Regime in fanzones maakt Zwitser opstandig

Is de UEFA de baas in Zwitserland tijdens het EK voetbal? Ja, menen veel bewoners en ondernemers in de speelsteden. „Door de sponsorterreur lijkt het wel oorlog.”

Caroline de Gruyter

Er broeit wat in café El Presidente. Dat heeft niets te maken met de broeierigheid die je verwacht in een café dat zichzelf aanprijst als ‘The finest latino danceplace in town’. Nee – in het geelgeverfde El Presidente, waar vanmiddag een lome rust heerst, begint men te ontdekken dat de eer om tijdens het EK voetbal middenin een zogeheten ‘UEFA-fanzone’ te vallen, een twijfelachtige is.

„Sport is een spel”, vindt uitbater Maximilian Müller van het etablissement in Bern, de stad waar het Nederlands elftal zijn groepswedstrijden tegen Frankrijk, Italië en Roemenië speelt. „Maar door de sponsor-terreur van de [Europese voetbalbond] UEFA heb ik eerder het gevoel dat het oorlog is.” Müller schenkt bier van het merk 1664 en geen Carlsberg, een van de veertien officiële sponsors van het EK, dat zaterdag 7 juni begint en drie weken duurt. Tijdens het toernooi mag hij daar binnen gewoon mee doorgaan. Maar op het terras niet. Onder de galerijen in het historische centrum, waar Müller bij mooi weer tafels buiten zet, mag hij geen glazen vullen met ‘1664’ erop: in de fanzones wordt concurrentie van Carlsberg niet getolereerd. Viltjes, vlaggen en parasols van 1664 mogen ook niet. Een tap buiten mag, maar alleen van Carlsberg. Müllers klanten mogen zelfs niet met 1664-glazen die ze binnen hebben gekregen, naar buiten lopen. Müller vindt dat absurd. „We leven in een vrij land, niet in een dictatuur!”

Terwijl Amy Winehouse „no, no, no” zingt en de wiek aan het plafond traag rondjes draait, legt Müller uit dat hij een brave Zwitser is. Heus geen revolutionair. „Ik betaal belasting en houd me aan alle regels. Maar nu komt het EK en de UEFA verandert eenzijdig alle regels. Ik begrijp niet dat de stad daaraan meedoet.”

Fanzones zijn stukjes stad die met twee meter hoge reclamehekken worden afgesloten. In die zones zijn wedstrijden op grote schermen te zien. De toegang is vrij, maar veiligheidsmensen controleren wie erin gaan. Overal hangen camera’s. „Het is voor de veiligheid, zegt de stad. Ik vind zoveel controle bedenkelijk. En daarbovenop moet ik óók doen wat de sponsors zeggen? Dit merk mag wel, dat merk mag niet. Geen Heineken-kleppen op, geen Puma-schoenen, maar Adidas. Op de openbare weg! Waar eindigt dit?”

Müller staat niet alleen in zijn verzet. In alle vier Zwitserse voetbalsteden voelen mensen zich bekocht. Dat je straks in stadions alleen Coca-Cola en Carlsberg kunt krijgen, is tot daar aan toe. Dat je daar alleen bepaalde merkkleding mag dragen, gaat verder. Sommige supporters en lokale politici roepen op tot ‘ambush-marketing’: expres merken van de concurrentie dragen. Volgens UEFA-woordvoerster Pascale Vögeli is de UEFA de baas in de stadions. „Iedereen die een kaartje heeft, heeft een contract met ons. Misbruik van merken en ambush-marketing worden dus bestraft.” Net als tijdens het WK in Duitsland moeten fans ‘foute’ truitjes uittrekken.

In fanzones ligt het anders. Daar mag je zonder kaartje in. Het is openbare ruimte, al staan er ineens hekken. Hier regelt (en betaalt) de stad de veiligheid, niet de UEFA. Drie restaurants in een Bazelse fanzone vonden dat de UEFA niet zomaar kon eisen dat ze op hun terrassen Carlsberg schenken. De ‘oplossing’ is nu dat deze restaurants hun eigen bier blijven verkopen, maar dat hun terrassen met hekken van de fanzone worden gescheiden. Bizar, beaamt sponsorconsultant Patrick Cotting, EK-adviseur van de stad Bazel. „De UEFA is een stap te ver gegaan. Nu hebben mensen het gevoel dat sponsors meer rechten hebben dan zij.”

De voetbalsteden Genève, Bern, Zürich en Bazel hebben contracten met de UEFA. De tekst is vertrouwelijk. Dat is vreemd, want de stad wentelt de eisen van de sponsors wel op de burgers af. Omdat de veiligheid in fanzones met hún belastinggeld wordt betaald, voelen zij zich verraden aan de sponsors. Cafébaas Müller zegt: „Eerst betalen wij voor camera’s en agenten, vervolgens komen de sponsors ons ook nog vertellen wat wij moeten drinken en dragen. Ik begrijp niet dat de stad hiermee akkoord gaat. Ik blijf mijn eigen bier schenken. Ze bekijken het maar.”

Volgens Cotting kan de stad weinig anders doen dan Müller steunen. Stadsbesturen die sponsors boven burgers stellen, zijn in deze volksdemocratie geen lang leven beschoren. Zürich lijkt dat te beseffen. Euro-gedelegeerde Daniel Rupf zei al dat hij wel achter zwarthandel en grote overtredingen aangaat, „maar niet achter een bakkertje dat ‘Euro-Brötli’ verkoopt” – ook al is het gebruik van het woord ‘Euro’ in een reclameuiting eveneens aan banden gelegd.

Wat het nóg schrijnender maakt, legde het tv-programma Mise Au Point vorige week bloot: de UEFA gaat mede door licenties en tv-rechten wellicht een miljard frank (618 miljoen euro) winst maken op dit EK, maar betaalt nauwelijks belasting in Zwitserland omdat het als ‘non-profit organisatie’ te boek staat. Anders dan het Internationaal Olympisch Comité (IOC), dat de opbrengst deelt met het nationale comité dat de Spelen organiseert, draagt de UEFA daar vrijwel niets van aan Zwitserland af – het gaat naar nationale voetbalbonden. Het gevolg is, stelt Cotting, „dat burgers zich misbruikt voelen. Geef ze eens ongelijk.”

Zijn oplossing: laat de UEFA de veiligheid in de fanzones betalen, zorg dat sponsors meer leuke dingen doen voor de mensen. En laat de steden die zo graag voetbalstad willen worden, referenda organiseren zodat de burgers tenminste een stem hebben.

Dat is allemaal niet gebeurd. Vandaar dat Teddy Wassmer, een Nederlandse Zwitser die een grote camping voor fans opzet, spreekt van „nazistische praktijken van de UEFA”. Zelfs de zakenkrant Neue Zürcher Zeitung repte zondag in een commentaar van „verraad”. Maximilian Müller vindt dat hij het gelijk zó aan zijn kant heeft, dat het niet eens nodig is om te protesteren. Demonstraties of acties met andere kroegbazen overweegt hij niet. „Wij betalen voor die fanzones, de UEFA verdient eraan. Dus hebben wij meer rechten dan zij. IJzeren logica.”

Bekijk een plattegrond van het centrum van Bern, met de fanzone, op nrc.nl/sport