Zo sober en natuurlijk mogelijk

Het vertederende Franse portret ‘Paul dans sa vie’ uit 2006 komt deze week in een aantal bioscopen in Nederland in roulatie. De eigenwijze boer Paul vertelt over zijn ervaringen met de film.

„Ik ben in geen vijftig jaar naar de bioscoop geweest en nu moet ik er heen om mijn eigen tronie te zien”, grinnikt de 78-jarige Paul Bedel en krabt zich verlegen onder zijn pet.

Twee jaar geleden sloeg een golf van vertedering over Frankrijk door de film Paul dans sa vie die gaat over zijn sobere, arbeidzame boerenbestaan op het doorwaaide akkerland van Cap de la Hague, de uiterste westpunt van Normandië. Najaar 2006 vertelden we op deze plaats over de film, die deze week in Nederland gaat draaien. Wat is de oude kromme baas en zijn twee zusters, met wie hij nog steeds in de ouderlijke boerderij woont, allemaal overkomen sinds hun plotselinge roem?

Met een grimas op zijn gebeeldhouwde hoofd haalt Paul twee forse kartonnen dozen te voorschijn: honderden brieven met hartenkreten als: „U heeft mijn leven veranderd en me geleerd wat de waarde is van eenvoud.”

Maar tallozen zijn zelfs naar hem toe gereisd. In een blocnootje heeft Paul ze allemaal geturfd: 4834 tot nu toe. Ze hebben Paul in de film zien melken in de ochtendnevel en ze hebben hem zien zaaien, het graan uit de zak om zijn nek met wijde armzwaaien uitstrooiend als op een tekening van – streekgenoot – Jean François Millet. Het oude boerenhuis lijkt nu een bedevaartsoord te zijn geworden voor nostalgiepelgrims.

Paul Bedel ontvangt ze allemaal vriendelijk, verbaasd, ook wat gecoiffeerd. Beide zusters, in hun gebloemde mouwschorten bescheiden op het tweede plan, zijn er inmiddels aan gewend en houden de koffie warm.

„De mensen zeggen allemaal dat ze me dankbaar zijn”, zegt Paul. „Ik begreep eerst niet waarvoor maar ons leven doet ze blijkbaar veel. Ze zeggen dat ik hen heb doen nadenken over hun bestaan. Ze hebben de eenvoud verloren, zeggen ze. Er zijn er zelfs die beginnen te huilen als ze ons ontmoeten, ja echt waar. Dan vraag ik maar of ze koffie willen.”

Een regionale historica heeft inmiddels een boek over het leven van Paul geschreven*. Een film, een boek – „Ik schijn interessant te wezen”, grinnikt hij met zijn clowneske grijns.

Zo interessant dat hij, tot zijn schrik, vorig jaar een uitnodiging kreeg van president Sarkozy om op 14 juli tot de gasten te behoren op het traditionele tuinfeest in het Elysée.

„Ik wilde daar eerst niet heen”, vertelt Paul nu met een verlegen lachje: „daar voelde ik me niet op mijn plaats. Maar de burgemeester hier haalde me over en is met me meegegaan. Ach ja, het was de grootste belevenis van mijn leven.”

De president heeft hij niet ontmoet maar de lokale Presse de la Manche liet de volgende dag wel triomfantelijk zien hoe de gevierde plaatsgenoot in zijn nieuwe lichtgrijze pak met dito nieuwe pet op de hand schudde van premier François Fillon en van minister Barnier van Landbouw.

„Het was niet zo heel belangrijk wat we bespraken”, moet Paul eerlijk erkennen. „De premier zei dat Frankrijk trots kon zijn op mensen als ik en liep toen weer door – hij had de film niet gezien, geloof ik.”

Soms moet hij een filmvoorstelling komen opluisteren en na afloop vragen beantwoorden. Een keer verscheen daar toen plotseling de sous-prefect van Cherbourg om de verbouwereerde baas een onderscheiding op te spelden.

Hij laat het allemaal maar over zich heen komen, maar echt gelukkig is hij pas als hij in z’n eentje rustig mag schoffelen in zijn moestuin of op de rotsen bij zee krabben en kreeften gaat zoeken. De zee is immers evenzeer deel van zijn bestaan als het land met de wijde wolkenluchten er boven: terre, mer et air, de wollige koeien zo goed als de krijsende meeuwen, de krabben zo goed als de konijnen.

Zijn koeien mist hij nog steeds: de laatste vier verkocht hij in 2003. Dat moment maken we mee in de film. De scène met de handelaar op het veld is emotioneel, Paul verbijt zijn tranen. „We hielden van elkaar, echt waar”, zegt hij nu. „Ze keken naar me uit en waren blij als ze me zagen. Hun geur, zo heerlijk. Ik mis ze enorm, ik heb altijd met mijn hoofd tegen hun warme lichaam aangezeten als ik ze molk.”

Hij droomt wel eens van ze, vertelt hij: een keer het ondenkbare dat hij was vergeten ze te melken, een andere keer dat ze hem met z’n vieren in een hoek dreven. Nou, daar hoef je geen Freud voor te heten.

*Paul dans les pas du père door Cathérine Ecole-Boivin, Éditions Ouest-France.

Rectificatie / Gerectificeerd

Correcties en aanvullingen

Paul Bedel

De foto van Paul Bedel met zijn zussen (19 mei, pagina 20) is gemaakt door Frans van Lier en niet zoals gemeld afkomstig van Contactfilm .