over zijn eigen gevoelens, zoals zijn ontzetting en die van zijn moeder als de oude man vertelt dat hij ook de liefde voor zijn vrouw, met wie hij 47 jaar getrouwd is, heeft losgelaten. Dat ‘betekent niet dat ik niet meer van haar hou, maar dat ik niet langer een slaaf ben van die liefde, dat ik er niet langer afhankelijk van ben.’ Het was moeilijk te begrijpen, maar het hielp ons hem te laten gaan, zo beschrijft Folco. Twee dagen later was Tiziano Terzani dood. Niemand huilde, aldus Folco. Het was goed zo.