Waar is het zweet, de gêne en de erotiek?

My [Public] Space toont werk dat speelt met de hybride ruimte tussen echt en virtueel.

Dan blijkt: zonder de gewone aardse wereld kunnen we duidelijk nog niet.

Stills uit de familiesoap van Guy Ben-Ner, opgenomen in showrooms van IKEA-filialen.

E-blocker. Zo heet het industriële goedje waarmee de iglotent van kunstenares Susan Härtig uit Wenen is geïmpregneerd. Wie de bruine tent in het Nederlands Instituut voor Mediakunst binnenkruipt, kan aldus de kunstenaar niet langer mobiel bellen of draadloos internetten en is niet meer via zendmasten te traceren: de onzichtbare e-blocker houdt elektromagnetische golven tegen. „Enjoy your progressive disconnectedness”, meldt de begeleidende tekst op de vloer.

Daar zit je dan in het schemerdonker, teruggeworpen in de steentijd. Voor de gemiddelde stadsnomade een uitgelezen moment om te bedenken of het leven überhaupt nog voor te stellen is zonder telefonie en internet: die virtuele parallelwereld waar alle contact draadloos plaatsvindt via satelliet, zendmast of wifi.

Het is ook het thema van de expositie My [Public] Space in het Instituut voor Mediakunst in Amsterdam. Elf internationale kunstenaars(duo’s) tonen werk dat speelt met de hybride ruimte tussen echt en virtueel. Volgens curator Petra Heck toont de tentoonstelling vooral de vervaging van de grens tussen privé en publiek door de draadloze communicatiemiddelen. Zoals in de video van de Amerikaanse Jill Magid, die met haar ogen dicht in Liverpool rondloopt. Ze wordt begeleid door de stem van een videobewaker die haar bewegingen volgt via de publieke camera’s in de stad en haar via een oortje onverwacht zorgzaam toespreekt: „Een beetje meer naar links nu, Jill, anders loop je tegen twee mensen aan.” Of in de familiesoap van Guy Ben-Ner, opgenomen in showrooms van verschillende IKEA-filialen waar de Duitser telkens uit werd verjaagd. Zo huiselijk is de publieke woonkamer van de meubelmultinational nou ook weer niet bedoeld.

Privé en openbaar vloeien in elkaar over, maar minstens zo opvallend op de tentoonstelling is de continue overloop van de wereld van vlees en bloed naar de wereld van bits en bytes en andersom. Susan Härtig ontwierp behalve de tent bijvoorbeeld een T-shirt met RFID-chip, een haast onzichtbaar informatiedragertje waarin een tekstje digitaal kan worden opgeslagen. Wie het T-shirt koopt, kan de standaardleus ‘Meet me! Read me! Feed me!’ vervangen voor een eigen spreuk. T-shirts leenden zich altijd al goed voor het uitschreeuwen van een politieke boodschap of het uitdragen van een identiteit, maar die roep wordt hier opeens virtueel. De print op de buitenkant van het T-shirt toont enkel de informatieloze buitenkant van RFID: de uitvergrote bedrading van de chip.

In 1977 voerde het kunstenaarsduo Marina Abramovic en Ulay de performance Imponderabilia op in Bologna. Man en vrouw stonden naakt tegenover elkaar voor de ingang van de Galleria Communale d’Arte Moderna. Wie naar binnen wilde moest zich zijwaarts langs hun blote lichamen manoeuvreren. Het eigentijdse duo Eva en Franco Mattes heeft die performance nu, dertig jaar later, overgedaan in de digitale wereld Second Life. Hun video lijkt op het gezicht op een geslaagde cartooneske variant van het origineel. Maar hoe wezenlijk anders is het om met een alter ego van nullen en enen geheel tastzintuigloos tussen twee naakte stripfiguurtjes door te slippen. Waar is het plakkende zweet, de erotiek, de gêne?

My [public] space is alleen te bekijken in wereld 1.0, op de Keizersgracht, helaas niet via de draadloze communicatiemiddelen die de expositie als uitgangspunt neemt. Wie de vele tientallen minuten durende video-opnames goed tot zich wil nemen, moet dus een paar uur fysieke aanwezig zijn in Amsterdam.

Zonder de gewone aardse wereld kunnen we duidelijk nog niet. En omgekeerd? ‘Kunnen we de openbare digitale ruimte nog wel verlaten of uitsluiten?’, vraagt het Instituut voor Mediakunst zich af. Tot de tent van Härtig blijkt Vodafone, al is het met maar één netwerkstreepje, toch nog door te dringen. Het virtuele bestaan uitschakelen is zo makkelijk nog niet.

Tentoonstelling: My [public] space. T/m 21 juni in het Nederlands Instituut voor Mediakunst, Amsterdam. Inl: www.nimk.nl ***