Ontmaskering van de spijbelsmoes

Documentairemaker René Roelofs zoemde in op het moeilijke werk van leerplichtambtenaren die spijbelaars opsporen in Slotervaart in Amsterdam.

Het is zo’n grappig woordje, spijbelen. Klinkt als sabbelen, maar het is iets zeer zorgelijks. Niet voor niets maakte de staatssecretaris van Onderwijs vorige week bekend dat zij het spijbelen terug wil dringen met een in te voeren landelijk ‘digitaal loket’. Scholen zullen verplicht worden om daar hun spijbelaars te melden.

Spijbelt er iemand dan kan dat een zee van ellende verraden, ook de ontzetting van leraren die een klas binnenkomen waar niemand zit.

Overdreven? René Roelofs weet van niet. Hij filmde acht maanden lang in het Amsterdamse stadsdeel Slotervaart de mannen en vrouwen voor wie spijbelen werk is: de leerplichtambtenaren. Waarom Slotervaart? „Het is een goed voorbeeld. Schoolverzuim is specifiek voor allochtone stadswijken als Slotervaart. Het wordt in de hand gewerkt doordat gezinnen in zulke buurten gebukt gaan onder diepgaande culturele generatieconflicten. En bijna niemand spreekt normaal Nederlands. Hoe moeten die kinderen onderwijs volgen? Geen wonder dat ze het op school niet uithouden.”

Maar zijn aandacht gaat nadrukkelijk uit naar de leerplichtambtenaren die de spijbelaars traceren en aanpakken. „Ambtenaren zijn mijn favoriete onderwerp. Hun machteloosheid, hun gedrevenheid, hun willekeur. Dit is mijn tiende documentaire over ambtenaren. De elfde staat op stapel.”

Het begin van deze film ligt bij het boek Onzichtbare ouders van Margalith Kleijwegt. Roelofs: ,,Zij beschrijft een cultuur waarin ouders niet gewend zijn iets te weten van hun kinderen – en dat moet je in een stad als Amsterdam niet hebben. Natuurlijk sprak Kleijwegts hoofdstuk over leerplichtambtenaren mij, als ambtenarenfan, aan. Het bracht me op het idee voor deze film.’’

Roelofs’ documentaire, Pas op voor de leerplichtambtenaar!, wordt in twee delen uitgezonden. Deel 1 brengt het begin van een schooljaar in kaart, met schoolverzuim dat ernstig is maar nog beheersbaar lijkt. Het eindigt met een dodelijke steekpartij op een van de scholen waar is gefilmd. In deel 2 is de sfeer harder en het verzuim mateloos. We gaan mee op huisbezoeken, bijvoorbeeld bij een jongen die de steekpartij als oorzaak voor zijn aanhoudende afwezigheid geeft: het slachtoffer lag bloedend in zijn armen. En dan ontmaskert de ambtenaar dit, vriendelijk en niet-confronterend, als een smoes.

De film concentreert zich op Chantal, Abdel en Nesrine, drie leerplichtambtenaren van het stadsdeel die, zoals Roelofs zegt, „bewonderenswaardig consciëntieus” hun werk doen, „terwijl ze weten dat het probleem groter is dan ze aankunnen”.

Hun werk is ouders te wijzen op en te houden aan de leerplicht van hun kinderen, en spijbelende leerlingen binnenboord te houden om ze alsjeblieft maar een diploma te laten halen. Intussen zien we ze reageren op een variëteit aan problemen en emoties. Vrouwen in het nauw. Vaders als glimlachende idioten. Kinderen in de klem. Chaos in de klas. Onuitsprekelijke gêne. Verdriet. Psychische nood.

We maken kennis met de strategieën. De leerlingen en hun ouders worden strikt formeel aangesproken, òf belerend, òf bezwerend („Wat er ook aan de hand is, wij vinden het belangrijk dat een kind naar school kan”). Er is de directe aanpak en de gemoedelijk-vaderlijke.

Roelofs vertelt dat er lang, acht maanden, gefilmd is. Er waren dagen dat hij nergens toegang kreeg, of dat er niemand in beeld wilde. „De basishouding voor die jongens met die capuchons is: rot op met je camera. De scholen zagen ons niet graag komen, die zijn bang voor hun imago. We filmden op onbewaakte ogenblikken, maar als de directie erachter kwam was het afgelopen. Dat we nu en dan bij mensen binnenkwamen, is te danken aan de hulp van de ambtenaren. En natuurlijk, je maakt gebruik van de situatie. Want zo’n leerling is niet gek. Die denkt: als ik nou niet moeilijk doe over dat filmen, doet die ambtenaar misschien niet moeilijk over mij.”

De film besluit met ambtenaar Abdel, die we dan hebben leren kennen als een kei in zijn werk, vasthoudend, betrokken en onvermoeibaar. Plotseling verzucht hij: „Het is dweilen met de kraan open. Heel verschrikkelijk.” En hij kijkt, voor het eerst, in de lens.

NCRV Dokument: Pas op voor de leerplichtambtenaar! Deel 1, vanavond 22.50-23.50 uur.