Pact over verbod clusterbom

Ruim honderd landen, waaronder Nederland, zijn het eens geworden over een verbod op productie en gebruik van clusterbommen. Maar enkele van de grootste gebruikers en exporteurs van dit wapen, een bom waaruit zich honderden kleine bommetjes verspreiden, weigeren zich er bij aan te sluiten.

Op een conferentie in Dublin bereikten afgevaardigden van honderdelf landen gisteren overeenstemming over een ontwerpverdrag, waarvan de tekst nog niet bekend is gemaakt. In december wordt het verdrag in Oslo ondertekend.

De Nederlandse minister van Defensie Van Middelkoop (CU) stelde zich aanvankelijk om tactische redenen terughoudend op tegenover een algemeen verbod op clusterbommen, maar zei gisteren dat het verdrag „historische betekenis” heeft.

Na lang verzet sloot ook het Verenigd Koninkrijk zich gisteren aan bij het verbod. Premier Brown sprak van „een belangrijke doorbraak” en zei dat het de wereld veiliger maakt. Binnen acht jaar moeten alle voorraden vernietigd zijn.

Onder meer de VS, Rusland, China, Israël, India, Pakistan en Brazilië (een belangrijke producent van clusterbommen) doen niet mee. Een woordvoerder van de Amerikaanse regering zei dat afschaffing van clusterbommen de levens van Amerikaanse militairen in gevaar zou brengen. „De VS delen de humanitaire zorgen, maar clustermunitie heeft haar militaire nut bewezen.”

Met clusterbommen kunnen landingsbanen onbruikbaar worden gemaakt of colonnes voertuigen worden uitgeschakeld. Veel van de bommetjes ontploffen echter niet meteen, waardoor ze nog jaren later slachtoffers maken, in veel gevallen burgers.

Clusterbommen: pagina 5