Ballenboom

Rintje mag mama helpen in de tuin. Ze gaan nieuwe planten in de grond zetten.

„Haal jij de schepjes uit de schuur?” vraagt mama.

„Ik heb geen schepje nodig”, zegt Rintje. „Ik graaf wel met mijn poten. Zeg jij maar waar de gaten moeten komen!”

„Voor de kleine plantjes een klein gaatje en voor de grote een groot gat”, zegt mama.

Rintje vindt het heerlijk om in de aarde te wroeten.

Al snel is Rintjes vacht helemaal zwart van de modder. „Je lijkt wel een dalmatiër!” zegt mama. „Straks spuit ik je weer schoon met de tuinslang!”

Als alle planten in de kuiltjes gezet zijn mag Rintje ze met een gieter water geven.

„Oei”, zegt hij. „Ik ben iets belangrijks vergeten.” Rintje rent naar binnen en komt terug met zijn tennisbal. Hij graaft een gat in de grond en stopt de tennisbal er in. Dan dekt Rintje het gat weer toe met wat aarde.

„Wat doe je nu?” vraagt mama.

„Ik heb een tennisballenboom geplant”, zegt Rintje. „Als we elke dag wat water geven, groeit er vanzelf een boom. Dan hoeven we nooit meer tennisballen te kopen. We plukken ze gewoon in onze tuin!”