De nieuwe Bond is ook gek op eieren

De 100ste geboortedag van Ian Fleming, de schepper van James Bond, wordt in Groot-Brittannie gevierd met diverse activiteiten. Vandaag verschijnt de nieuwe ‘Bond’-roman.

Daniel Craig als James Bond in ‘Casino Royale’ (2006) 2006: Daniel Craig is James Bond in Casino Royale. Foto’s AFP cr_14444_rV4 Ð Eva Green (left) and Daniel Craig (right) star in Metro-Goldwyn-Mayer Pictures/Columbia Pictures/EON ProductionsÕ action adventure Casino Royale. Photo Credit: Jay Maidment Maidment, Jay

Patrick van IJzendoorn

Duizend woorden in de ochtend. Snorkelen. Een cocktail, lunch op het terras. Nog wat duiken. Duizend woorden in de namiddag. Een paar martini’s, om vervolgens de dag af te sluiten met vrouwelijk schoon. Zes weken lang. Dat was de wijze waarop Ian Fleming in zijn Jamaicaanse vakantiewoning een Bond-roman pleegde te produceren. Deze werkwijze – behalve het snorkelen en de martini’s – is exact gekopieerd door de Britse schrijver Sebastian Fauks bij het schrijven van zijn Bond-roman Devil May Care die vandaag, op Fleming’s honderdste geboortedag, is verschenen.

De ‘verjaardag’ van Fleming gaat in Engeland gepaard met velerlei activiteiten. Het Imperial War Museum heeft een Bond-expositie georganiseerd, de koninklijke post liet Bond-zegels drukken en de geheime dienst probeert nieuwe spionnen te werven, waarbij wel wordt gewaarschuwd dat 007 niet geheel berust op de realiteit van het spionnenwerk. Kranten publiceerden gidsen van Flemingiaanse locaties, zoals de Schotse kostschool Fettes waar Fleming zijn jeugd grotendeels doorbracht (en waar Sean Connery dagelijks de melk bezorgde) en de Londense Broodles-club waar hij de keurig gestreken kranten las.

Hoogtepunt blijft echter de publicatie van Devil May Care, de 22ste Bond ná Fleming’s overlijden in 1964. Onder meer Kingsley Amis schreef Bond-thrillers. De 55-jarige Faulks was wat verbaasd toen hij door de erven Fleming werd benaderd voor dit jubileumproject, vooral ook omdat zijn band met James Bond slechts bestond uit twee pastiches, onder meer in A Trick of the Light. Aan de andere kant had Faulks, zoon van een oorlogsheld, romans geschreven waarin oorlog een belangrijke rol speelde. Hij besloot Bond niet naar de 21ste eeuw te slepen, maar verder te gaan waar Fleming halverwege de jaren zestig was gebleven.

Geïnspireerd door het zorgeloze drugsgebruik in die periode laat Faulks de geheim agent jagen op de heroïnemaffia, met Iran en Afghanistan als voornaamste plekken van handeling. Eén van de Bond-girls heet dubbelzinnig Poppy. Zijn Bond drinkt, rookt en flirt als gewoonlijk, en heeft een opmerkelijke passie voor eieren, gekookt, gebakken of scrambled – het maakt niet uit. Het zou een juiste beslissing kunnen zijn, want er bestaat in het politiek-correcte Engeland grote interesse in ouderwetse helden uit het nabije verleden.

De eerste kritieken suggereren dat het boek een mooi postuum verjaardagsgeschenk aan Fleming is. In The Daily Telegraph roemt Sam Leith de levendigheid van Faulks’ Bond, al zou de schrijver op de eerste zestig pagina’s soms wat al te veel slapstick-lol hebben. Leith roemt het lichtelijk absurde plot alsmede bijtende observaties. Het eerste treffen, op een tennisbaan, tussen 007 en de schurk met z’n misvormde ‘apenhand’ is volgens Leith zelfs Fleming op z’n best.