De kracht en humor van Afrika in zwart-wit

Met zijn foto’s laat Chris Keulen graag de ‘andere’ kant van Afrika zien. Zijn collega Chris de Bode heeft een ironiserende visie op sport en land.

Rosan Hollak

Het is 2004. Twee Nederlandse fotografen komen elkaar tegen tussen een massa opgewonden jongeren bij de startlijn van de Tour van Eritrea. „Wat doe jij hier?” vraagt de ene fotograaf aan de ander. „Ik maak een reportage over de Tour”, antwoordt deze. „Goh, ik ook”, zegt de ander. De mannen, die elkaar als vakgenoten al langer kennen, besluiten een hotelkamer te delen. Drie weken lang trekken ze intensief met elkaar op. Daarna vervolgen ze ieder hun weg, ze spreken elkaar nauwelijks.

Het is 2008. Na jaren ploeteren publiceren beide fotografen, onafhankelijk van elkaar, in dezelfde maand een boek over wielrennen. Beiden hebben zich gericht op de wielerronden die worden gereden in landen buiten Europa door renners zonder wereldfaam. Het blijkt dat ze in hetzelfde weekend openen met ieder een eigen expositie. En om de verwarring nog groter te maken: beide fotografen heten Chris.

„Het is inderdaad nogal bizar”, zegt Chris Keulen (1959) die morgen in het Centre Ceramique in Maastricht start met de tentoonstelling Hete glassplinters: le tour d’Afrique. „We waren destijds professioneel genoeg om het bijltje er niet bij neer te gooien toen we erachter kwamen dat we met hetzelfde onderwerp bezig waren. Maar we besloten daarna wel afstand van elkaar te nemen. En nu komt ons werk per toeval tegelijkertijd uit.”

Keulen, die sinds 1994 als freelance fotograaf werkt voor ondermeer NRC Handelsblad en Trouw, fotografeerde tussen 2000 en 2006 de belangrijkste koersen in Senegal, Burkina Faso, Kameroen en Eritrea. Voor de serie uit Burkina Faso ontving hij in 2001 zowel de eerste prijs bij World Press Photo als bij de Zilveren Camera (sportseries).

Toen Keulen in 2000 voor het eerst foto’s maakte van de Tour du Faso, de belangrijkste Afrikaanse etappewedstrijd in Burkina Faso, raakte hij bevangen door het wielervuur. „Ik ben helemaal geen sportfotograaf, ik maak vooral journalistiek werk, maar ik realiseerde me dat deze sport veel van de andere kant van Afrika laat zien.”

Keulen was al vaker naar het continent geweest waar hij veel zware onderwerpen had vastgelegd zoals de aanhoudende lepra in Mozambique en de nasleep van de genocide in Rwanda. Met Hete Glassplinters wilde hij op een indirecte wijze de kracht en levenslust van Afrika tonen.

Zijn zwart-wit foto’s – die op de tentoonstelling worden afgewisseld met een aantal grote kleurafdrukken van ‘gewone’ Afrikanen die poseren met de fiets aan de hand – laten vooral zien hoe de renners zich, met gebrekkige materialen en temperaturen van rond de 45 graden, toch staande weten te houden. „Toen ik bij Tour du Faso bij de finish op het peloton stond te wachten, zag ik ineens twee mannen die nog bezig waren de finishlijn te trekken. Toen de renners arriveerden, waren hun banden helemaal wit van de verf. Dat vind ik nou leuk.”

Dit detail toont volgens Keulen precies de ‘laissez-faire’ mentaliteit van de Afrikanen. Het wielrennen in Afrika levert geen geolied massamediacircus op, zoals de Tour de France. „Ieder jaar opnieuw is het organiseren van zo’n wielerronde een improvisorische gebeurtenis die tot stand komt met wilskracht en humor.”

De wielersport in Afrika werd in de jaren vijftig geïntroduceerd door de koloniale mogendheden. „Het is nu heel populair,” zegt Keulen. „In Eritrea is het volkssport nummer één.” Toch is het wielrennen op dit continent altijd een amateursport gebleven. „De wegen zijn slecht, fietsers worden nauwelijks gesponsord, bovendien is het heel moeilijk om een fiets te onderhouden. Het zand zorgt voor een heftige slijtage van het mechaniek.”

Autodidact Chris de Bode (1965), als fotograaf al jaren werkzaam voor meerdere hulporganisaties, kwam op een geheel andere manier met het wielrennen in aanraking. „Voor mij was het altijd al een jongensdroom om de Tour de France te volgen. Als ik zelf aan het fietsen was, droomde ik van de overwinning.” Toen De Bode, in hetzelfde jaar als Keulen, een prijs bij World Press Photo won in de derde categorie sport, kreeg hij een verzoek van de Italiaanse krant La Gazzetta dello Sport om een fotoreportage te maken van de Tour van Qatar. „Ze vroegen mij juist omdat ik geen sportfotograaf ben. Ik bekeek het wielrennen op een afstandelijke manier.”

Het resultaat van die ronde maakt deel uit van de expositie Tour de Monde die vandaag opent in de Kunsthal in Rotterdam. In tegenstelling tot Keulen beperkte De Bode zich niet alleen tot het Afrikaanse continent. Hij volgde ook het spoor van verscheidene pelotons in landen als Colombia, Cuba, Qatar en China.

Zijn felle kleurenfoto’s getuigen stuk voor stuk van een ironiserende visie op zowel de sport als het land. Zo fotografeerde hij in Qatar een fietsongeluk met een kameel, maakte hij in Colombia een foto van een militair met een groot geweer die de ronde op een brommer begeleidt en fotografeerde hij in Cuba een rustende wielrenner met een grote zak ijs op zijn kont. „Ik had wel nostalgische gevoelens bij dat beeld. Ik stelde me voor dat ze er in de jaren vijftig in Europa er ook zo bijlagen.”

Toch wil de Bode met zijn foto’s niet per se de boodschap doorgeven dat de wielersport in landen buiten Europa op dit moment ‘oorspronkelijker’ of ‘authentieker’ zou zijn. Ondanks het hele mediagebeuren en de dopingkwesties staat volgens hem het wielrennen in Europa nog steeds dicht bij de mensen. „Ik wilde met mijn foto’s vooral veel mensen bereiken en via deze sport laten zien dat het dagelijks leven doorgaat, ondanks de conflicten die er heersen.”

Volgens Keulen is er in het Afrikaanse wielrennen wel een zekere authenticiteit te vinden die in Europa verloren is gegaan. „Wij zijn bezig met het meten van een honderdste seconde om te bepalen wie er heeft gewonnen. Maar in Afrika wordt de finishlijn pas tien minuten voor het einde getrokken en is de winnaar dolblij met een prijs van vijftig dollar. Bij hun gaat het winnen nog om het winnen.”

Chris Keulen, ‘Hete glassplinters; le tour d’Afrique, 2008’, uitgever Ipso Facto. De expositie is t/m 14 sept. te zien in Centre Ceramique. www.centreceramique.nl.

Chris de Bode, ‘Tour du Monde’, uitgever Mets&Schilt, expositie is tot en met 7 september te zien in de Kunsthal in Rotterdam. www.kunsthal.nl