Een negentiende-eeuwse Franse boer met drie koeien

Scene uit de film Paul Dans Sa Vie (2007) Regie: Rémi Mauger

Paul dans sa vie

Regie: Rémi Mauger. ***

Er loopt een fijne lijn tussen nieuwsgierigheid en voyeurisme en elke documentairemaker wandelt over die lijn. Hij of zij zoekt de onderwerpen erop uit: is de hoofdpersoon interessant genoeg? Is-ie authentiek genoeg? Of is het allemaal te veel? Paul Bedel is zeker interessant en authentiek. De Franse boer die met zijn zusters, zijn koeien en eenden zijn laatste seizoenen ingaat op het uiterste puntje van Normandië is het misschien alleen een beetje te véél. Hij melkt zijn vee nog met de hand, wat heet: hij melkt zonder krukje, hij knielt voor de uiers van zijn drie koeien en vult zijn emmers. Tot een paar jaar terug bonden ze de korenschoven nog met de hand bijeen. Bedel is een boer uit de 19de eeuw.

Filmmaker Rémi Mauger is blijkens Paul dans sa vie niet de eerste of de enige die geïntrigeerd is door de ouderwetse werkwijze van Bedel. De boer toont een krantenartikel over hun manier van oogsten met de hele familie en als Bedel bezig is, zien we een enkele keer ook een toerist met een handycam in zijn buurt. Dat is geen diskwalificatie van Mauger, maar het geeft wel aan dat Bedel zo excentriek is, dat je je afvraagt of de filmmaker niet toch een beetje naar de aapjes is komen kijken.

Doet het ertoe, wat de motieven van de regisseur zijn geweest? Is het niet alleen het resultaat dat telt? Bedel is beslist geen oude sukkelaar die zichzelf exposeert voor een opdringerige camera. Hij is welbespraakt, bespiegelend – zij het niet altijd even interessant: „Aan alles komt een eind, jongen” en het oer-Franse „Enfin. Bon” – en worstelt met die ene grote vraag: kan ik het harde boerenleven nog een jaar volhouden?

Mauger filmt niet te mooi. Zijn digitale camera kan niet veel uitrichten in het zonlicht en het landschap. De film is op zijn mooist (in esthetische zin) als het nevelt of schemert. Toch zijn er te veel momenten in de film waarop Mauger voor de gemakkelijkste weg van het voyeurisme kiest. Een running gag is het gevecht dat Bedel levert met zijn machines. Een tractor uit 1956, een maaimachine uit 1945 en een dors- en wanmachine uit 1937. Natuurlijk is het grappig en een mooie metafoor, voor de oude staat waarin Bedel zijn bedrijf voert,maar de nadruk erop geeft Paul dans sa vie toch een beetje een vettige nasmaak.