De waarheid vooruit

Schrijfster Nicolien Mizee geeft een cursus verhalen schrijven aan de Volksuniversiteit. Ze laat zich inspireren door het schrijfwerk van haar leerlingen. Vandaag over hoe een goed verhaal zich al in het echt heeft afgespeeld.

„Ik weet waar ik mijn lange verhaal over wil schrijven”, zegt Ans opgewonden. „Het is zo’n goed idee, ik snap niet dat ik het zelf verzonnen heb. Er is een vrouw, en die vrouw spaart samen met haar man al een jaar voor een grote reis. En dan blijkt aan het eind dat hij al het geld heeft opgemaakt!”

„Ja”, zeg ik aarzelend. „En dan?”

„Dat is natuurlijk verschrikkelijk voor die arme vrouw! Je hebt geen idee hoe ze zich op die reis verheugd had!”

„Begin maar gewoon”, zeg ik.

Wekenlang probeert Ans haar verhaal vlot te trekken. Het zwelt op, zakt in, en na een maand ligt het als een dode walvis voor ons.

„Het is geen verhaal”, leg ik uit. „Het is een mop. Ken je die van die vrouw die op reis ging? Ze ging niet. Je eindigt waar het drama begint: op het moment van de ontdekking. Dáár moet je beginnen!”

„Maar dat kan ik niet schrijven! Dat is zo vreselijk! Laat het me nou maar op mijn eigen manier doen.”

In de loop van de week krijg ik diverse onsamenhangende mailtjes van Ans. Ik lees ze goedkeurend. Ja, dat is schrijven. Je moet er door overspoeld worden en niet meer weten wat onder en wat boven is, voor je naar adem snakkend bovenkomt. Aan keurig baantjes trekken hebben we niks.

Vrijdagnacht komt de zoveelste versie van haar verhaal binnen. Het is nog altijd een gek gedrocht zonder kop of staart, maar verdomd, het lééft.

„Ans heeft het heel handig opgelost”, zeg ik dinsdag tegen de klas. „De vrouw wordt kwaad als haar man alweer geen reisbestemming wil kiezen. Hij zegt dat hij het haar wil uitleggen, maar ze loopt de kamer uit. De volgende dag is hij dood. Als ze later ontdekt dat het geld weg is, overheerst de wroeging dat ze niet naar hem geluisterd heeft. Zo ligt het drama weer bij de vrouw. Hoe kwam je zo op deze oplossing, Ans?”

„Ik zal het jullie vertellen”, zegt Ans. Ze kijkt plechtig. „Eergisteren kom ik een kennis tegen op straat. Ik vertel hem over het verhaal dat ik probeer te schrijven. Hij trekt wit weg en hij vraagt: hoe weet je dat? Het is zijn verhaal! Zijn vrouw is kortgeleden overleden. En toen hij de begrafenis wilde betalen, bleek dat al zijn bankrekeningen leeg waren. Ook de spaarrekening voor de studie van de kinderen. Zijn vrouw heeft alles tot de laatste cent opgemaakt. Hij weet niet waaraan en hij wil het niet weten ook. Ik zei toch al dat ik niet begreep dat ik zoiets kon verzinnen? En nu blijkt dat het echt gebeurd is!”

Ik ben niet verbaasd. Goede verhalen hangen in de lucht. Ze worden zichtbaar doordat je erover schrijft. Zo gaat het altijd. Eerst schrijf je het op, dan gebeurt het echt.

„Nu moet je een verhaal schrijven over het verdwenen geld”, zeg ik. „Als je de boel goed genoeg verzint, ontdek je vanzelf hoe het werkelijk gegaan is.”