Bussemaker beperkt hulp aan jongeren

Duizenden kinderen met psychiatrische of gedragsproblemen, zoals autisme en ADHD, verliezen mogelijk het recht op individuele begeleiding uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, de AWBZ.

Staatssecretaris Bussemaker van Volksgezondheid (PvdA) vindt zulke begeleiding onbedoeld gebruik van de wet, zegt ze in een interview met NRC Handelsblad. De afgelopen jaren is het beroep van jongeren op hulp uit de AWBZ explosief gestegen. Bussemaker wil begeleiding alleen nog voor de zwaarste probleemgevallen betalen. „Juist om goed te kunnen blijven zorgen voor kwetsbare mensen die echt hulp nodig hebben.”

Bussemaker preludeert op het oordeel dat het kabinet op 13 juni over de AWBZ velt. In maart adviseerde de Sociaal-Economische Raad haar over de toekomst van de regeling.

De AWBZ dreigt onbetaalbaar te worden, stelt Bussemaker. Nu al betaalt de Nederlander jaarlijks zo’n 4.000 euro aan premie. Vooral jongeren veroorzaken de groei van uitgaven, met name kinderen met aan autisme verwante stoornissen of gedragsproblemen. Zij krijgen een zogeheten persoonsgebonden budget. Daarmee kunnen hun ouders zelf hulp inkopen. Zij schakelen bijvoorbeeld een individuele begeleider in, voor thuis, op school of bij de sportclub. Formeel mag dat; de wet is vaag over ‘ondersteunende begeleiding’. Die wordt vergoed wanneer ze bijdraagt aan de ‘zelfredzaamheid’.

Bussemaker wil de aanspraken beteugelen door een engere formulering van de wet. Daarnaast wordt waarschijnlijk een inkomensafhankelijke bijdrage gevraagd voor ondersteunende of activerende begeleiding. Dat moet het beroep op steun van het rijk ontmoedigen. Uit nieuwe cijfers van het ministerie van Volksgezondheid blijkt dat 60 procent van de jongeren met een persoonsgebonden budget een diagnose heeft die wijst op een autistische stoornis. Een kwart krijgt de diagnose gedragsstoornis, zoals ADHD.

Bureaus jeugdzorg (provinciaal gefinancierd) schrijven deze kinderen standaard ondersteunende begeleiding voor. Het Rijk moet die betalen, uit de AWBZ-kas. „Een perverse prikkel, er zit geen rem op”, zegt Bussemaker. „Ik wil niet zeggen dat het allemaal onzin is, want soms is die hulp noodzakelijk om een kind met zeer ernstige problemen thuis te laten wonen. Maar we moeten niet alle problemen willen individualiseren.”

Bussemaker: pagina 3