Verwijt traagheid EU-Turks overleg

Het gesprek met Turkije over toetreding tot de Europese Unie verloopt moeizaam. Dat bleek ook gisteren weer in Brussel, waar beide partijen elkaar vooral verwijten maakten.

Turkije klaagde over de Europese Unie, de Europese Unie klaagde over Turkije. Tot veel meer leidde het overleg van de EU en Turkije, gisteren in Brussel, niet. De EU vindt dat Turkije te langzaam is met de hervormingen die het land geschikt moeten maken voor toetreding tot de EU. Turkije wil nu eindelijk wel eens weten wanneer het bij de EU mag gaan horen. „Tot die tijd kan niemand van ons verwachten dat we snel zijn”, zei minister van Buitenlandse Zaken Ali Babacan.

Dat Babacan naar Brussel was gekomen, was al heel wat. En dat hij gistermiddag het Europees parlement toesprak samen met de Finse eurocommissaris voor Uitbreiding Olli Rehn, was ook niet zo vanzelfsprekend als het leek.

Op maandagochtend dreigde Turkije niet mee te doen aan het overleg, omdat Frankrijk het woord ‘toetreding’ uit de documenten wilde houden waarover zou worden gesproken. Die toetreding is Turkije beloofd, maar Frankrijk vindt een samenwerkingsovereenkomst goed genoeg.

Op maandagmiddag zei de Franse minister voor Europese Zaken in Brussel tegen journalisten dat Frankrijk had toegegeven, ‘toetreding’ mocht er toch in. In juli wordt Frankrijk EU-voorzitter en Jouyet zei dat het land zich nu graag „neutraal en evenwichtig” gedraagt. Babacan zei later: „Er zijn er die onze toetreding willen tegenhouden en ons een geprivilegieerd partnerschap aanbieden. Dat zullen we nooit accepteren. Ons doel is volledig lidmaatschap van de EU.”

Tot nu toe wordt er met Turkije over vijf (van de 35) hoofdstukken onderhandeld die tot toetreding tot de EU moeten leiden. Volgens eurocommissaris Olli Rehn kunnen er binnenkort nog zeven worden geopend, bijvoorbeeld over vennootschapsrecht, voedselveiligheid en sociaal beleid. Maar het belangrijkste is, zei Rehn, dat Turkije een democratische rechtsstaat wordt.

Minister Babacan had de zaal van het Europees parlement eerst niet binnen willen gaan. Zijn medewerkers zagen iemand van de Koerdische Arbeiderspartij PKK die volgens de Turken betrokken is bij terrorisme. De PKK-man ging weg op verzoek van GroenLinks europarlementariër Joost Lagendijk, die voorzitter was van de bijeenkomst.