‘Er is geen oplossing’

De Nederlandse diplomaat Peter van Walsum ligt onder vuur. Hij gaf zijn persoonlijke mening over de door Marokko bezette Westelijke Sahara. „Het overleg is een schijnvertoning.”

Hij zou het imago van de Verenigde Naties geschonden hebben. Zichzelf onmogelijk gemaakt als onderhandelaar. Zijn neutraliteit ondermijnd. Een loopje genomen met het volkerenrecht. Zelden werd een persoonlijk afgezant van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties zo hard aangevallen als Peter van Walsum. De Nederlandse diplomaat moet bemiddelen in het conflict in de Westelijke Sahara dat door Marokko wordt bezet, maar sinds een paar weken is hij volgens onafhankelijkheidsbeweging Polisario en Algerije persona non grata.

Van Walsum ligt onder vuur omdat hij de Veiligheidsraad, los van de rapportage van secretaris-generaal Ban Ki-moon, onomwonden zijn mening heeft gegeven: onderhandelen over een onafhankelijke Westelijke Sahara is „onrealistisch”.

Marokko en Polisario hebben vanaf 1991 vruchteloos gekibbeld over wie mocht stemmen in een referendum over de toekomst van het gebied. Vanaf 2004 wees Marokko een volksraadpleging over een mogelijke onafhankelijkheid van de hand en kwam met een voorstel voor autonomie onder Marokkaanse vlag. Polisario houdt vast aan een referendum over onafhankelijkheid. Maar volgens Van Walsum hebben besprekingen weinig zin, omdat de Veiligheidsraad Marokko nooit zal dwingen een referendum over een onafhankelijke Westelijke Sahara te accepteren.

Nu liggen de onderhandelingen stil. Secretaris-generaal Ban Ki-moon zwijgt in alle talen over het dossier. Het goede humeur van Van Walsum (73), een lange magere verschijning, lijkt er niet door bedorven. Naast een thermoskan met koffie doet hij in zijn Haagse woning uitgebreid verslag van bijna drie jaar onderhandelen in de Westelijke Sahara.

Heeft u de zaak geforceerd omdat u er zelf geen zin meer in had?

„Ik kan niet zeggen dat ik de zaak heb opgeblazen om er zelf mee op te kunnen houden, maar ik dacht ook niet: o jee, zo maak ik mezelf onmogelijk. Ik kreeg het gevoel dat ik was neergezet om deze zaak gaande te houden tot in het oneindige. Van alle kanten kreeg ik te horen: ‘Hou vol, zet door! Het gaat de goede kant op.’ Ik werd ontzettend geprezen, vooral door Algerije dat Polisario steunt. Geweldig zo goed het ging. Toen dacht ik: nee sorry, dat is geen zuivere koffie.”

U voelde zich gebruikt?

„Ik dacht: als ik nu niet mijn mening geef, dan zal ik mij over een jaar onvoorstelbaar misbruikt voelen. Niemand gelooft namelijk in een oplossing. Marokko overschat zijn eigen positie en Polisario en Algerije hebben geen ander doel dan het onderhandelingsproces net zo lang gaande te houden totdat de Veiligheidsraad zo wanhopig wordt dat hij instemt met een referendum onder de Saharawi over onafhankelijkheid.

Polisario wilde gebruik maken van de normale spelregels van dekolonisatie en zelfbeschikkingsrecht, omdat de Westelijke Sahara een voormalige Spaanse kolonie is. Marokko heeft op zijn beurt gezegd dat die spelregels niet van toepassing zijn omdat het gebied voor de kolonisatie al van hun was.

Toen Marokko op het punt stond het gebied binnen te trekken heeft Algerije heel nadrukkelijk aangedrongen op toepassing van Hoofdstuk Zeven van het Handvest van de Verenigde Naties dat militair optreden tegen agressie mogelijk maakt. Door deze oproep te negeren heeft de Veiligheidsraad voor het eerst duidelijk gemaakt dat ze geen geweld wil gebruiken. Dat is een duidelijke lijn geworden, elke keer heeft de Veiligheidsraad het afdwingen van een oplossing afgewezen. Dat is heilig in dit dossier.”

Polisario en Algerije willen niet meer met u onderhandelen. Heeft u door zo duidelijk uw persoonlijke mening uit te spreken de onderhandelingen verstoord?

„Vier maal zijn alle partijen bijeengekomen in Manhasset, een buitenwijk van New York. Dat overleg was een schijnvertoning, een wassen neus, doorgestoken kaart. Als ik hier braaf blijf zitten en doe wat van mij verwacht wordt dan ga ik niet vier rondes, maar acht rondes, of twaalf of zestien rondes doen. Een oplossing is er niet, want de twee uitgangspunten van de partijen zijn onverzoenbaar op het punt van het houden van een referendum over de onafhankelijkheid. Voor Polisario is dat essentieel en voor Marokko is dat ondenkbaar. Daar kom je nooit uit.

Ik kon natuurlijk ook gewoon ontslag nemen, maar ik dacht: laten we het eerst eens eventjes anders proberen. Als ik op mijn rondtocht langs regeringsleiders nu eens uitleg dat we er zo niet uitkomen. Als ik dat nu eens gewoon in mijn verslag zet. Een beetje va banque, een gok wagen. Als je zo zeker weet dat de onderhandelingen vast zitten, dan is het toch niet zo gek dat je probeert er een stoot aan te geven om het tenminste een bepaalde richting op te laten gaan.

Het vervelende is dat ik nu niet weet welke richting het op gaat. U zegt dat ze me niet meer willen hebben als bemiddelaar, nou dat is fijn, ik wil het ook niet zo graag meer. Maar ik heb altijd – zowel tegen Marokko als tegen Polisario – gezegd: als jullie genoeg van me hebben dan moet je een brief aan de secretaris-generaal schrijven. Dan is het zo geregeld. Maar ik heb geen bericht van de secretaris-generaal gekregen dat hij iets van dien aard heeft ontvangen. Dat betekent dat ik op dit moment echt niet weet wat de situatie is. Ik weet helemaal niks eerlijk gezegd.”

U krijgt het verwijt dat u een loopje neemt met de rechten van gedekoloniseerde volkeren. Men noemt u immoreel.

„Ik vind dat zo’n ontzettend oneerlijk argument. Het morele dilemma is dat Polisario meer gelijk heeft dan Marokko. Maar omdat de Veiligheidsraad Marokko nooit zal dwingen om een referendum over onafhankelijkheid te houden, kiest men in feite voor de status quo. Dat wil zeggen: uitzichtloze impasse. Polisario zit al 33 jaar in kampen. Is het moreel in orde om te accepteren dat nog een generatie Polisariokinderen in de kampen zal opgroeien? Ik stel iets anders voor: beweeg Polisario ertoe harde onderhandelingen aan te gaan over een serieuze en gegarandeerde vorm van zelfbestuur onder Marokkaanse vlag. Ik heb alle kampen van Polisario bezocht, maar ik heb nergens de gelegenheid gekregen om deze vraag aan de bewoners zelf voor te leggen.

Ik zeg: je moet met de realiteit rekening houden. Polisario heeft juridisch de beste papieren, maar door de opstelling van de Veiligheidsraad heeft het daar al die 33 jaar niets aan gehad. Mijn suggestie, maar dat is ook helemaal voor mijn rekening en absoluut niet overgenomen door de Secretaris-Generaal, is dat de Veiligheidsraad beide partijen oproept om tijdelijk te experimenteren met zelfbestuur zonder onafhankelijkheid. Misschien ontdekken ze dat dit de enige uitweg uit de impasse vormt. Als het niet werkt ga je weer terug naar af zonder dat iemand er iets op verloren heeft. Ik vind dat zeker geen immoreel voorstel. Als Polisario wil praten over de autonomie dan hebben ze een geweldige positie. Marokko snakt naar legitimiteit.”

U heeft uw mening los van het rapport van de secretaris-generaal naar de leden van de Veiligheidsraad gestuurd. Polisario en Algerije suggereren: Van Walsum wordt niet langer gesteund.

„Ik heb geen insubordinatie gepleegd! De secretaris-generaal heeft in dit geval mijn mening niet in het officiële rapport gezet. Hij ging daar om wat voor gevoeligheid dan ook te ontzien niet mee akkoord. Nogal logisch vond ik dat jammer, maar dat is nog niet direct een meningsverschil. Het zou natuurlijk te gek zijn als je je bevindingen niet kan rapporteren aan de Veiligheidsraad. Ik had de vrijheid om het aan de raad te melden en dat heb ik gedaan.”

Inhoudelijk bestaat er geen meningsverschil?

„Ik moet bekennen dat ik dat niet weet. Ik weet de reden niet waarom de secretaris-generaal mijn mening er niet in wilde hebben.

Heeft u toen u begon contact gehad met uw voorganger, de Amerikaanse diplomaat James Baker?

„Ja, ik ben bij hem langs geweest in Houston en heb uitvoerig met hem gepraat. Hij vond het een beetje ongelooflijk dat iemand die baan op zich nam, haha.”

Daar heeft hij gelijk in gekregen.

„Ja, maar ik heb het niet zeven jaar vol gehouden, ik heb na tweeënhalf jaar al gezien dat het niet gaat.”