Gratis geld voor Bank of America

Waarom steekt topman Ken Lewis van Bank of America (BofA) opnieuw 2 miljard dollar (1,3 miljard euro) van zijn kostbare kapitaal in China Construction Bank (CCB)? Het is nou niet bepaald zo dat Amerika’s grootste bank in het geld zwemt. Het kernkapitaal van BofA bevindt zich nog steeds onder de beoogde 8 procent van het balanstotaal, zelfs nadat de problemen op de kredietmarkten de bank dit jaar hadden gedwongen bijna 17 miljard dollar aan nieuw kapitaal binnen te halen. Sommige analisten denken zelfs dat een dividendverlaging mogelijk is.

Het verhogen van het belang in de Chinese bank met een onbenullige 2,5 procent moet dus wel bijna een onbehoedzame indruk maken. Maar wacht eens even. Het zou ook kunnen gaan om een slimme manier om snel geld te verdienen, zonder in de lastige situatie verzeild te raken dat je bezittingen moet verkopen die al in de boeken stonden.

BofA bezit reeds 8,2 procent van CCB, na in 2005 3 miljard dollar te hebben geïnvesteerd. Dat belang vertegenwoordigt inmiddels een waarde van zo’n 16,5 miljard dollar. De periode waarin een verbod gold op het verkopen van deze aandelen (de zogenoemde lock-up) loopt in het vierde kwartaal van dit jaar af, en zelfs het afstoten van een klein deel ervan kan al lucratief zijn.

Maar Lewis geeft misschien niet graag blijk van zwakte en een gebrek aan betrokkenheid bij zijn Chinese partner. Tegen die achtergrond moet de jongste investering worden gezien. Op grond van de oorspronkelijke overeenkomst kan BofA tot eind 2010 maximaal 19,9 procent van CCB kopen tegen een van tevoren afgesproken prijs van 2,42 Hongkongdollar (0,20 euro) per aandeel, veel minder dan de slotkoers van China Construction Bank van gisteren op de beurs van Hongkong (6,95 Hongkongdollar).

Het is waar dat BofA haar jongste belang pas in 2011 mag verkopen. Maar de bank zou ervoor kunnen kiezen een evenredig groot deel van haar investering van 2005 te verzilveren. Ervan uitgaande dat de koers van CCB in de tussentijd niet instort, kan Lewis zijn inzet effectief verdriedubbelen zonder zijn aanvankelijke belang te hoeven verkleinen. Dat zou hem een winst opleveren van 3 miljard dollar.

Indien noodzakelijk kan Lewis dit geld gebruiken om de balans te schragen, als de gevolgen van een eventuele Amerikaanse economische inzinking duidelijk zijn geworden, zonder de belangen van zijn aandeelhouders te hoeven verwateren. En als dat niet nodig is, kan de opbrengst worden gebruikt als een eenmalige winstmeevaller. Lewis zou hoe dan ook dom zijn geweest om zoveel gratis geld te laten liggen.