‘De sfeer bij ons aan tafel is veiliger’

Het EO-duo Knevel & Van den Brink presenteert deze zomer een dagelijkse talkshow. Christen zijn gaat samen met onafhankelijke journalistiek, zeggen ze.

Net als vorig jaar treden Andries Knevel (56) en Tijs van den Brink (37) dit seizoen in de voetsporen van Pauw & Witteman. Vrijdag waren P&W voor het laatst, vanavond begint de dagelijkse talkshow van K&vdB. Met elke avond een ‘tafeldame’ (zie inzet).

Is uw christelijkheid een belangrijk onderscheid met uw voorgangers?

Knevel: „Dat is een fors onderscheid. De sfeer aan de tafel bij ons is iets...” Van den Brink: „...veiliger. Dat zeggen de gasten. Maar ik laat me er niet van weerhouden lastige vragen te stellen, als dat nodig is.” Knevel: „Ik heb af en toe de neiging moeilijke vragen dan maar niet te stellen.”

Is uw evangelische inspiratie te verenigen met onafhankelijke journalistiek?

Van den Brink: „Ik denk van wel. Over feiten kan niet veel onduidelijkheid zijn. Vervolgens kun je over die feiten vragen stellen vanuit je levensbeschouwing. Dat kan bijna niet neutraal. Omdat je nou eenmaal een mens met overtuigingen bent.”

Dus uw christen-zijn klinkt door als iemand een standpunt verdedigt dat strijdig is met uw identiteit?

Knevel: „Ja. Ik herinner mij een kinderarts die euthanasie deed op heel kleine kinderen. Die nodigen we uit, hij wordt met alle egards behandeld...” Van den Brink: „Dat zei hij ook. Hij voelde zich veilig...” Knevel: „Maar hij krijgt kritische vragen.”

Wie zou u dolgraag als gast in het programma willen en wat zou u vragen?

Van den Brink: „Prinses Máxima. Ik zou dolgraag met haar praten over de Nederlandse identiteit.” Knevel: „Geert Wilders. Ik zou vragen: Heb je je hand niet overspeeld?” Van den Brink: „Als je zo begint, krijg je nooit een goed gesprek. Je moet open beginnen: Hoe gaat het met je, Geert?”

Zit de publieke omroep niet te veel op de hurken omwille van kijkcijfers en reclame-inkomsten?

Van den Brink: „Er is niets mis met op de hurken gaan voor de kijker. Maar je moet het niet alléén doen. Het evenwicht is nu wel wat verschoven. Een interviewprogramma met één interviewer en één gast bestaat niet meer. Die diepgang mis ik.”

Hoe is bij u de taakverdeling?

Van den Brink: „Ik ben feitelijker, hij is associatiever. Dat vult elkaar aan.” Knevel: „Tijs is heel doelgericht. Ik kijk meer naar wat er aan tafel spontaan gebeurt. Kan ik daar wat mee? Metacommunicatie. Ik zat pas in Het Elfde Uur met Johan Derksen te praten, toen ik links van mij minister Klink steeds hoorde lachen. Dan vraag ik hem: Waarom lach je nou?”Van den Brink: „Dat is ook het genre. Zoiets móet je ook doen. Maar ’t leidt tot een oppervlakkiger uitzending dan wanneer je echt met iemand dóór mag praten.”

U zendt uit in augustus en september, als de Olympische Spelen in volle gang zijn. Sport, met name op zondag, wordt in uw kring niet echt gewaardeerd.

Van den Brink: „Ik denk dat 80 procent van onze achterban op zondag gewoon naar sport kijkt.” Knevel: „Ik ben bang dat Tijs gelijk heeft.”

Waarom bang?

Knevel: „Ik doe het niet. Vanwege mijn principe. Ik heb nooit op zondag televisie gekeken. Behalve toen in de Bijlmer een Boeing naar beneden kwam. Dat principe is wat minder geworden. Ik vind het nu heel praktisch en prettig, een dag geen tv kijken.”

Van den Brink: „Ik kijk wel op zondag. Als er wat moois is. Niet overdreven veel. In onze achterban is dit als discussieonderwerp bijna van tafel. Wij kunnen ook kritisch zijn tegenover onze achterban. Toen bijvoorbeeld in de Biblebelt de bof was uitgebroken, hadden wij best een gast die inenting weigerde een paar kritische vragen kunnen stellen. Als wij opzichtig iets verdedigen wat niet deugt, ziet iedereen dat dat niet klopt. De kijker is niet dom.”

U kijkt niet op zondag, maar u bent toch gaan werken bij het profane medium televisie.

Knevel: „Ik heb er drie boeken over geschreven. Dat mensen zo weinig mogelijk tv moeten kijken. Maar de oprichters van de EO zijn visionair geweest. Je ziet nog altijd hoe groot de invloed van het beeld is. Daarom doe ik daar van harte aan mee. Ik wil mensen wat positiefs meegeven.” Van den Brink: „Ik ben nooit los van mijn geloof geweest. Ik wilde ooit sportleraar worden. Dat is niet gelukt. Later ontdekte ik dat dit werk veel beter bij mij past. Dat heb ik als vingerwijzing van boven gezien.”

Lees meer over de talkshow op www.eo.nl/kvdb