Haken met plastic tasjes, die ruiken naar makreel

Haakgoeroe Corrie geeft in Amsterdam cursussen haken met plastic zakjes.

Recycle kunstzinnig en maak je eigen brillenkoker, telefoonhoesje of schoudertas.

„Mijn man zuchtte: jij ook met je plastic zakjes.” Foto Roger Cremers Nederland, Amsterdam, 28-03-2008 Cursus haken met plastic tasjes in buurtcentrum 'de Kat' in Amsterdam-Oost. georganiseerd door Corrie PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS handwerken haken symboliek Cremers, Roger

„Mag ik een Wibraatje van je?” Achter een grote berg plastic zakjes zitten acht cursisten ijverig te haken. Met plastic tasjes dus. Docente en haakgoeroe Corrie van Huisstede noemt het ‘kunstzinnig recyclen’.

Eigenlijk vormen de dames in vrouwenruimte De Kat in de Amsterdamse Dapperbuurt een gezellig handwerkclubje. Koffie voor iedereen, de roze koeken gaan rond en er wordt heel wat afgekletst. „Praten en haken tegelijk, dat kon mijn moeder ook”, zegt Els (60). „Zij genoot ervan, maar ik vond haar gehaakte eierdopjes en pannenlappen tuttig.” Haken met plastic behoort volgens de cursisten niet tot de categorie: klassiek handwerk. Het is allesbehalve tuttig, maar juist stoer en milieubewust. Els: „Anders was ik het nooit gaan doen.” Ye-Tian (26): „Je gebruikt afval voor iets moois.”

Al snel wordt duidelijk dat haken met plastic meer is dan haken alleen. Het begint met de zoektocht – of beter gezegd: jacht – naar mooi bedrukte plastic tasjes die niet afgeven. Cursusleider Corrie heeft geluk: haar buurvrouw spaart bergen tasjes voor haar. Toch kan Corrie het soms niet laten. „Laatst ben ik op de Dappermarkt achter twee blauwe zakken aangehold die door de lucht waaiden. Mijn man verklaarde me voor gek. Maar het was zo’n mooie kleur blauw.”

Terwijl de andere dames al behoorlijk gevorderd zijn met hun zelfgehaakte tassen, telefoonhoesjes, brillenkokers en badmatten, is het voor Petra (62) vandaag de eerste keer. „Mijn origamicursus stopte. Dus ik was een beetje om me heen gaan kijken.” Ze kijkt vol bewondering naar de lopende haakprojecten en stelt voldaan vast dat de winkelmerken verdwijnen achter de haaknaald en de bonte kleuren overblijven. Haar overbuurvrouw Jenny (62) laat trots haar groen-wit gehaakte telefoonhoesje zien. „Gewoon zakjes van de Intratuin.”

Petra werkt graag met gebruikt materiaal. En ervaring heeft ze ook. „Ik heb weleens de hak van een schoen afgezaagd”, lacht ze. „En daar een kaarsenstandaard van gemaakt.” Volgens Corrie hoef je voor deze cursus geen ervaring te hebben. Ook al is het handig als je weet dat je haaknaalden in verschillende diktes hebt en nog belangrijker dat je een beetje kunt haken. Dat kan Petra gelukkig wel.

Maar met haken alleen ben je er nog niet. Eerst moet je knippen. Corrie: „De kunst is om een zakje zo te knippen dat je één lange reep overhoudt, die je kunt oprollen, net als een bolletje wol.” Petra neemt een zakje, knipt het hengsel er af en de kont. Dan rolt ze de zak op, knipt er inkepingen in en schudt op aanwijzing van Corrie alle repen los. De laatste stap is het schuine knippen. Binnen een mum van tijd zet Petra haar eerste steken met een bolletje plastic dat vijf minuten geleden nog een tasje van de Turkse groenteboer was.

Corrie leerde deze speciale kniptechniek – eigenlijk het grote geheim achter het haken met plastic – van een collega van de kinderopvang. „Zij vertelde me dat haar moeder met plastic haakte in een handwerkclub en dat sprak me meteen aan. Ik ben toen zelf thuis gaan experimenteren en voordat ik het wist, stond ik vorig jaar zelfgehaakte brillenkokers te verkopen op Koninginnedag.” Haar cursussen trokken meteen aandacht. „Cursisten vinden het een kick om van afval iets nieuws te maken, zeg maar kunstzinnig te recyclen. En als er iets mis gaat, is het geen ramp, het materiaal kost niks.”

Toch heeft plastic wel een paar nadelen. Een tasje kan bijvoorbeeld afgeven. Zeker die van kleine zelfstandigen die een eigen opdruk hebben, weet Corrie. Dus je moet goed selecteren. „Je kunt zweethanden krijgen”, oppert Els. „Ik had laatst een tasje dat stonk naar makreel”, vertelt een andere cursist. Over marktluchtjes kan Corrie meepraten. Niet bang voor een experiment probeerde ze de zakjes te luchten in de droger. „Gewoon twintig minuten, dacht ik, met een geurbuideltje erbij.” „Was je droger stuk?”, vraagt Anke (52) verbaasd. „Nee, gelukkig niet”, lacht Corrie. „Maar er kwam wel één grote bol plastic uit. Mijn man zuchtte: jij ook met je plastic zakjes.”