‘Duitsland heeft groeiend tekort aan leerlingen’

Het Duitse onderwijs staat niet alleen onder druk door hervormingen, maar ook door de vergrijzing. Lerares Martina Wirtz: ‘Er komen steeds minder kinderen.’

Solingen/Haan, 24 mei. - Martina Wirtz vroeg zich laatst af wat er toch is misgegaan met het klassieke drieledige systeem voor voortgezet onderwijs in Duitsland. Wirtz (49) is conrector op de Emil-Barth-Realschule in Haan, vlakbij Solingen in Noordrijn-Westfalen. Haar Realschule is vergelijkbaar met een Nederlandse havo.

„Het probleem ligt bij de Hauptschule”, zegt ze. De Hauptschule in Duitsland is het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo). Het Duitse vmbo dreigt, net als in Nederland, te verworden tot een impopulaire vergaarplaats van immigrantenkinderen en minderbedeelden.

Hoe kon het gebeuren dat uitgerekend het Duitse beroepsonderwijs, met zijn reputatie van degelijkheid, zo in het slop is geraakt?

„De reputatie is langzaam achteruitgegaan. Tegenwoordig is het zo dat zowel leerlingen als hun ouders zich schamen voor het beroepsonderwijs. De beste leraren hebben de Hauptschule verlaten, het niveau daalt. Het is een vicieuze cirkel waar je maar heel moeilijk uitkomt. Tachtig procent van de leerlingen is van allochtone afkomst. Veel ouders proberen hun kinderen van de Hauptschule zo snel mogelijk een stap hoger te krijgen, naar de Realschule. Ons lager beroepsonderwijs is een restschool geworden. Het is treurig en verontrustend tegelijk.”

De Hauptschule maakte lange tijd samen met de Realschule en het Gymnasium het drieledige schoolsysteem in de Bondsrepubliek uit. Inmiddels is dat veranderd door voortdurende aanpassingen en vooral door de introductie van de zogeheten Gesamtschule, een soort scholengemeenschap of middenschool. Het is een omstreden schooltype. Volgens de tegenstanders zouden met name getalenteerde leerlingen erdoor tekort worden gedaan. Voorstanders wijzen juist op de grotere gelijkheid aan kansen voor de leerlingen.

Bij recente deelstaatverkiezingen in Hessen en Hamburg was het onderwijs een van de grote thema’s. In Hessen voerde de sociaal-democratische SPD intensief campagne voor deelstatelijke invoering van de Gesamtschule. Ze onderstreepte het belang van deze school en wilde tegelijk het gymnasium kortwieken.

Is de middenschool, de Gesamtschule, het antwoord op de problemen?

„Het grote gevaar van de middenschool, die in Duitsland in verschillende deelstaten een alternatief is voor het drieledige schoolsysteem, is dat de slechtere leerlingen de betere naar beneden trekken. Je kunt ongewenste nivellering krijgen.”

Hoe is het gesteld met de twee andere pijlers van het Duitse schoolsysteem voor voortgezet onderwijs?

„Met het Gymnasium en met de Realschule gaat het verhoudingsgewijs goed. Ze kampen met minder structurele problemen dan de Hauptschule. Het onderwijspeil is over het algemeen zo hoog, dat leerlingen in principe niet naar een privéschool hoeven. Tegelijk moet je constateren dat door de moeilijkheden op de Hauptschule het met de gelijkheid aan kansen in het Duitse onderwijssysteem niet zo goed is gesteld. Internationaal scoort Duitsland op dit punt gemiddeld. Uit onderzoek van de OESO blijkt dat de sociale achtergrond van onze scholieren van grote invloed is op de schoolprestaties.”

Welke ontwikkelingen bedreigen het Duitse onderwijs nog meer?

„Het grootste algemene probleem is het toenemende gebrek aan leerlingen. De vergrijzing begint ons echt parten spelen. Er komen steeds minder kinderen de schoolpoort binnen. Bij ons op de Emil-Barth-Realschule hadden we tien jaar geleden, in de hoogtijdagen, 650 leerlingen. Dat zijn er nu nog 550. Je ziet nu al dat in landelijke gebieden de Haupt- en de Realschule worden samengevoegd. Het is met weinig leerlingen te duur om beide scholen naast elkaar in stand te houden.”

Dat klinkt somber. Is het nog wel leuk om les te geven?

„Dat is het zeker. Ik ben een bèta en geef les in wiskunde en scheikunde. Het is heel mooi om te zien dat je je leerlingen in deze vakken zo veel kunt bijbrengen. Als ze het snappen en ze weten na afloop van de les meer dan ervoor, dan geeft dat veel voldoening. Een wiskundeknobbel is een gave, maar als je het vak goed doceert, kunnen ook de zwakkeren erin meekomen.”

In Nederland wordt geklaagd over bureaucratische lasten op school. U bent zelf conrector, een manager die papierwerk en organisatie moet doen. Komt u nog aan lesgeven toe?

„Ik ben contractueel verplicht om een bepaald deel van mijn uren aan lesgeven te besteden en sta dus veel voor de klas. Gelukkig maar. Van mijn in totaal [officieel] 23 uur geef ik zeventien uur les.”

Kunt u deze dag dan eens beschrijven? Wat hebt u zoal gedaan?

„Ik heb vanmorgen drie uur wiskunde gegeven. Daarna heb ik me beziggehouden met het downloaden en fotokopiëren van centrale examenopgaven. Vervolgens moest ik een vergadering leiden waarin de vraag aan de orde kwam welke leerlingen van de Hauptschule toegang mogen krijgen tot onze Realschule; een gevoelig onderwerp. En vanavond heb ik een ouderavond.”