Muur van stank

De vuilniscrisis in Napels en omstreken leidt opnieuw tot oproer. Het centrum van de Italiaanse stad, dat inmiddels schoon was, ligt weer bezaaid met huisvuil.

De crisis begon in mei vorig jaar. Alle stortplaatsen in Napels en omgeving zijn vol. De zeven installaties waar vuilnis in balen plastic wordt verpakt, zijn gesloten. Er is geen plek om de balen op te slaan. De bouw van een verbrandingsinstallatie ligt stil wegens juridische problemen. De vuilnisindustrie heeft nauwe banden met de Napolitaanse camorra, die geen belang heeft bij een oplossing van de kwestie. Niemand lijkt in staat deze impasse te doorbreken.

De bewoners van de Zuid-Italiaanse stad zijn de maandenlange stankoverlast zo zat, dat uit protest barricades van vuilnis zijn opgetrokken. In 36 uur tijd heeft de brandweer 250 keer moeten ingrijpen, omdat huisvuil in brand werd gestoken.

Woensdag houdt de ministerraad zitting in Napels, zoals premier Silvio Berlusconi beloofde tijdens zijn verkiezingscampagne. De crisis is de eerste testcase voor de nieuwe premier. „Als we de problemen niet op korte termijn oplossen, krijgen wij de schuld, sterker nog, ben ik de schuldige”, zo citeerde de krant la Repubblica hem gisterochtend. Gouverneur van Campania en oud-burgemeester van Napels, Antonio Bassolino, fel tegenstander van Berlusconi, zei te hopen op nauwe en vruchtbare samenwerking met de nieuwe regering omdat in Napels anders de rechtsstaat in gevaar komt.