Georgische test voor de democratie

Georgië kiest morgen een nieuw parlement. De verkiezingen zijn bepalend voor de politieke betrekkingen met het Westen. Maar ze lijken bij voorbaat omstreden.

Moskou, 20 mei. - De parlementsverkiezingen die morgen in Georgië worden gehouden, zijn een test voor de vooruitgang van de democratie in het landje. In samenhang daarmee zullen ze de toekomstige banden tussen Georgië en het Westen bepalen. Nu Georgië in april op de NAVO-top te horen heeft gekregen dat het voorlopig nog niet, maar op langere termijn wel tot het Atlantisch bondgenootschap zal worden toegelaten, is het namelijk belangrijk dat het Georgische democratisch imago onberispelijk is.

„Als de verkiezingen vrij en rechtvaardig zijn, denken wij dat Georgië zal kunnen rekenen op de steun van alle Atlantische partners”, zei de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken Matthew Birza enkele dagen geleden.

Westerse steun voor Georgië lijkt op dit moment essentiëler dan ooit, nu het sluipende conflict met Rusland over de door Moskou gesteunde separatistische Georgische regio’s Abchazië en Zuid-Ossetië zich lijkt te verscherpen. Met de verkiezingen in zicht gaat de Georgische president Michail Saakasjvili inmiddels zover dat hij spreekt van een kans op oorlog met zijn grote buurman in het noorden.

Afgelopen weekend liet de Georgische regering aan de BBC beeldmateriaal zien, geschoten door een onbemand spionagevliegtuig boven Abchazisch grondgebied. Daaruit kon worden opgemaakt dat Moskou bezig is zwaar militair materieel naar het gebied over te brengen. Moskou ontkent die beschuldigingen en zegt hoogstens het aantal vredestroepen te willen vergroten.

De spindokters van president Saakasjvili zijn dezer dagen druk bezig om diens imago van Vader des Vaderlands te versterken. Alleen met hem en zijn partij Verenigde Nationale Beweging aan de macht zou de veiligheid van Georgië verzekerd zijn. Dat de Verenigde Nationale Beweging woensdag een meerderheid van de 150 zetels zal veroveren in eerlijke verkiezingen staat volgens hen buiten kijf.

Maar ondanks die verzekering hebben vertegenwoordigers van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) inmiddels al melding gemaakt van talloze beschuldigingen van kiezersintimidatie, misbruik van overheidsgelden ten bate van de campagne van de regeringspartij en schending van de kieswet door dezelfde Verenigde Nationale Beweging, die haar kandidatenlijst na het verstrijken van de daartoe gestelde termijn heeft veranderd.

Volgens Georgische oud-minister van Buitenlandse Zaken Salome Zoerabisjvili, kandidaat voor het blok Verenigde Oppositie-Nationale Raad-Rechten, een coalitie van negen oppositiepartijen, is Saakasjvili niet van plan de verkiezingen op democratische manier te laten verlopen. Op grond van die vermeende verkiezingsfraude, hebben de oppositiepartijen het aftreden geëist van voorzitter Levan Tarchnisjvili van de Centrale Kiescommissie, omdat ze hem ervan verdenken de uitslag te zullen vervalsen ten gunste van de regeringspartij. Dat vermoeden wordt versterkt door recente opiniepeilingen waaruit blijkt dat de Verenigde Nationale Beweging slechts op 32 procent van de zetels kan rekenen.

Sinds in september vorig jaar voormalig minister van Defensie Irakli Okroeasjvili president Saakasjvili ervan beschuldigde aan vriendjespolitiek te doen, corruptie toe te staan en politieke tegenstanders te vermoorden, verkeert de Georgische politiek in chaos. Nog geen maand later gaven de oppositiepartijen verenigd in de Verenigde Oppositie een manifest uit waarin ze Okroeasjvili’s uitlatingen jegens Saakasjvili herhaalden. Ze eisten eerlijke verkiezingen in het voorjaar van 2008, waarmee een nieuwe leiding gekozen zou worden die de ernstige sociale, economische en politieke crisis van Georgië efficiënt te lijf zou kunnen gaan.

Om hun eisen kracht bij te zetten gingen in november 40.000 leden van de oppositie de straat op om vreedzaam tegen de regering van Saakasjvili te protesteren. Het protest voor het parlementsgebouw in Tbilisi was vijf dagen aan de gang, toen de oproerpolitie de demonstranten met geweld uiteen sloeg. Ook werd de onafhankelijke televisiezender Imedi, die felle kritiek leverde op de regering, in puin geslagen en gesloten. Saakasjvili kondigde vervolgens de noodtoestand af en wees Rusland aan als aanstichter van de onrust. Wel schreef de Georgische president vervroegde presidentsverkiezingen uit voor januari 2008, die hij met een fel betwiste meerderheid van stemmen won.

Buitenlandse waarnemers maakten echter melding van talloze gevallen van kiezersintimidatie en stemfraude. Maar desondanks keurde de internationale gemeenschap de uitslag goed. De onregelmatigheden zouden volgens westerse waarnemers het aantal stemmen voor Saakasjvili niet noemenswaardig hebben beïnvloed. Aangezien hij officieel 53,47 procent van de stemmen had veroverd, was een tweede ronde nu niet nodig.

Oppositieleider Levan Gatsjetsjiladze, de leider van Verenigde Oppositie, bleef de uitslag betwisten en riep op tot een tweede ronde. Maar na een gesprek met de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken Birza zag hij van die eis af. Het oppositieblok besloot de parlementsverkiezingen van morgen als een tweede ronde te beschouwen.

De afgelopen drie maanden heeft de regering zonder overleg met de oppositiepartijen tal van grondwetswijzigingen door het parlement gejaagd, die de positie van Saakasjvili’s Verenigde Nationale Beweging versterken. Ook is een aantal eisen van de oppositie genegeerd. De spanningen tussen beiden kampen zijn er alleen maar door toegenomen. Als gevolg daarvan dreigt de oppositie met nieuwe demonstraties als de uitslagen morgen opnieuw door vervalsingen zijn gekleurd.

Het enige voordeel voor de regeringspartij is op dit moment dat de Verenigde Oppositie niet in staat is geweest alle oppositiepartijen te verenigen. De Republikeinse Partij, een van eerste leden van de Verenigde Oppositie, heeft de coalitie zelfs verlaten. Het gevolg van die verdeeldheid is ook dat de regeringspartij haar kleinere tegenstanders gemakkelijker onder druk kan zetten. De leiders van die kleine partijen beweren dat dit dagelijks gebeurt.

Door dat tegenwerken van de oppositie lijken de verkiezingen van morgen bij voorbaat al omstreden te zijn. Als Saakasjvili de steun van het Westen wil krijgen zal hij er dan ook alles aan moeten doen om die negatieve beeldvorming weg te nemen. Zo niet, dan ligt een nieuw massaal straatprotest op de loer.