‘Ik ben een supporter van Oranje’

Jorge Valdano (52), die in 1896 met Argentinië wereldkampioen voetbal werd, gebruikt sport om managers te trainen. „Je leert jezelf overtreffen.”

Jorge Valdano: „Zeer onrechtvaardig dat Frank Rijkaard bij Barcelona moest vertrekken.” Foto Reuters Real Madrid's sporting director, Argentine Jorge Valdano, smiles as he arrives for a news conference in Mexico City, after a visit to Real Madrid's first sporting school of soccer outside Span, located in Mexico, March 2, 2004, REUTERS/Henry Romero HR/HB REUTERS

Twintig jaar nadat hij er in 1986 met Argentinië wereldkampioen was geworden, stapte Jorge Valdano in Mexico-Stad met een groep zakenmensen in een helikopter. Kort na het opstijgen stortte het toestel neer. Eén passagier overleed; Valdano brak acht ribben en liep een geperforeerde long op, waarvan hij na een spoedoperatie volledig herstelde.

Voor de man die in de finale tegen West-Duitsland doelman Toni Schumacher met een uitgekiende actie passeerde, zorgde het ongeluk voor de nodige reflectie: „Rijk zijn is tijd hebben – ik hoop dat ik die les nooit verleer. Wanneer je zoiets meemaakt, veranderen je prioriteiten: niet je werk, maar koffie drinken met je naasten komt op de eerste plaats.”

Het is een typerende uitspraak voor Valdano (1955). Al tijdens zijn voetbalcarrière werd hij ‘de Filosoof’ genoemd, omdat zijn belangstelling verder reikte dan de cornervlag. In plaats van te feesten, las hij liever auteurs als Julio Cortázar en Jorge Luis Borges. Soms smokkelde hij zelfs boeken de kleedkamer binnen; menig trainer vond al dat lezen maar verdacht.

Later, toen Valdano als coach aan de slag ging, groeide zijn reputatie als denker. Zozeer, dat hij in ‘vijandelijke’ stadions niet met de gebruikelijke scheldkanonnades werd onthaald, maar met ‘Dichter’ en ‘Intellectueel’. De elegant geklede Valdano moet daar ook nu nog om lachen: „In de voetbalwereld krijgt iedereen een stempel opgedrukt. Gelukkig worden intellectuelen vandaag de dag niet meer gewantrouwd.”

Valdano publiceerde diverse boeken over voetbal, maar sinds een jaar of tien is hij ook actief in de zakenwereld. Samen met een econoom richtte hij het adviesburo Make a Team op en inmiddels behoort de helft van alle Spaanse beursgenoteerde bedrijven tot zijn klantenkring.

„Met een aantal oud-topsporters hebben we een goed idee grondig uitgewerkt. De sportwereld staat bol van de leerzame overdrijvingen. Men maakt daarom steeds vaker gebruik van de sport om managers te trainen. Op zich niks nieuws: de oude Grieken meenden al dat harmonie tussen lichaam en geest de basis voor geluk was. Sport leert je van alles over rolverdeling, jezelf overtreffen, winnen, verliezen, uitstel van beloning, solidariteit en bescheidenheid.”

Veel van de ervaringen waaruit Valdano put, deed hij op bij Real Madrid. Tussen 1984 en 1987 speelde hij er in de aanval en in 1995 keerde hij terug als trainer. Hij won prompt de landstitel, maar in het daaropvolgende seizoen werd hij ontslagen. Het waren hectische tijden onder voorzitter Lorenzo Sanz. Eén van Valdano’s opvolgers, Jupp Heynckes, verloor zijn baan hoewel hij de Champions League won en Guus Hiddink belandde op straat na het het winnen van de wereldbeker.

In tal van interviews uitte Valdano kritiek op de Madrileense ‘improvisatiecultuur’. Een club diende het contract van een trainer te respecteren, zo betoogde hij, anders zou er onvermijdelijk onrust uitbreken in een ploeg. In 2000 hadden de socios genoeg van Sanz’ wanbeleid – de club dobberde rond in een bodemloze schuldenput – en kozen ondernemer Florentino Pérez tot nieuwe voorzitter. Valdano zag zijn kans schoon om zijn woorden in daden om te zetten: hij werd sportief directeur.

Real voer wel onder de nieuwe leiding. Pérez saneerde de club en verschafte Valdano geld om sterren als Zidane en Beckham te contracteren. „Wij waren dolblij met Zidane; een superspeler en bovendien heel nobel. Na zijn kopstoot in de WK-finale tegen Italië kreeg hij veel kritiek, maar als je onder enorme druk moet presteren, kun je onvermoede fouten maken. Mijn waardering voor hem als speler en als mens is er niet minder door geworden.”

En Beckham? Was hij voor Real Madrid niet vooral een voetballende reclamezuil? Valdano: „Beckham heeft een unieke commerciële uitstraling, maar hij is ook een groot speler. In Madrid toonde hij beide kwaliteiten: een strijder op het veld en een dandy op straat. Het feit dat hij bij zijn vertrek door iedereen werd geprezen, zegt genoeg. Probleem is, dat er door zijn publicitaire potentieel soms misverstanden ontstaan die hem en zijn directe omgeving kunnen schaden.”

Valdano hield woord tijdens zijn vierjarige bewind en ontsloeg geen trainers. Maar het contract van succescoach Vicente del Bosque (hij won twee keer de Champions League) werd in 2003 niet verlengd. De ‘Koninklijke’ is nu eenmaal méér dan een veeleisende werkgever: „Real wil continu excelleren en dat vergt veel van alle betrokkenen. Winst en mooi spel zijn niet genoeg. Het moet altijd beter en het favoriete slachtoffer van zo’n systeem is de trainer, helaas. Wat mezelf betreft: in 2004 had ik het idee dat de cirkel rond was en ben ik in de aanloop naar de clubverkiezingen gestopt. De functie vergde erg veel energie.”

Schusters Real werd onlangs vrij eenvoudig landskampioen, maar excelleerde zelden. Valdano: „Doorslaggevend was het respect voor de historische waarden van de club: veeleisendheid, een goede teamspirit en een echte vechters- en winnaarsmentaliteit. Wat dat betreft was Raúl dit seizoen belangrijker dan de technische leiding, want hij belichaamt als geen ander de cultuur van Real Madrid. Het ontbreekt het team alleen nog aan souplesse en een extra genialiteit om ver in de Champions League te komen en attractiever te spelen.”

Moet de club dan weer nieuwe ‘galácticos’ inkopen? “De geschiedenis heeft ons geleerd dat vijf sterspelers iets te veel is voor een elftal, maar een club als Real Madrid moet altijd op zijn minst een van de vijf beste spelers ter wereld binnen zijn gelederen hebben. Dat is momenteel niet het geval.”

Met respect: „Het is de verdienste van Schuster dat hij een strak georganiseerd team heeft gecreëerd, zonder veel conflicten. In het eigen doelgebied en in dat van de tegenstander is Real vaak heer en meester. Alleen het middenveld heeft zijn draai nog niet gevonden. Wesley Sneijder is bijvoorbeeld een groot talent, maar hij moet rustiger worden. Hij lijkt af en toe nog moeite te hebben met de enorme druk die rond Real hangt. In het begin van het seizoen speelde hij uitstekend, maar daarna leek hij soms bang de hoge verwachtingen niet voortdurend te kunnen waarmaken. Een kwestie van tijd.”

Gaan Valdano’s handen niet jeuken als hij al die spelers wekelijks in actie ziet? „Nee, het trainersschap heeft mijn blik op het voetbal verruimd, maar het nam mijn leven teveel in beslag. Ik sluit echter niet uit dat ik ooit nog ergens sportief directeur word, want in die functie kan ik mijn ervaring als speler, trainer, zakenman en comunicator toepassen.”

‘Ergens’ is volgens de Argentijn beslist níet in Barcelona: „Ik ben te zeer verbonden aan Real Madrid om een baan bij Barça te ambiëren. Dat zou op z’n zachtst gezegd als ‘ontrouw’ uitgelegd worden. Maar let wel: ik bewonder die club en zijn rijke historie zeer.”

„Overigens is het zeer onrechtvaardig dat Frank Rijkaard moet vertrekken. Ik vind hem een formidabele trainer. Hij liet Barça attractief spelen en bleef altijd evenwichtig. Bovendien liet hij jeugdige talenten rustig rijpen en was hij respectvol jegens de routiniers. Dat zie je niet overal. Maar helaas zorgde het gebrek aan professionaliteit bij een aantal van zijn beste voetballers voor steeds meer onrust in de ploeg. Dat Rijkaard nu moet vertrekken is zuur. Hij was veel professioneler dan al zijn spelers bij elkaar.”

Over Ronald Koeman is Valdano minder positief: „Trainers moeten soms drastische maatregelen nemen, wat tot pijnlijke, moeilijk oplosbare conflicten kan leiden. Maar revoluties, zoals hij bij Valencia een aantal clubiconen uit de selectie verwijderde, dien je in het voetbal tot juni uit te stellen. Midden in het seizoen kan de zaak ontploffen en een complete club destabiliseren.”

Als commentator breekt Valdano regelmatig een lans voor de ‘Hollandse School’ met het aanvallende spelconcept. „Ja, ik reken mijzelf tot de supporters van Oranje. Soms zit het qua resultaat tegen, maar jullie proberen tenminste te vóetballen. Ik hoop dat Nederland ver komt bij het EK. Het voetbal is gebaat bij een succesvol Nederlands elftal. Andere landen kiezen dan ook weer meer voor de aanval. Of Nederland favoriet voor de eindzege zijn? Dat durf ik niet te zeggen. Veel competities zijn zo zwaar, dat veel spelers doodmoe aan het toernooi zullen beginnen. Een prognose heeft daarom weinig zin.”