Rommelwinkelesthetiek

De grotendeels instrumentale dancepunk van Justice en Holy Fuck staat in een lange traditie van elektronische muziek. „Uit kinderpiano’s halen we geluiden die ze eigenlijk niet zouden moeten maken.”

Holy Fuck in Rotown, Rotterdam Foto Bas Czerwinski 11-04-2008, ROTTERDAM. OPTREDEN HOLY FUCK IN ROTOWN. FOTO BAS CZERWINSKI Czerwinski, Bas

In 1982 verscheen de lp Dare van de Britse groep Human League, met daarop de hit Don’t You Want Me. Op Dare kwamen geen gewone instrumenten voor, alle muziek was gespeeld op synthesizers en drummachines. De Britse muzikantenvakbond kwam bijeen en riep op tot een verbod op synthesizers en drummachines, omdat muzikanten nu werkloos zouden worden. De oproep kreeg geen gehoor. Don’t You Want Me werd een internationale hit.

In 2007 maakte het Franse duo Justice haar debuut-cd ‘†’, met uitsluitend computers, elektronische effectapparaten en synthesizers. Deze stijl van muziek maken is inmiddels gemeengoed en Justice kreeg wereldwijd bijval voor zijn ruige dance-stijl, te horen in succes-singles als D.A.N.C.E en DVNO.

Vandaag, een zonnige voorjaarsdag in 2008, zitten de twee Justice-leden onderuit gezakt op een bank in het kantoor van hun management in Parijs: Xavier de Rosnay, met zwarte coupe sauvage en Aziatische oogopslag, en de slaperig kijkende Gaspard Augé. Die slaperigheid is maar schijn. De voormalige grafisch ontwerpers De Rosnay (25) en Augé (29) staan aan het hoofd van een muzikaal imperium met een eigen kledinglijn, spraakmakende clips en een duistere vormgeving van podium en hoezen. Ze zijn bovendien dj en maken muziek die laat horen dat ook synthesizers kunnen rocken.

Want dat is de fase waarin de elektronische dansmuziek zich nu bevindt: synthesizers en computers hebben het imago van ‘glad’ en ‘kil’ definitief van zich afgeschud. The Prodigy en Daft Punk lieten in het verleden al horen dat ook synthesizers ruig kunnen klinken. Dankzij muzikanten als Augé en De Rosnay weten we nu dat je met digitale apparatuur ook kan reutelen als een afvoerputje. Sneller kloppen de drummachines, scheller galmen de synthetische blazers – tot het geheel meer lijkt op hardrock dan op Kraftwerk.

De Rosnay steekt een Gauloise op en laat hem half opbranden voordat hij een trekje neemt. „We doen geen gitaren na”, zegt hij vanonder zijn zwarte pony. „Dat vervormde effect ontstond uit onkunde. Toen we deze nummers maakten, konden we nog niet echt met de software, de effectapparatuur en andere spullen overweg. We deden maar wat, zo kregen we dat rafelige geluid.”

Ook de keuze voor de apparaten was toeval. Augé legt zijn in skinny pants gestoken benen op de salontafel. „Elektronische spullen om muziek mee te maken zijn aantrekkelijk, omdat ze zo goedkoop zijn. Wij gingen een paar jaar geleden naar Cash Converters en kochten een paar van die kastjes omdat we ze mooi vonden. Na een tijdje probeerden we ze eens uit en zo ontstond onze eerste single. Die single was een succes. En de volgende ook. Ineens waren we geen grafisch ontwerper meer, maar muzikant.”

Behalve Justice, dat in eigen land Vitalic en Daft Punk als directe verwanten heeft, is de elektronische dancepunk tegenwoordig ook te horen bij muzikanten als MSTRKRFT (Canada), Digitalism (Duitsland), South Central en Fuck Buttons uit Engeland.

Het Canadese Holy Fuck, uit Toronto, is een geval apart. Ook deze groep klinkt compromisloos elektronisch, maar bereikt dit effect juist zonder gebruik van geavanceerde apparatuur. Vorige maand speelde Holy Fuck in Rotterdam op het Motel Mozaique Festival. Het toneel zag eruit als een uitdragerij. Behalve een drumstel en een paar keyboards stonden er tafels vol instrumenten goeddeels afkomstig uit rommelwinkels en speelgoedzaken: kinderinstrumenten op batterijen, een filmprojector om filmtapes langs te schuren, effectpedalen, oude keyboards en percussie-attributen.

De muzikanten slaan, hameren en schuren op hun eigen instrument en dat van elkaar. De drummer speelt strak als een drummachine, de keyboards vervormen tot er frenetieke dance met reutelende ondertoon ontstaat, en het publiek door de zaal stuitert op nummers als Echo Sam, Super Inuit en Milkshake, bekend van de recente cd LP (2007).

Net als bij Justice ontbreekt bij Holy Fuck

veelal de zang, maar zijn de melodieën zo beeldend dat ze zich als stemmen in de herinnering nestelen. Een paar uur voor hun concert zitten drummer Matt Schulz en keyboardspeler Brian Borcherdt op een terras in Rotterdam. Borcherdt neemt een slok bier en zegt: „Wat wij doen, zou je makkelijker kunnen maken met behulp van een computer. Maar dat doen we juist niet. Toen we in 2004 met Holy Fuck begonnen, hadden we als vuistregel dat we voor onze muziek geen hightechspullen wilden gebruiken. En bij liveconcerten zouden we ons niet van voorgeprogrammeerde instellingen bedienen, was de afspraak. Dus: geen computers.” Schulz: „Want we wilden het fysieke aspect van muziek maken niet kwijt. We willen slaan en roffelen op dingen die niet meteen kapot gaan. Bovendien zou ik niet weten hoe ik die geavanceerde software moest bedienen. Ik hou van makkelijk toegankelijke spullen.”

Borcherdt: „De moderne techniek biedt een letterlijk onbeperkt scala van mogelijkheden. Je kunt eindeloos variëren met klank, textuur en dynamiek van je geluid. Maar wij willen onszelf juist beperken. Dus werken we met spullen uit de kinderwinkel waar batterijen in moeten: Casio’s voor kinderen of tapeloops.”

Hij roffelt op de terrastafel. „We misbruiken die spullen. We halen er geluiden uit die ze niet zouden moeten maken.” Schulz: „De Casio-klanken voeren we door delay-pedalen en mixers, en die mixer voeren we dan weer terug door zichzelf. Dat is tegen de regels, maar het geeft een vervorming die wij mooi vinden. Of we delen het signaal van een apparaat in tweeën en samplen dat weer.” Borcherdt: „Met de computer zou het een fluitje van een cent zijn. Wij maken het onszelf liever moeilijk.”

Het uitgangspunt van ‘geen computers’ is geen voorwaarde bij nieuwe muziek, zegt Schulz. „We zijn niet dogmatisch in onze rommelwinkel-esthetiek. Voor een volgende plaat zijn we vrij om een andere aanpak te kiezen. Maar ook als we hightechspullen gebruiken, zal het ‘lofi’ blijven klinken, denk ik. Dat is nu eenmaal onze smaak.”

Schulz: „Als muzikant is het moeilijk om iets echt nieuws te doen. Wij zijn de directe erfgenamen van de Franse muzikanten die halverwege de vorige eeuw hun musique concrète maakten. Denk aan Pierre Schaeffer die tapes achterstevoren liet draaien.” Wel gebruiken de muzikanten van Holy Fuck altijd een bas en drums. „Voor het contrast”, zegt hij. „Ze vormen een neutrale tegenhanger van de bizarre geluiden die we verder maken. Bas en drums zijn een ijkpunt voor de luisteraar, anders zou hij geen referenties hebben.”

„Tijdens onze optredens ben ik me bewust van de mensen in de zaal”, zegt drummer Schulz. „Als ik me concentreer op mijn spel, kan ik het ritme van hun lichaam beïnvloeden. Dat is het mooiste wat ik kan bereiken: door te drummen bespeel ik de mensen in de zaal als marionetten.”

Bij een concert van Justice is minder

duidelijk hoeveel muziek Augé en De Rosnay zelf voortbrengen en hoeveel uit voorgeprogrammeerde computers komt. Zoals eerder te zien was op Lowlands in 2007 wordt bij hun optredens, zoals morgen op Pinkpop, het podium over de hele breedte in beslag genomen door een metershoge toren van apparaten: versterkers, speakers, synthesizers, equalizers. Daar bovenuit zien we de knikkende hoofden van De Rosnay en Augé, maar de grootste blikvanger is het enorme witte neonkruis dat vanaf de toren het publiek verblindt.

Xavier de Rosnay zegt over hun optredens: „We werken wel met kant en klare geluidstracks die we tijdens het concert opnieuw ordenen. Zo kunnen we met vaststaande elementen steeds iets anders bouwen. Tijdens het concert passen we ons aan aan de stemming van het publiek.” Hij steekt een hand uit om zijn peuk in de asbak te leggen. Aan de binnenkant van zijn pols staat een kruis getatoeëerd; hetzelfde driedimensionaal getekende kruis dat hun cd-hoesje en podium siert.

Ook de enkele zangpartijen uit de Justice-liedjes zijn bij concerten niet live gezongen. „Wij kunnen niet zingen. Als we een stem nodig hebben, zoals in ‘D.A.N.C.E’ of ‘DVNO’, vragen we bevriende zangers. Onze eigen stemmen zijn alleen geschikt om te vervormen.” Ze beginnen vals te jammeren. „Dat nemen we op en doen er van alles mee, zodat je het niet meer als stem herkent, maar als vioolachtig gezoem. In ‘Waters of Nazareth’ hoor je dat.”

Het gierende Waters of Nazareth is een van hun meest omstreden nummers, zegt Augé. „Dat zit vol vervorming en is zo extreem, dat veel mensen er niet naar kunnen luisteren.” De Rosnay: „Dat vinden we niet erg, we worden liever gehaat dan genegeerd.”

Toch zien ze een minder gruizige toekomst voor zich. Een muzikant moet zijn vaardigheden laten horen, vindt De Rosnay. Hij wijst door het open raam richting de binnenplaats. „In de straat daarachter wonen en werken we. We hebben samen een appartement dat vol staat met apparatuur. We kopen nu ook nieuwe spullen om muziek mee te maken. Onze volgende plaat zal netter klinken, omdat we nu meer weten en dat willen we laten horen. Dat rafelige geluid was leuk, maar nu zijn we een paar stappen verder.”

Augé: „We kopen nog wel eens wat bij Cash Converter, maar het is niet meer nodig. We hebben genoeg geld om de nieuwste software aan te schaffen.” Hij haalt zijn schouders op. „Ik snap nooit wat mensen tegen nieuwe spullen hebben. Waarom zou je retro zijn en muziek maken op oude apparaten, alleen maar omdat ze klinken als muziek van vroeger?”

De Rosnay: „Ons uitgangspunt is: werk met de apparaten uit jouw tijd. Toen Kraftwerk en Human League hun platen maakten, deden ze dat met de modernste apparatuur. Waarom zou je nu iets willen maken dat klinkt alsof het twintig jaar oud is? Sommige muziek van toen is nog altijd goed, juist omdat het toen gespeeld werd op de modernste spullen. Als we nu muziek maken met de techniek van nu, zal het over twintig jaar nog actueel klinken.”

‘†’ van Justice is uitgebracht door Warner Music. Optredens Justice: 31/5 Pinkpop, Landgraaf; 5/7 Five Days Off in Heineken Music Hall, Amsterdam. Zie justicemusic.com.Holy Fuck, Fuck Buttons en Digitalism treden op tijdens Lowlands, 15-17 augustus, Flevopolder.