Vergeten

‘Ben je niets vergeten, Rintje?’ vraagt mama. Ze staat klaar om Rintje met de fiets naar school te brengen. „Heb je je schoolschrift en je trommeltje met brokjes bij je?”

„Ja hoor”, zegt Rintje, „ik heb alles bij me.”

„Goed zo”, zegt mama. „Ik heb geen zin om straks nog een keer naar school te fietsen omdat je iets vergeten bent.”

Daar komt de buurvrouw aanlopen. „Goedemorgen!” roept ze. „Wat een weertje vandaag. Nee, ik vind het maar fris voor de tijd van het jaar.”

Rintje vindt het gepraat van de buurvrouw maar saai. Hij snuffelt wat langs de stoep. Nu kan hij ondertussen snel nog even een plasje doen! Als hij klaar is, draait hij zich om.

Oei! Wat is dat? Mama is verdwenen, en de buurvrouw ziet hij ook niet meer. Beteuterd gaat Rintje op de stoep zitten.

Het duurt niet lang of mama komt hijgend aanfietsen. „Door dat geklets, was ik helemaal vergeten je in de mand te tillen! Ik merkte het pas toen ik al bijna bij school was.”

„Ík was niks vergeten”, zegt Rintje lachend, „maar jij!”

„Kom, nu gaan we snel naar school!” zegt mama en ze tilt Rintje in de mand.