Zanger Chris de Burgh brengt Iran in extase

Voor het eerst sinds de revolutie van 1979 treedt een westerse popster op in Iran. Blijkbaar wordt de muziek van de populaire Chris de Burgh getolereerd.

Harde popmuziek klinkt door de conferentiehal van het ‘centrum voor de grote islamitische encyclopedie’ in Teheran. Fotografen duwen en trekken, bodyguards banen zich een weg door de menigte, de lichten in de zaal zijn gedimd. In het midden van deze kluwen geen islamitische geleerde, maar de Ierse popzanger Chris de Burgh.

De maker van hits als The lady in red en A woman’s heart gaf gisteren een persconferentie in Teheran. De in Iran immens populaire De Burgh is de eerste westerse popster die sinds de revolutie van 1979 een bezoek brengt aan de islamitische republiek.

De zanger is een uur te laat, maar geen enkele Iraanse journalist die klaagt. Jarenlang konden De Burghs romantische liefdesliederen in Iran alleen op krakerige, illegale cassettebandjes worden beluisterd, maar nu stapt de zanger opeens uit een luxe Mercedes Benz en kondigt aan dat hij een concert in het grootste stadion van Teheran wil geven.

Het kan verkeren, zelfs in Iran. In 2005 sprak president Mahmoud Ahmadinejad zich nog uit tegen de invloed van westerse popmuziek, tegenwoordig wordt De Burghs muziek blijkbaar getolereerd door de autoriteiten. Van die vrijheid is gebruikgemaakt door een lokale organisator uit de private hoek, die De Burgh uitnodigde.

Op twee grote videoschermen worden videoclip en lied vertoond die de zanger samen met de populaire Iraanse band ‘Arian’ heeft opgenomen. Te zien is hoe De Burgh, gitaar om de nek, samen met de mannelijke leden van Arian in een microfoon zingt. De drie vrouwelijke zangeressen, hoofddoeken losjes omgeslagen, staan zedelijk aan een andere kant en zingen „shout, and say I love you”. De Ier sluit aan met „Be strong and learn to say, the words I love you”, wat ook de titel van het nummer is.

Bezoek, clip en concertplannen waren aangekondigd, maar veel Iraanse journalisten op de persconferentie kunnen niet geloven wat ze zien en horen. „Ik luisterde naar al zijn nummers toen ik jong was. Nu staat Chris de Burgh hier gewoon voor me”, fluistert iemand tegen een collega. „Geen andere westerse popzanger is ooit naar Iran gekomen, we worden altijd genegeerd. Dit is geweldig!”

De Burgh gaat zitten achter een woud van microfoons en zegt „salaam”, hallo, tegen de circa honderd aanwezige journalisten. „Salaam!”, zeggen velen verrast terug. Als de Ierse zanger nog een paar woorden in het Perzisch zegt, wordt de zaal bijna afgebroken. Journalisten beginnen enthousiast te klappen. „Het doet mij een groot plezier om eindelijk in Iran te zijn”, zegt De Burgh. „Deze reis was een droom van me sinds ik een kleine jongen was.”

Geflankeerd door zijn manager en door de Iraanse organisator van de bijeenkomst, Mohsen Rajabpour, legt de zanger uit dat hij zich zeer veilig voelt in Iran. „Veiliger dan in sommige delen van Londen en Los Angeles”, zegt hij met een glimlach. De lokale journalisten klappen hun handen stuk.

„Iran wordt altijd slecht afgeschilderd in de media”, vervolgt De Burgh. Instemmend gemompel vanuit de zaal. Hij legt uit dat volgens hem sommige landen „parallelle werelden” kennen. „Er is de wereld van leiders, politici en diplomaten. De rest zijn gewone mensen. Voor hen ben ik naar Iran gekomen.”

Een Iraanse journaliste is bijna overmand door emoties. „Meneer De Burgh, ik weet niet wat ik moet zeggen. Ik ben zo blij dat u er bent”, zegt ze tegen de popzanger.

Vervolgens zijn er allerlei gedetailleerde vragen. Alle journalisten zeggen eerst hoe gelukkig ze zijn dat de Ier naar Iran is gekomen en maken er vervolgens een heuse fanclubdag van. „Houdt u van Iraanse muziek?” Ja. „Gaat u een lied voor Teheran componeren zoals u ook voor Beiroet hebt gedaan?” Natuurlijk. „Is uw familie niet bang dat u in Iran bent?” Helemaal niet, antwoordt De Burgh.

Maar dan wordt het serieuzer. De journalisten willen weten wanneer het concert zal zijn.

„Zodra meneer De Burgh weer is vertrokken, gaan we het ministerie van Islamitische Leiding en Cultuur om toestemming voor het concert vragen”, legt organisator Rajabpour uit. In Iran beslist de overheid welke tentoonstellingen, boeken en ook concerten zijn toegestaan. Sinds de komst van president Ahmadinejad is het ministerie een stuk strikter geworden. Veel journalisten reageren teleurgesteld. „Dus het concert gaat nooit plaatsvinden”, zegt iemand.

Rajabpour, een lange man in een donker pak, raakt geïrriteerd. „Er zijn verschillende stemmen in dit land, en dit keer is de onze de luidste”, zegt hij. „Dat concert komt er.”

En wat vindt De Burgh ervan dat mensen niet mogen dansen tijdens zijn optreden, een regel in Iran, vraagt iemand. „Ik weet wat er hier aan de hand is, maar er is een mogelijkheid om hier iets te bereiken in Iran, om een verschil te maken voor mensen”, zegt de zanger. „Ik ga in Iran optreden.”