Het probleem Herfkens beknelt vooral Verhagen

Nu het VN-rapport over de omstreden huursubsidie aan Eveline Herfkens is verschenen, wordt de roep om restitutie luider. Minister Verhagen zit in een moeilijk parket.

De minister van Buitenlandse Zaken moet zich dezer dagen opeens op explosief binnenlands politiek terrein bewegen. Aan Maxime Verhagen, eerder fractieleider van het CDA in de Tweede Kamer, is dat wel toevertrouwd.

Nu moet hij zien te voorkomen dat het ‘probleem Herfkens’, aanvankelijk vooral een probleem voor haar PvdA, zíjn probleem gaat worden. Oftewel: dat hij machteloos staat tegenover iemand die ten onrechte gebruik heeft gemaakt van financiële suppletieregelingen.

Tweemaal eerder vroeg minister Verhagen Herfkens de 280.000 dollar terug te betalen die ten onrechte was verstrekt voor haar verhuizing naar New York en de huur van haar appartement daar. Tweemaal weigerde zij. Terugbetalen zou volgens Herfkens een schuldbekentenis inhouden en van een ding is ze overtuigd: háár valt niets te verwijten.

Herfkens ging per 1 november 2002 bij de VN werken als coördinator van de campagne ter bestrijding van armoede. Zij werd gedetacheerd door Buitenlandse Zaken. Herfkens kwam onder de arbeidsvoorwaardenregelingen van de VN te vallen. Tegelijk trof zij een huur- en verhuiskostenregeling met het ministerie in Den Haag. De interne regels van de VN verbieden echter vergoedingen door derden.

De laatste keer dat minister Verhagen met de Tweede Kamer over deze zaak sprak zei hij dat hij, conform de wens van de meerderheid van de volksvertegenwoordiging, zou proberen het geld terug te vorderen. Maar daarbij was hij afhankelijk van een onderzoek van de ontwikkelingshulporganisatie van de Verenigde Naties, UNDP. Dat zou antwoord moeten geven op de vraag of Herfkens willens en wetens de regels heeft overtreden. Juist op dat punt geven de VN nu geen keihard uitsluitsel. Volgens het zojuist uitgebracht rapport valt Herfkens het nodige te verwijten, maar tegelijk wordt gesteld dat zij „in goed vertrouwen” heeft gehandeld.

Met die formulering lijkt de basis voor een kansrijke juridische procedure te vervallen. Toch gaf minister Verhagen zich gisteren in Brussel, waar hij was voor een vergadering met zijn Europese collega’s, nog niet gewonnen. Het rapport had hij weliswaar nog niet gelezen, maar „als het juridisch enigszins kan, zal ik tot die terugvordering overgaan, omdat het belastinggeld betreft”, zei hij tegenover Nederlandse journalisten. Even later had hij echter de verklaring van de VN onder ogen gehad en stelde hij vast: „Het wordt lastig zo. Heel lastig.”

Vooral de conclusie van de VN dat alle partijen – dus én Herfkens én het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken én de UNDP – iets te verwijten valt, zou de zaak bemoeilijken.

Intussen stelt de Tweede Kamer zich alleen maar harder op. De oppositiepartijen waren altijd al van mening dat Herfkens gedwongen moest worden terug te betalen. Opmerkelijk is dat na het verschijnen van het VN-rapport ook Verhagens eigen partij, het CDA, die mening is toegedaan. Volgens het Tweede Kamerlid Ferrier toont het rapport aan dat Herfkens de VN-reglementen die betaling door derden verbieden heeft gezien. Dat maakt de schuld groter.

De vraag is of de landsadvocaat dat ook vindt. Meer kans biedt een politieke oplossing die eerder werd aangereikt door Kamerlid Kees Vendrik (GroenLinks). Hij vindt dat Verhagen moet proberen een schikking met Herfkens te treffen. VVD en PvdA, de partij waarvoor Herfkens in de Tweede Kamer zat voordat zij minister voor Ontwikkelingssamenwerking werd, zijn die mening nu ook toegedaan. En die maximale politieke steun heeft Verhagen nodig om Herfkens er toe te bewegen althans een deel van de 280.000 dollar terug te sturen.

Opinie: pagina 7

Artikelen en relevante documenten: nrc.nl/binnenland