Ministerie blokkeert al maanden EU-evaluatie

Het ministerie van Buitenlandse Zaken houdt al maandenlang de publicatie op van een kritisch onderzoeksrapport naar de manier waarop Nederland in 2004 het voorzitterschap van de Europese Unie heeft bekleed.

Onderzoekers van de Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie (IOB) hebben hun studie met bevindingen reeds vorig jaar afgerond. Sindsdien ligt het rapport op het ministerie van Buitenlandse Zaken. De IOB maakt deel uit van dit ministerie, maar heeft daarbinnen formeel een onafhankelijke status.

Volgens directeur Bram van Ojik van de IOB is zijn dienst klaar met de evaluatie van het Nederlands voorzitterschap van de EU. Het onderzoek heeft zich toegespitst op drie hoofdvragen: in hoeverre heeft Nederland effectief opgetreden in het Europese onderhandelingsproces, in hoeverre is daarbij de nationale beleidscoördinatie effectief verlopen en in hoeverre heeft Nederland de logistiek en organisatie van het EU-voorzitterschap doelmatig uitgevoerd?

Het ministerie krijgt onderzoeksrapporten van de IOB vóór de openbaarmaking te zien, maar wordt niet geacht zich er inhoudelijk mee te bemoeien. „Op het moment dat er tot een evaluatie is besloten, is de IOB, en alleen de IOB, verantwoordelijk voor de inhoud daarvan”, aldus directeur Van Ojik vorige maand tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer. Wel kan de minister eventueel in een aparte begeleidende brief commentaar leveren.

Dat het rapport nog niet is geopenbaard, wordt veroorzaakt doordat de betrokken beleidsafdeling van Buitenlandse Zaken zich ook met de inhoud van het rapport wil bezighouden. Volgens een woordvoerder van het departement kan dit proces nog wel enkele maanden duren. Inhoudelijke bemoeienis van het ministerie is in strijd met de geldende afspraken. De Tweede Kamer praat morgen met minister Koenders (Ontwikkelingssamenwerking, PvdA) over waarborgen om de onafhankelijke positie van de IOB te verstevigen.