VN kiezen geen partij voor NAVO

Dat de NAVO en de VN soms dicht op elkaar zitten, is onvermijdelijk omdat zij beide staan voor de verdediging van fundamentele waarden, meent James Appathurai.

Ambassadeur Lakhdar Brahimi, speciaal adviseur van de VN-secretaris-generaal, sprak zijn bezorgdheid uit over de wijze waarop men in Afghanistan tegen de VN aankijkt (NRC Handelsblad, 24 mei). Hij zei zeer bezorgd te zijn dat VN-personeel risico’s loopt, omdat men het idee heeft dat de VN „partij kiest in de oorlog” door „te dicht op de NAVO en de VS te zitten”. Zijn conclusie was dat de VN een zekere afstand tot de NAVO en de VS zou moeten bewaren.

Ambassadeur Brahimi is zeer gerespecteerd in internationale kringen, inclusief de NAVO. Maar op dit punt verschilt de NAVO echt met hem van mening.

NAVO-militairen zijn in Afghanistan op basis van een VN-mandaat om een missie in opdracht van de VN-Veiligheidsraad uit te voeren. Hun doel is hetzelfde als dat van het VN-personeel in Afghanistan: voorwaarden creëren opdat Afghanistan op eigen benen kan staan als een democratische, soevereine en welvarende staat waarin fundamentele mensenrechten worden gerespecteerd en die niet langer een bedreiging vormt voor de wereld.

Het verzekeren van een veilige en stabiele omgeving is het NAVO-deel van dat gezamenlijke doel. Het is het meest gevaarlijke deel. ISAF-landen hebben de laatste jaren talloze militairen verloren in Afghanistan. Elke gesneuvelde is een nationale tragedie en helaas weet ook Nederland dit als geen ander. Maar zonder het werk dat onze troepen doen, zou er geen ruimte zijn voor wederopbouw en voor ontwikkelingsprojecten die door andere organisaties, waaronder de VN, worden uitgevoerd. Tegelijkertijd kan er geen blijvende veiligheid zonder ontwikkeling zijn. Het zijn keerzijden van dezelfde medaille. Simpel gezegd, we hebben elkaar hard nodig.

Het klopt dat – zoals Ambassadeur Brahimi zegt – de VN-vlag minder bescherming tegen aanvallen biedt dan voorheen. Maar dat is ook zo bij VN-missies in andere delen van de wereld, waarbij de NAVO niet aanwezig is.

In sommige gevallen – met name wanneer een partij opzettelijk en systematisch mensenrechten schendt – is het onvermijdelijk dat eenieder die fundamentele waarden verdedigt, partij kiest. In Afghanistan valt de Taliban iedereen aan die de regering ondersteunt of die de waarden uitdraagt die ons zo na aan het hart liggen, zoals onderwijzers, studenten, medische hulpverleners, vrouwelijke politici, niet-gouvernementele organisaties (NGO’s) en VN-medewerkers. Zoals ambassadeur Brahimi zelf zegt: er kan geen neutraliteit bestaan ten aanzien van het kwaad.

In Afghanistan werken de VN, de EU, de Wereldbank en de NAVO samen om dezelfde doelstelling van een stabiele en welvarende staat te bereiken. Dat is ook de reden waarom al deze organisaties vertegenwoordigd waren op de speciale Afghanistan-vergadering tijdens de recente NAVO-top in Boekarest. VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon was daar, tezamen met de Afghaanse president Karzai. Beiden zullen ook met NAVO-secretaris-generaal Jaap de Hoop Scheffer aanwezig zijn op de komende Afghanistan-conferentie in Parijs.

Deze bijeenkomsten staan mede symbool voor de praktische samenwerking zoals die de laatste jaren tussen de VN en de NAVO is gegroeid, niet alleen op de grond in Afghanistan maar ook in Kosovo en bijvoorbeeld tijdens de NAVO-luchtbrug voor VN-hulp na de aardbeving in Pakistan in 2005.

Ambassadeur Brahimi’s zorg voor de veiligheid van de VN-staf delen wij volledig. Maar laten we de schuld leggen waar die hoort: bij de Taliban en anderen die bewust diegenen willen treffen die zichzelf niet kunnen verdedigen, of het nu Afghaanse burgers of VN-medewerkers zijn. We zouden hun niet toe moeten staan een wig te drijven tussen de VN en de NAVO in deze belangrijke missie.

Willen de internationale inspanningen in Afghanistan slagen – en dat moet – dan is een alomvattende civiel-militaire benadering onontbeerlijk. Daarvan vormt de samenwerking tussen de VN en de NAVO een cruciaal onderdeel.

James Appathurai is woordvoerder van de NAVO.