Rokers stoppen groepsgewijs

Rokers die stoppen stimuleren hun vrienden en familie om ook de sigaret voorgoed te doven. Op termijn van jaren lijkt het daardoor dat rokers groepsgewijs stoppen. De overblijvende groepen rokers raken inmiddels sociaal geïsoleerd. Zij hebben steeds minder contact met andere groepen, die overwegend uit niet-rokers bestaan.

Dat blijkt uit een 30 jaar durende netwerkanalyse van vrienden-, familie- en collegagroepen onder ruim 12.000 mensen, vandaag gepubliceerd in The New England Journal of Medicine. De onderzoekers van Harvard Medical School inventariseerden 30 jaar zeven keer de sociale contacten tussen de bij het onderzoek betrokken mensen. In die 30 jaar halveerde het percentage rokers in de Amerikaanse bevolking, van 45 naar 21 procent. In Nederland rookten in de jaren zeventig relatief meer mensen: 60 procent, tegen 28 procent nu.

De onderzoekers rekenden uit wat de kans is om succesvol te stoppen als mensen in het sociale netwerk ook met roken ophouden. Rokers met een net gestopte partner, hebben 67 kans om ook snel te stoppen. Een stoppende broer of zus geeft een stopkans van 25 procent. Een goede vriend die de sigaret eraan geeft, biedt een kans van 36 procent om zelf binnenkort de laatste sigaret te roken.

In de jaren zeventig, zagen de onderzoekers in hun eerste netwerkanalyse, leefden rokers en niet-rokers in gemengde sociale netwerken. Het aantal rokers in een groep bleef drie decennia lang even groot. De niet-rokers verdwenen echter uit de groepen. En het aantal groepen met rokers nam af.

De onderzoekers concluderen daaruit dat mensen groepsgewijs stoppen met roken. En rokers- groepen met hoogopgeleiden switchten eerder naar ‘niet-roken’ dan groepen met laagopgeleiden.

Hoe het groepsgewijs afzien van de sigaret in detail verliep, konden de onderzoekers niet afleiden uit hun gegevens. Ze speculeren dat de normen over de aanvaardbaarheid van roken verschuiven, dat de gestopten gingen vragen om niet meer in hun nabijheid te roken en dat het uitwisselen van sigaretten als sociaal contact ophoudt.

De netwerktheorie wordt al gebruikt bij op de jeugd gerichte stoppen-met-roken-campagnes. Het is echter een kwestie van alle leeftijden, zeggen de onderzoekers. Zij denken dat op individuen gerichte stop-acties misschien wel een groter effect hebben dan tot nu toe berekend. Meestal stoppen er maar vrij weinig mensen door zo’n actie, maar dan wordt niet meegerekend dat de definitieve stoppers op termijn wellicht hun sociale groep beïnvloeden. Campagnes gericht op geïsoleerde groepen rokers werken misschien ook, vinden de onderzoekers.