Indiase ‘King of Bling’ wil scoren in F1

Force India beleeft zijn eerste jaar in de Formule 1.

De opvolger van het Nederlandse Spyker heeft dankzij miljardair Vijay Mallya grootse plannen.

De extraverte miljardair Vijay Mallya is het passende boegbeeld van de nieuwkomer in de Formule 1: Force India moet het Spyker-verleden zo snel mogelijk doen vergeten. Op een haar na schreef het team uit India zondag historie in Monaco omdat Adrian Sutil met de juiste strategie en een perfecte wagenbeheersing in de regen op de vierde plaats reed. Maar hij werd met nog zeven minuten te rijden door wereldkampioen Kimi Raikkonen van de baan gereden. „Een van de treurigste momenten in mijn autosportcarrière”, aldus Mallya.

Een gemiste gouden kans voor de ‘King of Bling’, zoals Mallya wordt genoemd vanwege zijn opvallende diamanten oorringen en andere glimmende sieraden. Dat beeld past perfect bij de 52-jarige entrepreneur die groot werd in de drankenindustrie, nadat hij in 1983 na de dood van zijn vader aan het hoofd kwam te staan van de United Breweries Group met merken als Kingfisher bier en Whyte and Mackay whisky. Ook zijn luchtvaartonderneming draagt de naam Kingfisher (ijsvogel).

Mallya opereert steeds meer buiten zijn landsgrenzen, zowel in de sport als in de luchtvaart. Bij de bestelling van vijf dubbeldeks Airbus A380 toestellen eiste hij dat de fabrikant een bijdrage zou leveren aan de sponsoring van het Toyota F1 team. Hij kon immers ook nog terecht bij Boeing.

Mallya is lid van de Raad van State van India, heeft belangen in een krantenconcern en liet enkele Bollywoodfilms maken. Met zijn paarden won hij verschillende keren de Indiase derby, hij heeft een verzameling van meer dan 250 klassieke auto’s en bezit onroerend goed over de hele wereld.

De Indian Empress, het in Nederland gebouwde luxejacht, nam hij over van de koninklijke familie van Qatar. Over twee jaar neemt hij een nieuw, ongeveer 125 meter lang pleziervaartuig in gebruik. De precieze lengte is geheim want als je volgens Forbes zo’n 1,2 miljard dollar waard bent wil je geen concurrent voorbij zien varen met een nog groter speeltje. Mallya staat echter ook voor liefdadigheid. Op een gala in Monaco telde hij 226.000 euro neer voor een piano van Elton John; de opbrengst ging naar diens aidsfonds.

De Indiër is voor de helft eigenaar van het F1 team; de andere 50 procent is van vader en zoon Mol (Jan en Michiel), de eigenaars van de sportwagenfabrikant Spyker. De familie Mol heeft twee stemmen in de raad van bestuur. Mallya heeft er drie en zwaait de scepter. „Ik houd me bezig met de planning op langere termijn, met de reglementen en het zoeken van sponsoring”, aldus Michiel Mol. Hij vindt het een feest om met Mallya te werken. „Hij stimuleert, schakelt snel en is trots op zijn echte bijnaam King of Good Times die hij kreeg als topman van zijn drankenfirma.”

Mallya kent de fijne marketingkneepjes in de grandprixsport. „Ik was in 1996 en 1997 al sponsor van Benetton en verleden jaar bij Toyota met mijn luchtvaartmaatschappij. Ik had geen plannen een eigen team aan te schaffen. Nadat Michiel Mol mij verleden jaar daarvoor had uitgenodigd, raakte ik overtuigd om de stap te zetten.” Zijn ambitie is India op de Formule 1-kaart te zetten. Het probleem is dat succes behalen in die sport uiterst gecompliceerd is. Toyota heeft, met het hoogste budget van allemaal, na zeven jaar nog geen enkele Grote Prijs gewonnen.

Mallya roemt de economische groei van zijn land met 1,2 miljard inwoners, waarin de huidige middenklasse binnen twee jaar uitgroeit van 300 miljoen inwoners naar 400 miljoen. De groeiende belangstelling voor westerse trends past goed in zijn plaatje als ondernemer. „Wij hebben 500 miljoen inwoners die jonger zijn dan 25 en 400 miljoen onder de 18. Die krijgen in de toekomst meer belangstelling voor andere dingen dan het bij ons bijna heilige cricket.” Dat Mallya tevens eigenaar is van een cricketteam spreekt bijna vanzelf. „De interesse voor de Formule 1 groeit snel. Dat is goed voor de sport, voor Force India en alle andere teams die kunnen profiteren van extra sponsoring. India is een zeer grote markt.”

Hij juicht de komende wijzigingen van de reglementen toe, waardoor alle teams in de Formule 1 de kosten moeten beperken. Een voordeel voor het kleine team dat Force India, met als thuisbasis Silverstone in Engeland, nog steeds is. De zakenman doet gematigde voorspellingen. „Volgend jaar hopen we een stapje vooruit te kunnen maken, waarna we vanaf 2010 op podiumplaatsen kunnen hopen.”

Veel volgers vinden het onrealistisch, maar Mallya denkt en handelt groot. Over twee jaar wordt, als alles volgens plan verloopt, een nieuw Grand Prix-circuit bij New Delhi in gebruik genomen. Om echt succes te behalen, heeft Force India een perfecte auto nodig en uiteindelijk ook een topcoureur van het formaat Fernando Alonso of Lewis Hamilton. „Daar willen we nu nog niet aan denken. Dat speelt pas over een jaar of vijf.”

Tegen die tijd wil Mallya op het hoogste plan acteren. Hij gruwt van de suggestie dat zijn raceteam niet meer zou zijn dan een platform om de naam van zijn ondernemingen luister bij te zetten. „Ik wil slagen in mijn opzet om van Force India een wereldspeler te maken.”