Met Nasrin op pad in Kanaleneiland

Theater Niemandsland van Dries Verhoeven. Gezien 27 mei Festival aan de Werf, Utrecht. Aldaar t/m 31 mei. Info www.festivalaandewerf.nl.

Met twintig man staan we onder het grote bord met vertrektijden in het Utrechtse CS. Op onze buik een bordje met een naam. Ik heb ‘Nasrin’. Klinkt Iraans. Voor het bord staan altijd mensen te kijken naar de vertrektijden. Nu kijken die mensen naar ons. Na een tijdje valt op dat er tussen de passerende treinreizigers steeds twintig mensen blijven staan, ogen dicht. Wij blanken staan tegenover twintig niet-blanken. Op de mp3-speler die we hebben meegekregen klinkt Dido’s Lament van Purcell. De mensen in de menigte playbacken mee. Een prachtig beeld.

Ik bevind mij in de ervaringsvoorstelling Niemandsland van Dries Verhoeven, op het Festival aan de Werf. Een vrouw komt naar me toe en neemt me mee. Ik moet achter haar lopen. We wandelen door Kanaleneiland, een arme buurt met veel migranten. Op de mp3-speler vertolkt actrice Malou Gorter de gedachten van de vrouw. Ze is vluchtelinge („Ik heb maar anderhalve dag gevlucht, toch ben ik al twintig jaar een vluchteling. Hallo! Ik bén er al, hoor.”). Ze vraagt zich af wat ik van haar denk. Economische vluchteling? Is dat erg? Ze vertelt me een gruwelijk vluchtverhaal met verkrachting van dochter. Ik wil het niet horen, ik begin onrustig om mij heen te kijken. Ze playbackt Bang Bang van Nancy Sinatra. Ze schetst hoe we vrienden zouden kunnen zijn, hoe idyllischer ze het afschildert, des te onmogelijker het lijkt.

Op pad met een asielzoeker, die je ongemakkelijke waarheden inwrijft; Verhoeven heeft niet veel op met de gebruikelijke lieve zweverigheid van het ervaringstheater. Hij confronteert de bezoeker, nadert hem dicht. Zelfs de vrolijke danspassen die mijn gids maakt op niet-westerse popliedjes, maken me ongemakkelijk en hyperbewust van mijn harkerige blanke, en passieve status. Verhoeven maakt een mens van een asielzoeker, hij brengt je dichtbij haar, maar hij zet haar ook weer op afstand door haar stem te vervangen door die van een actrice. Dit is geen 26.000 Gezichten, de ideële reeks filmpjes van uitgeprocedeerden. „Kies zelf maar hoe je me wilt zien”, lijkt hier de boodschap, „het zal toch niet stroken met de werkelijkheid en meer over jou zeggen dan over mij.”

Ritmisch met haar armen zwaaiend brengt Nasrin me naar een stukje braakland met wit zand en een rij strandhuisjes. Terwijl we erheen lopen, worden we onderdeel van een stroom van lotgenoten. Wederom een prachtig beeld: die swingende stoet asielzoekers met drie passen achter zich de lange blanken met hun koptelefoon. We mogen in een huisje, Nasrim doet mijn koptelefoon af en zingt een Iraans liedje. Eindelijk haar eigen stem, iets van haarzelf. Het huisje is een camera obscura: door een lens in de deur wordt het beeld van mijn gids op de achterwand geprojecteerd. Zij houdt een bordje op met mijn naam. Wilfred.