Soay-schaap betaalt hoge prijs voor het bezit van fraaie hoorns

Een soayschaap met jong op Vlieland. (Foto Jan Vink / Foto Natura) Vink, Jan;Naturalis

Het Soay-schaap (Ovies aries) is een zeldzaam huisdierras. Je ziet deze primitieve, kromhoornige schapen steeds vaker op landgoederen, in parken en natuurgebieden. De dieren zijn makkelijk te houden. Je hoeft ze niet te scheren, ze ruien hun vacht vanzelf.

Merkwaardig genoeg kom je deze schapen in twee varianten tegen. De meeste rammen dragen grote, gedraaide hoorns, die indruk maken op de vrouwtjes. Maar daarnaast duiken in de populatie ook altijd weer mannetjes met kleine, lichte hoorns op: van de zeven rammen hebben er zes volgroeide hoorns, één draagt kleine hoorns. Die variatie in hoornlengte is vooral erfelijk bepaald.

Volgens Britse biologen (Current Biology, 16 mei) is dit een mooi voorbeeld van selectiedruk in wisselende richting, in vette en magere jaren. Ze laten zien dat het schapenras op deze manier rekening weet te houden met een wisselvallig leefmilieu.

Een jonge ram die grote hoorns ontwikkelt, heeft later meer kans op nageslacht, maar die forse hoorngroei vergt in de jeugd wél een flinke investering. In schrale jaren heeft een jong mannetje met kleine hoorns meer overlevingskans, maar de prijs die hij daarvoor betaalt, is dat hij zijn leven lang minder succes zal hebben bij de vrouwtjes. Zo blijven beide varianten van dit secundaire geslachtskenmerk in stand.

Het onderzoek werd gedaan bij de Soay-schapen die al sinds de bronstijd grazen op de Sint Kilda-eilanden ten noordwesten van Schotland. Op het grootste eiland van de archipel, Hirta, leeft een verwilderde kudde van 432 dieren. De biologen hebben deze populatie sinds 1985 op de voet gevolgd: in totaal onderzochten ze zesduizend dieren.

Gemiddeld overleefde 41 procent van de lammetjes in de studiegroep hun eerste winter, maar van jaar tot jaar waren de verschillen groot. Er waren uitschieters van 86 procent als alles meezat, tot maar 5 procent als het erg tegenzat.

In die slechte jaren bleken vooral de lammetjes met lange hoorns te bezwijken. Maar geen enkel genotype voor hoorngroei bleek onder álle milieuomstandigheden optimaal. In een schraal leefgebied, waar de natuurlijke hulpbronnen een beperkende factor zijn, kunnen investeringen die bijdragen aan het voortplantingssucces ten koste gaan van de eigen fitness en de eigen overlevingskansen, schrijven de onderzoekers. In een onvoorspelbaar milieu is geen enkele strategie optimaal. Marion de Boo