kwesties@nrc.nl

Nederland telt veel poldermoeders, zo blijkt uit de tientallen reacties op onze vragen over het poldermoederschap. Iedereen onderschrijft de hulde aan deze moedersoort. Hoewel: „Hopelijk bedoelt u polderouders.”

Luxe gebabbel

Twintig jaar geleden begon voor mij werken in combinatie met moederzorgen. In de wijde omgeving was nog geen professionele kinderopvang te vinden. Ik had een leuke opleiding gedaan, werkte al jaren en vond het vanzelfsprekend dat te blijven doen. Mijn werk gaf me denkruimte en sociale contacten. Juist daarom kon ik een actieve en betrokken moeder zijn.

Een paar jaar later kwam het eerste kinderdagverblijf in de buurt. Daar gingen onze kinderen twee dagen in de week naar toe. Drie dagen werken kon ik net bolwerken. De gezinspot werd net voldoende aangevuld, tegemoetkoming in kinderopvang had je nog niet.

Toen de kinderen naar de basisschool gingen, was ik inmiddels een eigen zaakje begonnen. Ik kon gemakkelijk werk laten liggen bij ziektes en in de vakanties. De vele vragen van mijn weetgierige kinderen beantwoorden en veel erop uit met ze. Ze studeren inmiddels en ik ben nu degene die vragen stelt.

Wat de buitenwereld ervan vond hield me niet bezig. Werken was gewoon noodzaak.

Verhalen over poldermoederen vind ik vaak ontaarden in luxe gebabbel. Alsof overal de hele dag een auto voor de deur staat om de kinderen heen en weer te rijden. Alsof iedere vrouw de keus heeft of ze dagje zus of dagje zo kan doen. En of ze wel of niet voor een bloeiende carrière gaat.

Rian van Damme

Poldervader

Hoezo ‘hulde aan de poldermoeder? Hopelijk bedoelt u polderouders. Hulde is altijd welkom, maar ik stoor mij er enorm aan dat ieder artikel over het combineren van zorg en werk alleen over moeders lijkt te gaan. Zijn wij moeders de enigen die aan aan polderen zijn? Zorgen en polderen doe je toch zeker samen?

Wij hebben het moet onze twee jonge zoons goed geregeld, vinden we zelf. Om de beurt doen we een jaar lang 1 dag ouderschapsverlof (dat is samen al 4 jaar). Daarnaast gaan ze twee dagen naar de crèche. We zijn beide flexibel om eens een dag te ruilen. Zonodig werken we een paar uur thuis, even tussendoor of ’s avonds. En soms moet er ineens iemand naar huis voor een ziek kind, dan ‘onderhandelen’ we wie de belangrijkste werkafspraken heeft die dag.

Als we straks door al het ouderschapsverlof heen zijn, polderen we verder met tweemaal een vierdaagse werkweek en levensloopverlof. Als we tenminste een plek krijgen op de buitenschoolse opvang. En het is even afwachten wat de opvang ons volgend jaar gaat kosten als tweeverdieners. Kortom, wij komen er wel uit. Maar de overheid moet ook een handje helpen door de juiste randvoorwaarden te creëren en langdurig te garanderen.

M. Das

Uitbuiting

Morgen is de oudste vrij van school, onze peuter nog ziek, manlief op zakenreis en ik moet en wil werken aan mijn promotieonderzoek naar de carrièremotivatie van vrouwelijke artsen. Maar tussen de bedrijven door, bij deze mijn bijdrage aan een debat waar vooral werkgevers garen bij spinnen. Hun beeld van de ideale werknemer,- met mannelijke eigenschappen, geen zorgtaken thuis en bereid structureel over te werken, is achterhaald en discriminerend. Aan dit beeld voldoet zelfs de meest getalenteerde, ambitieuze vrouw niet. Dus ze poldert.

Mijns inziens is het applaus daarvoor kolder. Ik wacht met smart mijn onderzoeksresultaten af, waar hoogstwaarschijnlijk uit zal blijken dat vrouwen doorgaans een parttime contract hebben maar – als overuren meegeteld worden – fulltime werken. Dit om het schadelijke effect van parttime werken op een carrière te verdisconteren. Parttime werken doen moeders om een goede moeder te zijn, maar ook omdat ze daarmee wat flexibiliteit creëren in hun werktijden. Dus bij voorbaat salaris inleveren in plaats van een stevige discussie met de baas. Misschien terecht, want de ideale werknemer piept niet. Vrouwen moeten in topposities komen, al is het alleen maar om een op uitbuiting gefundeerd beeld van een ideale werknemer om zeep te helpen.

Berber Pas

Communistisch Manifest

Ook ik was een poldermoeder, al wist ik dat toen (tussen 1981 en 1999) nog niet. Drie dagen werken, vier dagen thuis bij mijn dochter. Ik vond het een goed leven, in balans. Mijn echtgenoot die bij de overheid werkt, heeft, zodra de geboorte van ons kind aan de orde was, veel moeite moeten doen bij zijn werkgever om van vijf naar vier werkdagen terug te gaan. Van het begin af aan heb ik veel vertrouwen gehad in zijn zorg voor kind en huishouden. Hij deed en doet het niet altijd op mijn manier, maar is die de enig juiste?

We hadden de eerste vier jaar van haar leven een oppas die thuis kwam, wat wij ideaal vonden. De oppas had vriendinnen die invielen als zij ziek of op vakantie was. Dus ook geen halen en brengen naar de crèche. En het kostte even veel. We hebben nog steeds contact met haar.

Ik heb een universitaire opleiding, heb na de afronding daarvan slechts kort gewerkt als onderzoeker, de banen lagen toen niet voor het oprapen, en daarna werk gevonden op HBO niveau, wat ik nog steeds met veel plezier doe. Het werk paste vanaf het begin erg bij mij, ik heb nooit de behoefte of maar het verzoek gehad om in de organisatie hoger op te klimmen.

De afwisseling zorgen en werken beviel mij uitstekend. Na drie dagen huismoeder zijn had ik daar schoon genoeg van en vond het heerlijk weer te gaan werken; na een paar dagen werken was het weer prima om baas in eigen huis te zijn, je tijd zelf in te delen, lekker met je kind te tutten. Had ik meer dan 1 kind gekregen, dan was het misschien allemaal lastiger geweest.

Als ik me zelf vergelijk met mijn eigen moeder, die altijd fulltime moeder is geweest met vier kinderen, vond ik mezelf geëmancipeerd en modern. En dat vind ik nog. Diezelfde moeder heeft haar drie dochters wel altijd op het hart gedrukt een goede opleiding te volgen waarna je je eigen brood kon verdienen. Ze was er trots op dat haar drie dochters dat uiteindelijk bereikt hebben.

Tijdens mijn studie heb ik geroken aan het Communistisch Manifest van Karl Marx, waarin hij beschrijft hoe het ideale leven voor alle mensen eruit zou moeten zien: de afwisseling tussen verschillende bezigheden: met je hersens werken, met je handen werken, zorgen, creatief zijn. Dit heeft mij altijd aangesproken en bevestigd in mijn keuze van leven. Maar misschien heb ik wel erg veel geluk gehad.

Ymkje Gorter

Bevrijding

Ja , ik ben ook poldermoeder. Mijn partner en ik polderen heel wat af. Hij drie dagen werk, ik twee. Zo voorkomen we het onzinnige geren met kinderen in de ratrace van carrières. Voordeel: nooit gedoe, er is altijd één ouder thuis. Maar nu de mening van Ciska Dresselhuys , Heleen Mees , Agnes Jongerius , Sharon Dijksma: „Ik ben niet ambitieus genoeg”.

Het is natuurlijk sowieso aanmatigend om termen als emancipatie, ambitie, en carrièrre alleen te bekijken vanuit het standpunt van betaald werk. Zuiverder zou het zijn wanneer zij zich echt bewust zouden zijn van de betekenis van het woord ‘emancipatie’. Dat woord betekent : ‘bevrijding’. Het betekent dus niet: ‘werken zul je’.

Ware emancipatie bereiken we pas als we al het werk dat in de samenleving verricht wordt gelijk belonen. Ook zorgen voor je eigen kinderen en/of ouders gaan betalen. Dan praten we pas over een geëmancipeerde samenleving. Nederland zou er internationaal mee aan de top komen: de verheffing van de Nederlandse vrouw. Met iets anders laten we ons klaarblijkelijk niet afschepen.

Inga Mol

In balans

Wij Nederlanders hebben een goede ‘work-life’-balans gevonden, waarbij relatief veel zorgtaken door moeders worden uitgevoerd in plaats van geoutsourced. Ouderlijke aandacht en liefde is voor kinderen van wezenlijk belang. In de huidige op Amerikaanse leest geschoeide westerse samenleving worden maatschappelijke en financiële status overschat, en zorgtaken ondergewaardeerd.

Ouders hebben in feite de keuze hun tijd direct in hun kinderen te investeren, of de middels hun werk verworven kennis en middelen indirect te delen. Het welzijn van de kinderen vergt een goede mix.

In diverse internationale sociaal-economische studies valt de extreme positie van Nederland op. Qua arbeidsparticipatie van vrouwen en het aantal vrouwen in managementfuncties, bungelt Nederland onderaan. Qua deeltijdwerk gaan wij zowel bij de mannen als vrouwen ruim aan kop. En in studies over geluksbeleving geeft een hoog percentage Nederlanders aan gelukkig te zijn, ook jongeren. Dat is geen toeval.

De hier geboden ruime mogelijkheid tot, en acceptatie van, werken in deeltijd, is een prima modus vivendi. De poldermoeders, schipperend tussen hun werk en kinderzorg, verdienen inderdaad respect en waardering. Dat zij dikwijls prioriteit moeten geven aan hun kinderen, en dientengevolge minder kans maken op hogere managementfuncties, moet voor lief worden genomen.

Peter van der Vlis

Poldermoeder met titel

Ook ik ben het prototype doctorandus poldermoeder die zich afgestudeerd-met-titel bezighoudt met louter logistieke vraagstukken over de wijze waarop ‘blijven werken’’ dagelijks afgestemd kan worden met ‘het beste voor het gezinsleven’. Daarbij stoot ik mijn hoofd herhaaldelijk tegen het glazen plafond. Voor mij is het glashelder dat dit niets anders is dan de idee dat verantwoordelijke banen alleen fulltime kunnen worden vervuld.

Enerzijds is het een luxe, om niet meer te hoeven werken dan mijn huidige 29 uur. Hoewel ik dit zelf meestal als beperkende verplichting ervaar: extra vrij nemen in de schoolvakanties en tussendoor om alle vrijwilligere bestuursfuncties te vullen. Aan de andere kant kost dit de maatschappij geld: onderzoek wijst uit dat meisjes het veel beter doen in het onderwijs, terwijl deze investering niet het rendement oplevert zolang vrouwen massaal afhaken als betaalde fulltimer. (Hoewel je natuurlijk ook kan berekenen dat de prijs-kwaliteit van de altijd bezige vrouwen juist bijzonder gunstig is voor de maatschappij !)

Hoe dan ook, ik zie maar een afdoende maatregel, om het idee te doorbreken dat langer werken: iedereen verplichten minimaal drie dagen en maximaal vier dagen te werken. Alleen dan worden verantwoordelijkheden vanzelfsprekend eerlijk verdeeld, buitens- en binnenshuis.

Marike Jehee

Na achten

Na vier maanden fulltime moederen begint volgende week het combineren weer. Mijn zwangerschapsverlof is afgelopen; terug naar de vierdaagse werkweek. Om in die tijd mijn taken af te krijgen moet ik elk uurtje meepakken. Dus niet te lang ouwehoeren bij de koffiemachine en in de trein meteen de laptop open en aan de slag.

Collega’s zijn eraan gewend dat ik om vijf uur discussies afsluit en m’n tas pak. Want klokslag kwart over zes staat het eten op tafel en moet ik thuis zijn. Een kind gaat aan de borst en de andere twee moeten tweestemmig worden aangemoedigd het bord leeg te eten. De mobiel gaat uit. Dringende zaken kunnen na achten, als het hopelijk stil geworden is in huis, nog worden afgehandeld.

Werken en zorgen: een prima combinatie. . Mijn humeur blijft zonnig als weer een halve boterham met hagelslag onder tafel verdwijnt, want ik ben niet elke dag verantwoordelijk voor aanharken, puinruimen, boodschappen doen en koken. Dat doen manlief en ik straks weer fijn samen.

Laura Westendorp

Zie voor de overige reacties nrc.nl/kwesties