Successiewet dringend aan revisie toe

Niets gaat erfgenamen te ver om de Successiewet, die het afrekenen met de fiscus regelt na overlijden, aan te vechten. „Desnoods scheid je even van je vrouw.”

Verschillende krachten stuwen de mens bij leven voort. Liefde, honger, ambitie, de ander. In dit rijtje past zeker ook het streven om zo min mogelijk belasting te betalen. De energie die in dat laatste wordt gestoken is zelfs zo groot dat het betalen van zo weinig mogelijk belasting zelfs tot na de dood, soms vér na de dood, wordt nagestreefd.

En in Nederland is er een wet die in de loop van anderhalve eeuw door allerlei reparaties en aanpassingen zo ingewikkeld is geworden, dat het verlangen om na de dood van een dierbare zo min mogelijk, liefst géén, belasting te betalen, tot je reinste excessen leidt.

Die wet is de Successiewet en regelt de belastingheffing over hetgeen een erflater na zijn of haar dood nalaat. Is een erfenis te zien als een schenking met de koude hand, dan is een gift bij leven een schenking met de warme hand. De belastingheffing over die gewone schenkingen is ook gebaseerd op de Successiewet: schenken en erven hangen voor de professionals – vooral notarissen – derhalve nauw met elkaar samen.

Professor Van Mourik is dé professional onder al die deskundigen en hoogleraar notarieel- en privaatrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij maakt zich zorgen over de gevolgen die de Successiewet veroorzaakt. In één woord samen te vatten onder de noemer constructies. De wet is ingewikkeld en hanteert voor bepaalde groepen erfgenamen volgens Van Mourik „gelegaliseerde criminele’’ belastingtarieven tot 68 procent.

Dat werkt fiscaal trapezewerk van erflaters in de hand om straks zo min mogelijk aan de strijkstok van de fiscus te laten hangen. Een erfenis regelen heet voortaan dan ook estateplanning, waarbij notaris en fiscaal jurist de handen ineen slaan om er een voor de klant zo gunstig mogelijk resultaat uit te slepen.

„Het loopt uit de hand met die grappen en grollen’’, meent Van Mourik. „Alleen de rijken ontsnappen via die constructies aan het betalen van successierecht, want zij kunnen het zich veroorloven daarvoor professionals in te schakelen. Daardoor is de rechtvaardigheid zoek.”

Want waarvan de minder rijken zich kunnen bedienen, mag nauwelijks het predicaat ‘constructie’ dragen. Het meest populair onder die groep is het bij leven schenken aan eigen kinderen tot een bepaald belastingvrij bedrag per jaar, dat voor dit jaar is vastgesteld op 4.479 euro. „Als je vermogen in je huis zit, kun je schenken via een notariële akte’’, legt Van Mourik uit. „,Je kinderen lenen tegen een rente waarover ze geen inkomstenbelasting betalen. Maar die rente moet 180 dagen voor het overlijden van de ouder betaald zijn: dus dat is gokken.’’

Op die manier wat schuiven met geld is tamelijk onschuldig. Maar veel mensen gaan veel verder om de fiscus te ontlopen en passen hun persoonlijk leven er zelfs rigoureus op aan. Van Mourik ziet er elke week wel eentje langskomen voor advies: een redelijk kapitaalkrachtige alleenstaande man of vrouw op leeftijd die aan één bekende – neef, nicht of goede vriend – bijvoorbeeld 1 miljoen euro wil nalaten. Dat kan, maar dan gaat ruim 600.000 euro naar de belastingen.

„Maar nul euro naar de belasting brengen kan ook’’, stelt Van Mourik. Zijn advies: ga een geregistreerd partnerschap met elkaar aan. Dan wordt de belasting 23 procent over zo’n vijf ton – het bedrag boven de vrijstelling voor echtgenoten en partners.

Wil je helemaal geen belasting betalen, ga dan voor de ‘partnerschapsvoorwaarden’. Dan is de nalatenschap nog maar de helft van het miljoen – de andere helft is immers voor de partner – en blijf je onder het vrijstellingsbedrag.

„Desnoods ga je als vriend van de erflater even van je vrouw scheiden. Volstrekte poppenkast allemaal en het geregistreerd partnerschap is daar natuurlijk niet voor bedoeld. Pervers? Als ik dit niet als mogelijkheid voorleg, word ik voor de tuchtraad gedaagd wegens slechte advisering.’’

Het streven om zo weinig mogelijk geld naar de fiscus te brengen is een soort tweede natuur van mensen, is de vaste overtuiging van Van Mourik. Dus zullen er altijd constructies blijven bestaan die in die behoefte trachten te voorzien. De huidige Successiewet werkt dergelijke constructies alleen maar in de hand en moet daarom drastisch worden herzien, vindt Van Mourik. Alleen niet op de manier waarop de bewindspersoon die over deze wet gaat, staatssecretaris De Jager van Financiën (CDA), dat voor ogen staat.

„Hij wil die herziening budgetneutraal houden, maar dat kan niet. Want om ontwijkend gedrag uit te bannen, moet je het successierecht radicaal vereenvoudigen”, zegt Van Mourik. Hij zou ook wel weten hoe. „Schaf het successierecht af voor echtgenoten, samenwonende partners en kinderen. En hanteer één belastingtarief voor alle andere erfgenamen. Een beschaafd tarief, dus fors minder dan De Jagers bovengrens van 50 procent. Dat verlaagt de belastingopbrengst, maar wat veel belangrijker is: het verhoogt de rechtvaardigheid.’’