Woedend punkmeisje gekleed in een mantelpak

Ellen Wenkelbach: Het moet wel beschaafd blijven. Podium, 153 blz. € 16,– ****

‘Ellen Wenkelbach is dood. Leve Ellen Wenkelbach!’ De naam van de schrijfster in wier nalatenschap het manuscript is gevonden van Het moet wel beschaafd blijven, blijkt een pseudoniem. En dat wordt meteen in een begeleidende brief onthuld door de echte schrijver. Het gebeten, doordenderende, en op de een of andere manier toch melancholieke proza dat Donald Niedekker beving toen hij deze korte roman schreef, vroeg om een ‘eigen, zij het postuum schrijversbestaan’, licht hij toe.

Dat klinkt koket, maar na het lezen van Het moet wel beschaafd blijven is het zo vreemd nog niet. De suggestie van een kort, maar heftig schrijversbestaan past bij deze roman. Geschreven in afgemeten oneliners kom je als lezer terecht in de snauwerige, oppervlakkige en oversekste gedachtenstroom van ik-persoon Carla Hoogervorst. Tussen de regels door blijkt de binnenwereld van deze telg uit de niks-generatie echter vooral vol tragiek te zitten. Live fast, die young, maar dan zonder de glorie van een kort maar tot op de bodem geconsumeerd bestaan. De mythe van Ellen Wenkelbach raakt verklonken met de radicale vorm waarin deze roman geschreven is.

Carla, ooit een woedend punkmeisje dat met paperclips haar kleren bij elkaar hield, werkt op Schiphol in een vage, ondersteunende managementfunctie. Scherpgebekt geworden in plaats van rebellerend, schopt ze niet meer tegen het establishment, eerder in het wilde weg om zich heen.

Niet verdwenen is haar afkeer van alles wat naar burgerlijk gerief riekt, en daarmee vast verbonden ook haar heimelijk verlangen naar blijvende liefde, die met dezelfde geur besmet is. Ze neukt dan ook alles wat los en vast zit. En het knappe is dat Niedekker erin slaagt om zijn personage een haantjesgedrag mee te geven dat onmiskenbaar vrouwelijk is. Het moet wel beschaafd blijven staat bol van tietennijd, ‘spuitende stijfsels’ en smachtende ‘rozijntjes’, maar nooit heb je het gevoel dat iemand anders dan Carla Hoogervorst aan het woord is.

Het werkelijke thema van Het moet wel beschaafd blijven is zelfverloochening. Donald Niedekker heeft dat uitgewerkt door zich volledig in zijn personage in te leven. De keuze voor een pseudoniem valt ook in dit opzicht mooi samen met de roman. Feitelijk heeft hij niet één, maar twee personages gecreëerd. Als dat nodig was om van Carla Hoogervorst zo’n overtuigend karakter te maken dat ze je na het lezen van deze roman blijft achtervolgen, is hier niet zozeer sprake van effectbejag, maar van een geslaagd experiment.

Ellen Wenkelbach is niet voor niets in het leven geroepen. Leve Ellen Wenkelbach!

Ewoud Kieft