Messiaen ging moeilijk om met grootse leerlingen

Christopher Dingle: The Life of Messiaen. Cambridge University Press, 261 blz. € 29,95

Christopher Dingle: The Life of Messiaen. Cambridge University Press, 261 blz. € 29,95

Het nieuwste boek over Olivier Messiaen, die dit jaar honderd geworden zou zijn, is om vele redenen een stap voorwaarts. Het is voor kenners en liefhebbers – de eerste publicaties waren uiterst analytisch van karakter. Het is goed te lezen over leven én werk,en daarmee een grote vooruitgang na het boek van Hill en Simeone uit 2005 dat het leven voorop stelt. En het geeft uitstekend aan hoe Messiaen reageerde op zijn tijd en de tijd op hem.

Dingle maakt niet de klassieke biografenfout het werk te veel te verklaren uit het leven en is omgekeerd niet eenzijdig musicologisch door het werk te veel als autonoom te zien. Duidelijk blijkt hoezeer de katholieke componist, eerst atheïst en zoals veel late bekeerlingen tamelijk humorloos en roomser dan de paus, moeite had zijn plek te bevechten bij musici, critici en collega’s. De strenge gelovige moest de kost verdienen als bioscooporganist, les geven aan amper getalenteerden en koesterde zichzelf als een miskende grootheid.

Dat Messiaen, zeker in Frankrijk, de grootste van zijn generatie was, werd pas duidelijk direct na de oorlog. Al zijn werken uit de oorlog kwamen tot klinken, zijn muziek stond bij critici te boek als ‘een atoombom’ en hij degradeerde zijn generatiegenoten tot ongevaarlijk vuurwerk. Vanaf dat moment leefde hij tussen twee vrouwen: zijn geliefde Yvonne Loriod ging mee op concertreizen en zijn wettige echtgenote Claire Delbos dementeerde in een verzorgingstehuis. Hij liet zich inspireren door de vogels en trok, door de kracht van zijn muziek, vele leerlingen aan, ook Nederlanders. Na de dood van Delbos in 1959 keerde zijn innerlijke rust terug en werd de religie opnieuw de belangrijkste inspiratiebron voor zijn werk.

Dingle bespreekt de composities in chronologische volgorde en plaatst de werken tussen de levensfeiten. Zijn beschrijvingen van composities zijn elementair en met de juiste balans tussen techniek en emotie. Hij heeft een scherp oog voor het pikante van schijnbaar onbeduidende details, kan biografische details een muzikale draai geven en andersom, benadert zijn onderwerp met liefde en afstand en is een briljant stilist.

Hoe kleurrijk en scherpzinnig Dingle de conservatieve gelovige en muzikale vernieuwer ook schildert, hij beschrijft Messiaen vooral als een mens uit één stuk die zich nauwelijks bekommerde om de reacties van zijn omgeving. Als iemand die nog grotere componisten wel wilde accepteren, maar alleen als ze niet in zijn directe omgeving verkeerden, getuige de aanvankelijke moeite die hij had met zijn grootste leerling Pierre Boulez: niet wegens diens grote mond, maar wegens diens uitzonderlijke kwaliteiten. Wie aan één boek over Messiaen genoeg denkt te hebben, moet dit kopen.

Op 1/6 gaat in het Amsterdamse Muziektheater Messiaens opera Saint-François d'Assisi in première. zie www.dno.nl