Gevraagd: een rustgevend kind

De overheid wil mensen meer mogelijkheden geven om werk en ouderschap te combineren. Het liefst met minder stress dan nu vaak het geval is.

In IJsland maken mannen massaal gebruik van vaderschapsverlof. Het geheim, zegt Oeso-econoom Willem Adema: werkgevers betalen verplicht drie maanden het salaris door van de jonge vader, drie maanden voor de moeder en vier maanden voor gezamenlijk verlof. De zaal zucht: wow. In Nederland krijgt de vader twee dagen vrij als zijn kind is geboren. Ouderschapsverlof mag hij dertien weken opnemen, maar dan onbetaald. Alleen werknemers van de overheid krijgen 70 procent vergoed. Gevolg is dat Nederlandse mannen amper ouderschapsverlof opnemen en een kwart van de moeders het laat schieten.

Minister Rouvoet (Jeugd en Gezin, CU) was gisteren op het congres ‘de kracht van het gezin’, in Lelystad, om ideeën op te doen voor de gezinsnota die hij in het najaar presenteert. Bij advies- en accountantskantoor PricewaterhouseCoopers in Nederland, wierp hij op, krijgen kersverse vaders sinds kort tien dagen betaald verlof. „Dat spreekt mij zeer aan. Ik verwacht dat meer werkgevers dat zullen doen om hun concurrentiepositie te versterken.” Maar de regering zal zoiets niet verplicht stellen, liet hij doorschemeren.

Zo krachtig is het gezin niet anno 2008, bleek uit de bijdragen aan het congres, van onder anderen pedagoog Micha de Winter, econoom Willem Adema en trendwatcher Carl Rohde. De meerderheid van ouders – hardwerkende anderhalfverdieners tussen de dertig en vijftig jaar – jongleert moeizaam met tijd en taken en moet opboksen tegen de vele verwachtingen die ‘men’ van hen heeft. Vrouwen moeten volgens de overheid meer uren maken op de werkvloer, maar ook meer kinderen baren die later weer uren kunnen maken op de werkvloer. Ze moeten gemiddeld dus eerder aan kinderen beginnen dan op de huidige leeftijd van 29 jaar.

Dát, onderstreepte Willem Adema, zullen ze alleen doen als een toekomst als werkende ouder een realistisch, aantrekkelijk perspectief wordt. In Duitsland is dat duidelijk niet zo: vrouwen krijgen daar gemiddeld nog maar 1,4 kinderen, tegen 1,7 in Nederland. Eenderde van de 40-jarige Duitse vrouwen is kinderloos. Om het tij te keren, heeft de Duitse overheid met werkgevers een Allianz für die Familie opgericht. Bedoeling is dat de gezinsnota van Rouvoet, net als in Duitsland, mensen meer mogelijkheden geeft om werk en ouderschap rustig te combineren.

Want ouders moeten er ook zijn voor hun kinderen en die goed opvoeden, vindt Rouvoet. De overheid kan helpen door flexibele werkweken te propageren, ouderschapsverloven uit te breiden en opvoedingssteun breed toegankelijk te maken. In elk geval moet „de waardering voor de opvoedingstaak van ouders hoger op de agenda”, vindt hij. Tijdens de debatten werd de kloof zichtbaar die gaapt binnen Rouvoets portefeuille: er is een grote groep ouders die opvoeden serieus neemt en vooral in de knel komt met ambitie en tijdsindeling. En een kleine groep die opvoeden ondoenlijk vindt, vervalt in mishandeling of verwaarlozing en grote afstand houdt van leraren, consultatiebureaus of hulpverleners.

Schrikbeeld voor de toekomst schetste trendwatcher Carl Rohde: hardwerkende man en dito vrouw, beiden druk en gestresst, wensen rustgevend kind voor in het weekend. Hij beschreef hun levensstijl. Drinkontbijt voor onderweg naar school, kant-en-klaarmaaltijden na een lange werkdag. Zogeheten kwaliteitsuurtjes met de kinderen en te veel toestaan uit schuldgevoel over de weinige uren die ze als gezin doorbrengen. Hoogwaardige gsm-relaties, zodat „je er voor hen bent, ook al ben je er niet”. En voldoen aan de druk van grote werkgevers die in advertenties beloven dat hun personeel five to nine voor klanten in touw is, ofwel ’s nachts. „Je zal er maar werken, als ouder”, aldus Rohde.