Dromen van Finland

Illustratie Anki Posthumus Posthumus, Anki

Om bedrijven draaiend te houden, werden ‘gastarbeiders’ naar Nederland gehaald. Als gevolg van het recht op gezinshereniging heeft dit geleid tot een massale instroom van immigranten uit Marokko en Turkije. Stel dat Nederland indertijd nauwelijks industriële bedrijvigheid en dus ook nooit het verschijnsel ‘gastarbeider’ had gekend. Dan zou dit land, zeker voor wat betreft de (middel)grote steden, er nu heel anders uit hebben gezien.

Stel verder dat wij nooit koloniën hadden gehad, dan was er ook nooit de massale toestroom geweest van inwoners van Suriname. Stel nu verder dat, toen asielzoekers aan onze poort klopten, wij deze mondjesmaat hadden toegelaten, verplicht hadden een cursus taal en integratie te volgen en vervolgens bij plukjes en beetjes gelijkmatig over heel Nederland hadden gespreid. Dus hier en daar een handjevol uit voormalig Joegoslavië, de verschillende Oostbloklanden, Iran, Ethiopië en Irak. Dan was Nederland nog steeds het land geweest van tulpen, molens en klompen. Maar, zoals u weet: het is allemaal heel anders gelopen. In de grote steden bestaat de schoolbevolking voor meer dan de helft uit kinderen van immigranten die we ook nog eens uitgebreid hebben geholpen om vooral niet te integreren door hen bij elkaar te huisvesten en tot voor enkele jaren ook nog eens onderwijs te laten geven in de eigen taal en cultuur door leraren die soms geen woord Nederlands spraken.

Stel dus dat het allemaal was gelopen zoals het niet gelopen is en dat we het hadden aangepakt zoals we dat niet hebben gedaan, dan waren de problemen in het Nederlandse onderwijs natuurlijk andere en ook veel minder geweest dan nu het geval is. Dan waren de gemiddelde scores bij internationaal vergelijkend onderzoek ongetwijfeld veel hoger geweest dan nu het geval is. Was ons lelieblanke landje misschien wel de beste leerling van de Europese klas geweest.

Weet u wat ik werkelijk onbegrijpelijk vind? Dat de hele Westerse wereld in Finland de deur platloopt om van het voortreffelijke onderwijs daar te leren. Alsof onderwijs iets is wat in het luchtledige plaats vindt, alsof het niet een antwoord poogt te geven op maatschappelijke ontwikkelingen. Als leerlingen in Finland redelijk succesvol tot hun vijftiende jaar bij elkaar hetzelfde onderwijs volgen, menen naïevelingen dat zoiets overal in Europa mogelijk moet zijn. Alsof het toeval is dat het onderwijs in de meeste landen een heel andere ontwikkeling heeft gekend: die van een steeds verdergaande en ook steeds vroegere diversificatie. Dit als antwoord op een steeds meer gediversifieerde maatschappij, met steeds diversere problemen en wensen. Dit streven naar diversificatie doet zich voor op alle niveaus van het voortgezet onderwijs: met aan de ene kant de opkomst van praktijkscholen voor de allerzwaksten en aan de andere kant de ongekende populariteit van het gymnasium en de roep om ‘technasia’ voor de allerbesten. En waar de overheid onvoldoende aan de wensen tegemoet komt, groeit en bloeit het particulier onderwijs.

Met de tweedeling na het basisonderwijs, met voor de ene helft havo/vwo en de andere helft vmbo, gaat ongetwijfeld veel talent verloren. Dat probleem valt niet op te lossen door, naar Fins voorbeeld, de leerlingen langer bij elkaar te houden. Ons antwoord moet zijn: bevorderen van doorstroming. De laatste jaren is het beleid erop gericht geweest leerwegen zo efficiënt mogelijk te maken. Leerwegen moeten niet primair efficiënt, maar effectief zijn. Dat wil zeggen ervoor zorgen dat leerlingen uiteindelijk uitkomen bij wat ze willen en kunnen.

Leo Prick

lgm.prick@worldonline.nl