Een eerbetoon aan The Big O

In de Amerikaanse stad Macon is in de Georgia Music Hall of Fame een tentoonstelling gewijd aan soulzanger Otis Redding. Al meer dan veertig jaar dood, maar verre van vergeten.

De etappes in de Ronde van Georgia, Lance Armstrongs laatste optreden in eigen land als profrenner, waren niet op televisie te volgen. Dus moesten de verslaggevers die op 19 april 2005 al vroeg in finishplaats Macon waren aangekomen daar nog een paar uur op de renners wachten. In de stad ten zuidoosten van Atlanta liet de tijd liet zich die middag makkelijk doden. In de Georgia Music Hall of Fame bijvoorbeeld, een eerbetoon aan artiesten uit de staat in het zuiden van de VS, zoals James Brown, Little Richard, Otis Redding, Ray Charles, REM, de B52’s, de Black Crowes, Mary J. Blige, Mother’s Finest en de Allman Brothers.

Aan de man achter de balie vroeg ik wat er te zien was van Otis Redding, de soulzanger die vanaf zijn derde jaar in Macon woonde en eind 1967 om het leven kwam bij een ongeluk met zijn privévliegtuigje. Dat was een paar dagen nadat hij in de Stax-studio’s in Memphis (Sittin’ on) The Dock of the Bay had opgenomen – zijn grootste hit, maar niet representatief voor zijn rijke soulrepertoire. De man achter de balie verwees me naar de rhythm-and-bluesafdeling en vertelde dat een dochter van Otis Ray Redding in het centrum van Macon een schoenenzaak heeft.

Aan het eind van de middag stond ik met een fraai uitgegeven boekje van Geoff Brown uit de museumwinkel – door een rond gat in de cover kijkt The Big O je met één oog aan – voor de deur van Karla’s Shoe Boutique, op de hoek van Cherry Street en 2nd Street. Het was net na sluitingstijd, een vrouw van ongeveer veertig deed open. Karla Redding. Die nog elke dag in haar winkel de muziek van haar vader ‘draait’. „Nee, het gaat nooit vervelen. Zijn muziek inspireert me nog elke dag.”

Vrijwel de hele familie woont nog op het landgoed dat Redding op een halfuur ten noordoosten van Macon kocht, de Big O Ranch, in Round Oak. Hij is daar ook begraven. „Daarom denk ik niet dat we daar ooit weg zullen gaan”, zei Karla, terwijl haar broer Otis III buiten op de stoep een blik naar binnen wierp. Otis ‘de derde’ trad met zijn oudere broer Dexter in de sporen van zijn vader. Allebei verdienen ze hun geld als muzikant. In alle drie zie je Otis Redding terug.

In een hoek van de winkel zat een oudere vrouw. Ze bleek de weduwe van Otis Redding te zijn. Zelma. Net terug uit haar modezaak verderop in de straat. Ze vertelde dat ze nog steeds van over de hele wereld fanmail krijgt, vooral op hun website (www.otisredding.com). Soms laten mensen weten dat ze hun kind naar de zanger hebben vernoemd. Karla, met een brede glimlach: „Legends never die.”

Tot slot signeerden de twee vrouwen het boek over Otis. Thanks for loving my dad, schreef Karla met zwierige letters. ‘Love Ya’, krabbelde Zelma met zuidelijke warmte onder haar naam.

Momenteel is in de Georgia Music Hall of Fame een expositie gewijd aan het korte leven en bijzondere werk van Otis Redding. Het gebouw ligt aan de Martin Luther King Jr. Boulevard, schuin tegenover het Douglass Theatre. Daar won domineeszoon Redding vijftien keer achter elkaar talentenjachten met perfecte imitaties van zijn oudere stadgenoot Little Richard, op de wekelijkse Teenage Party. In het uit baksteen opgetrokken theatertje leerde hij ook de toen vijftienjarige Zelma kennen, met wie hij in 1961 trouwde. Nu beheert Zelma Redding samen met dochter Karla zijn nalatenschap en als zodanig is ze nauw betrokken bij de expositie die vorig jaar werd geopend, veertig jaar na Reddings dood. Foto’s, singles, LP’s, contracten, registraties van zijn concerten en affiches, waaronder die voor het concert op 10 december 1967 in de Factory in Madison, Wisconson, waar hij naar op weg was toen hij verongelukte, 26 jaar jong. Ook memorabilia die niets met zijn muziek te maken hebben, zoals een vergunning om op groot wild te jagen, en – hoe wrang, hoewel hij die tiende december in ’67 niet zelf vloog – ‘the student pilot’s manual (including emergency flying by reference to instruments)’. De expositie Otis Redding, I’ve got dreams to remember is te zien tot en met 10 september.

Zie Otis Redding op het festival van Monterey in 1967 met I’ve been loving you too long en Karla Redding over haar vader op nrc.nl/kunst