Onze god

Ik heb nooit iets begrepen van economie. Wat ik begrijp, is dat iemand aardappels verbouwt en iemand anders graan en dat ze beiden iets over hebben en dan gaan ruilen. Wat ik begrijp is dat iemand slim kan zijn en aardappels en graan koopt om ze met winst te verkopen op een andere plek waar ze nog meer trek hebben in patat en jenever. Dat alles snap ik. Maar de economie snap ik niet.

Want de economie gaat erover dat iedereen steeds meer graan en aardappels koopt, waardoor de verkopers steeds rijker worden en steeds meer geld hebben om graan en aardappels te kopen. Dat heet economische groei en het is een soort god, aan wiens bestaan niet wordt getwijfeld dan op straffe van excommunicatie uit de maatschappij. Zodra de economische groei achterblijft bij onze verwachtingen, is gods toorn op ons neergedaald en de dag des onheils aangebroken.

Je vraagt je af waar al die aardappels en al dat graan vandaan moeten komen om de honger van onze groeiende god te stillen. Ze worden uit de diepste krochten van de aarde geschraapt. Ze worden weggesnaaid uit de tot bedelnap verkrampte handen van de verre volkeren in het zuiden. Hun honger en wereldwijde schaarste zijn minder belangrijk dan onze heilige noodzaak tot consumptie, die de eredienst is voor onze immer meer eisende gebieder.

Femke Halsema haalde deze week hier en daar een voorpagina met haar aankondiging van een manifest waarin zij oproept minder te consumeren. Dit is heiligschennis. Zij wil de god van de economische groei zijn eredienst ontzeggen. Als wij minder consumeren, zal de consumptieverkoper minder geld verdienen, waardoor hij zelf minder te besteden heeft aan consumptie.

Ik ben het vaak eens met Femke Halsema, maar in dit geval moet ik haar toch betichten van een veel te voorzichtig en conservatief standpunt. We moeten niet een jurkje minder kopen op koopzondag, we moeten onze god vermoorden, zoals wij al onze vorige goden hebben uitgehongerd. We moeten toe naar een scenario van economische krimp. We moeten niet proberen de economie te begrijpen, we moeten begrijpen wat aardappels zijn en graan en waarvoor ze dienen.

Ilja Leonard Pfeijffer