Hindoekoninkrijk is niet meer

Twee jaar geleden vochten de maoïsten nog tegen het leger, nu vieren ze feest.

De tragische ex-koning Gyanendra krijgt twee weken om zijn biezen te pakken.

Vergeet de bijna spreekwoordelijke devotie van het Nepalese volk voor de koning. Vergeet het beeld van de monarch als reïncarnatie van de god Vishnu. Het koninkrijk Nepal, het enige hindoekoninkrijk in de wereld, houdt op te bestaan. De Himalayastaat (ruim 26 miljoen inwoners) wordt een gewone federale republiek. Dat besluit was de eerste opdracht van het nieuwe, grondwetgevende parlement, dat gisteravond ten uitvoer werd gebracht in de hoofdstad Kathmandu.

Mogelijk wordt in sommige kringen binnenskamers nog gerouwd om de val van het koningshuis. Misschien door aristocratische aanhangers in de stad. Misschien door strenggelovigen op het platteland. Maar op straat overheerst de feestvreugde. Zeker nu de maoïsten duizenden leden van hun jeugdbrigade, de Young Communist League (YCL) naar de hoofdstad hebben gedirigeerd. Twee jaar geleden vochten de maoïsten nog in een burgeroorlog tegen het leger, maar in april waren zij de spectaculaire overwinnaars van de parlementsverkiezingen. Ook andere groepen betuigden ’s ochtends vroeg al hun instemming met de transformatie van Nepal tot een moderne staat.

Misschien is de nu vertrekkende Gyanendra wel de meest tragische van alle koningen die over Nepal hebben geheerst. Misschien komt dat omdat hij nooit geboren werd om koning te zijn, terwijl het noodlot hem maar liefst twee keer op de troon zette zonder dat hij daar op was voorbereid. De eerste keer, eind 1950, duurde zijn koningsschap slechts twee maanden. Hij was nog maar drie jaar en zijn grootvader, de echte koning, was tijdelijk naar India gevlucht.

In nog veel dramatischer omstandigheden werd Gyanendra zeven jaar geleden opnieuw tot de troon geroepen. Dat was toen zijn broer, koning Birendra, samen met vrijwel de voltallige koninklijke familie werd doodgeschoten door de kroonprins. Die moordpartij, in de koninklijke familie met haar goddelijke status, was een trauma voor de gelovigen in Nepal. Nog steeds wordt er slechts in bedekte termen over gesproken. En nog steeds wordt openlijk gesuggereerd dat Gyanendra achter de moord op zijn broer zat.

Volgens veel waarnemers die minder in het noodlot geloven, heeft de als koppig bekendstaande Gyanendra zijn val vooral aan zichzelf te danken. In februari 2005 zette hij de democratie in Nepal buitenspel. Hij riep de noodtoestand uit, stuurde regering en parlement naar huis en trok alle macht naar zich toe.

Zo was hij beter uitgerust om met het leger strijd te leveren tegen de maoïstische opstandelingen die al sinds 1996 hun Volksoorlog voerden, zei hij. Maar in plaats van de rebellen te verslaan, baande hij met zijn koninklijke coup de weg voor zijn eigen val. In april 2006 brak een volksopstand uit in Kathmandu en werd Gyanendra gedegradeerd tot een koning zonder macht en zonder gezag.

240 jaar geleden verenigde een verre voorvader van Gyanendra Bir Bikram Shah Dev (60), een strijder van het geslacht Shah uit Gurkha, Nepal onder zijn koninklijke heerschappij. Nu moet hij het licht uitdoen en voortaan als burger door het leven. Vijftien dagen hebben hij en zijn gemalin Komal Rajya Laxmi de tijd gekregen om het zalmkleurige Narayan Hiti-paleis in het centrum van Kathmandu te verlaten. Dat betonnen gebouw, daterend uit de jaren zeventig, wordt een nationaal museum.

Hoe de nieuwe, federale republiek staatsrechtelijk precies wordt ingericht, is nog de vraag. Daarvoor juist moet het nieuwe parlement, waarvan de leden gisteren werden beëdigd, een nieuwe grondwet opstellen. Over een aantal praktische zaken hebben de leiders van de drie grootste partijen (de maoïsten, het Nepalese Congres en de Verenigde Communistische Partij) de afgelopen dagen na langdurige onderhandelingen al afspraken gemaakt.

Vooruitlopend op de grondwet krijgt Nepal een president als constitutioneel staatshoofd en een premier als uitvoerend regeringsleider. De afbakening van de machtsverhouding tussen die twee was vandaag evenwel het onderwerp van twisten tussen de maoïsten en andere partijen. Ook was vanmiddag nog niet duidelijk of de maoïsten, met 220 parlementszetels twee keer zo groot als hun twee naaste concurrenten, beide posten willen gaan bezetten.

In Nepal vielen tussen 1996 en 2006 meer dan 13.000 doden in de strijd tussen de maoïstische opstandelingen en het leger. De Nepalezen zijn nu trots dat in grote politieke harmonie en op democratische wijze de overstap wordt gemaakt van monarchie naar republiek. Maar zo idyllisch ziet het Nepalese landschap er in werkelijkheid nog niet uit. „We strijden tegen het feodale systeem in Nepal en de belangrijkste representanten daarvan zijn de koning en zijn familie”, verklaart maoïstenleider Prachanda zijn bezwaar tegen de monarchie. Het Congres en de communisten voegden zich vorig jaar naar die agenda om het vredesproces gaande te houden. Dat betekende nog niet dat zij toe waren aan een finale afrekening met het koningshuis. Na het verdict van het volk van afgelopen april, met een zege voor de maoïsten die niemand behalve de ex-rebellen zelf hadden voorspeld, kunnen zij echter geen kant meer op.

De koning staat nu nagenoeg alleen, met de keuze tussen goedschiks of kwaadschiks te vertrekken. Volgens getrouwen heeft hij de afgelopen dagen nog geprobeerd tot een vergelijk te komen. Maar een andere uitweg dan als burger weer zijn intrek te nemen in zijn verblijf even buiten Kathmandu, waar hij ook voor 2001 woonde, is hem niet aangeboden.