De motorrijder is koning

De populariteit van de motor groeit nog steeds. Velen spelen met de gedachte om te gaan motorrijden. Eerste deel van een korte serie over motorrijden.

Een van de belangrijkste redenen om de motor te verkiezen boven de auto op lange, zomerse zondagmiddagen is niet het rijden, maar het stoppen. Met de motor stopt u waar u wilt, op het moment dat u het schikt. Een in de sloot gevallen koe, een opstootje op het dorpsplein, een bloemrijke weide met spelende kinderen: u stopt ter plekke en bekijkt het tafereeltje. Een aardig winkeltje, een lommerrijk terrasje: u staat al stil en geniet, terwijl de automobilist moeizaam naar een parkeerplekje zoekt, blikschade riskerend, en zijn achterliggers tot razernij brengt.

Met name het terrasje is een fort van de motor. U zit al lang en breed achter uw eerste versnapering als de automobilist mokkend en morrend arriveert, of al doorgereden is onder het motto „er komt nog wel een terrasje”.

Ook het rijden is leuker. Uw vriend in zijn Lamborghini gaat welgemoed op pad, maar komt er bij Ermelo al achter dat het niet veel uitmaakt of je in een snelle sportwagen of in een oude Eend rijdt: hij staat voornamelijk te wachten tussen de Corsa’s en de Corolla’s. Terwijl u met uw lichte en soepele motor overal tussendoor laveert en trage voorgangers makkelijker passeert met uw tachtig pk dan hij met zijn driehonderd. Recreatief autorijden komt voornamelijk neer op langdurig stilstaan, op het stuur bonken van ergernis en sinaasappels voor elkaar pellen, als er geen asbakken volgerookt worden. De motorrijder is koning.

Eerlijk is eerlijk: gevaarloos is het motorrijden niet. Maar geef toe: een deel van uw motivatie ís juist het risico dat u loopt. Een behoefte die u deelt met bergklimmers, diepzeeduikers en parachutespringers. Een begrijpelijk wens. In onze oververzekerde samenleving, waarin zelfs de meest griezelige ziekten tegenwoordig een redelijke overlevingskans bieden, zijn fysieke risico’s vrijwel verdwenen. Zakelijke en financiële lopen velen onder ons ook niet meer: we werken in een semi-overheidsomgeving, waar de struggle for life volledig uitgebannen is.

In de vakantie zoeken we daarom het gevaar, tijdens avontuurlijke reizen naar verre streken vol halfverroeste landmijnen, venijnige insecten en enge reptielen.

Prima, maar de motor hebt u altijd bij de hand. Na een dag vergaderen trekt u ’m uit het schuurtje om Het Gevaar op te zoeken dat u overdag zo node hebt gemist.

De motor stilt uw adrenalinehonger snel en volledig. Zelfs tijdens het meest gezapige zondagsritje doen zich situaties voor die de schrik er even flink in doen schieten. Een laat remmende auto van rechts, een verraderlijke verkeersdrempel: u schrikt zich kapot. Maar geen zorgen, meestal gaat het goed, en de opluchting achteraf is weldadig. Schroef daarom het gas gerust wat verder open en ga iets platter door de bocht. U zoekt dat gevoel; laat de motor het u met gulle hand geven.

De autoriteiten leggen met het oog op uw veiligheid vooral de nadruk op beschermende kledij. Uitstekend, maar veel effectiever is het om te kiezen voor een lichte, hoge motor. Daarmee ziet u verraderlijke situaties van verre aankomen. De diepliggende motoren waarmee velen laag over het wegdek schuiven, bieden weinig uitzicht en blijven voor overige weggebruikers verborgen achter heggen en ander struikgewas. Bijkomend voordeel van de motor is natuurlijk dat er geen kinderen en schoonouders met u mee kunnen. Dvd-players, maxicosy’s en luidruchtig piepende videogames kunnen thuis blijven. Op uw motor passeert u de ongelukkigen die met een om ijs en frieten jengelende kinderschaar op zoek zijn naar rust en ontspanning.

Die rust vindt u wel. U bent alleen met uw gedachten, die opmerkelijk schoon gehouden worden door de concentratie die het motorrijden nu eenmaal vereist. De helm geeft u de nodige anonimiteit, dus luidkeels zingen, gewoon maar wat broem-broem neuriën, of hardop schuttingwoorden schreeuwen, het kan allemaal, en het wordt niet of nauwelijks opgemerkt. Daarom gaat u motorrijden.