Feestje als aanleiding voor een ontruiming

De laatste arrestanten onder de 51 opgepakte krakers in Amsterdam zijn gisteren vrijgelaten. „Het optreden van de politie was veel heftiger.”

Een van de kraakpanden in de 3e Oosterparkstraat (foto). Foto’s NRC Handelsblad, Maurice Boyer Kraakpand in de 3e Oosterparkstraat Foto NRC H'Blad Maurice Boyer 080528 Boyer, Maurice

Door de krakershangplek in de Amsterdamse buurt De Pijp klinkt plotseling luid: „Hé, in Nijmegen zijn de banden van politieauto’s lek geprikt. De actievoerders dragen dit aan jullie op.” Er klinkt gejuich, een enkel bierflesje wordt triomfantelijk omhoog gestoken en het meisje dat al een hele tijd bezorgd bezig is geweest met haar kat in een draagkooi, kijkt even op.

Het gebaar uit Nijmegen kan de bedrukte stemming op deze dinsdagmiddag maar heel even doorbreken. De jonge twintigers – veel zwarte kleren, een enkel vaal T-shirt – maken een aangeslagen indruk. Bij de ontruiming van hun panden in Amsterdam afgelopen weekeinde zijn dertig krakers hun woning kwijtgeraakt. De laatste arrestanten zijn vandaag vrijgelaten.

De krakers likken hun wonden, Johnny doet dat bijna letterlijk. Hij ontbloot zijn armen. Op zijn linkerschouder zit een bloeduitstorting. Zijn rechter bovenarm is bijna helemaal blauw. „Dat is gebeurd, toen ik zaterdag werd opgepakt”, zegt Johnny. „Ik vroeg alleen: ‘Waarom word ik gearresteerd?’ En toen werkten politieagenten mij meteen keihard naar de grond. Ik had niets gedaan.”

Dit is zijn verhaal. Hun verhaal eigenlijk. Want Johnny („Ik ben principieel werkloos”) vertelt het samen met Peter („Ik werk en studeer”) en Leon („Ik werk als timmerman bij een decorbouwer”). Zij woonden in de panden, waren bij de grootscheepse ontruiming en hebben in de cel gezeten. Peter was zaterdagavond vrij, Leon zondagochtend vroeg en Johnny pas deze middag.

Veel is de afgelopen dagen gezegd over de ontruiming. De politie maakte melding van wapens in de kraakpanden. Burgemeester Cohen veroordeelde fel de vernieling van de ruiten in het Amsterdamse stadhuis en zijn ambtswoning op zondag. Politici pleitten voor snelrecht (CDA) en een kraakverbod (VVD). „Allemaal pogingen om de kraakbeweging te criminaliseren en een kraakverbod door te drukken”, klinkt het in koor.

In de beleving van de krakers is een luidruchtig verjaardagsfeestje gebruikt als aanleiding om een paar lastige kraakpanden te ontruimen. Daarbij heeft de politie volgens hen de zaak nodeloos laten escaleren en de dialoog voortdurend ontweken. Daarover zijn de krakers nog steeds boos. Maar eerst even terug in de tijd.

Op 28 januari 2007 werden vier panden in de in de Eerste Oosterparkstraat in Amsterdam gekraakt. De voormalige huurpanden stonden op de nominatie gesloopt te worden voor een blok met acht koopappartementen. „Het was een moeilijke groep krakers”, zegt woordvoerder Daniëlle Klinkert van van woningcorporatie De Key, eigenaar van de panden. Leon: „Natuurlijk vonden ze ons lastig, wij vochten alle sloopvergunningen aan.”

Eén pand stond langer dan een jaar leeg en daarom moest De Key naar de rechter om het te laten ontruimen. De andere panden stonden korter dan een jaar leeg en konden in principe worden ontruimd. De Key besloot daarmee te wachten tot de rechterlijke uitspraak over het ene pand, die morgen wordt verwacht.

In de nacht van vrijdag op zaterdag was een een verjaardagsfeestje in een woning. Na klachten van buren over lawaai, kwamen rond een uur of een twee agenten aan de deur. Een bewoonster stond hen te woord. Johnny: „Er werd gesproken over de muziek die te hard stond. Toen vroegen de agenten het meisje om zich te legitimeren. Dat wilde ze niet, want ze was in haar eigen huis.”

De Amsterdamse politie zegt desgevraagd niet te weten op welke juridische grond om de ID is gevraagd. Het Openbaar Ministerie had vanmorgen ook geen antwoord. Volgens hun advocaat Marcel Schuckink Kool is niemand verplicht om zich te legitimeren in zijn eigen woning. Leon: „Iedereen weet dat krakers heel erg tegen de ID-plicht zijn. Dus de agenten waren niet deëscalerend bezig.”

Na de weigering probeerden de agenten de jonge vrouw mee te nemen. Johnny: „Wij lieten haar niet gaan en trokken haar naar binnen.” Het verhinderen van een arrestatie is een ernstig feit, maar zegt Schuckink Kool: „De arrestatie was wel onrechtmatig.” Johnny zegt: „Wij hebben daarbij geen geweld gebruikt.” In zijn aanklacht staat dat hij een agent heeft gekrabd: „Klopt niet, maar misschien is dat per ongeluk gebeurd toen we het meisje naar binnen trokken.”

De politie haalde versterking en er kwamen steeds meer agenten in de straat. Johnny liep naar buiten: „Om met ze te praten.” Hij werd gearresteerd en naar het politiebureau gebracht. Peter: „Andere mensen die buiten stonden werden met pepperspray bespoten.” Toen pas, bezweren de krakers, hebben ze met flessen gegooid. Leon: „Heel even maar.”

In de loop van de nacht werd het huizenblok afgezet met linten en cordons van de Mobiele Eenheid. Twee krakers brachten de huisdieren in veiligheid, voor zover mogelijk. „We verwachtten dat ze het feestje zouden ontruimen, op grond van de openbare orde, niet dat ze alles zouden ontruimen.”

Na een laatste waarschuwing begon de politie rond een uur of half negen de boel te ontruimen. Onder meer met behulp van een waterkanon. Leon: „Ik was gevlucht naar het dak en ze dreigden mij daar vanaf te spuiten.” Uiteindelijk werden 51 mensen gearresteerd. De meesten op grond van het illegaal verblijven in een woning, enkelen zoals Johnny wegens openlijke geweldpleging.

Krakers hebben zondag het stadhuis en de burgemeesterswoning beschadigd. „Uit frustratie”, zeggen ze: „Het optreden van de politie was veel heftiger.” Dan valt een vierde kraker in. Gözde, een tengere vrouw met verdrietige ogen. „Nog veel heftiger is dat mijn kat nog opgesloten zit in het pand. Mijn kat heeft sinds vrijdag geen eten gehad, maar ik mag het pand niet in.”